'You are now about to witness the strength of street knowledge.' Met die beloftevolle woorden van de toen 23 jaar oude Andre Romelle Young - beter bekend als Dr. Dre - opent zowel Straight outta Compton (1988), het op razernij en contrapuntische samples drijvende debuutalbum van NWA - afkorting van Niggaz Wit Attitudes - als de gelijknamige biopic die nu, bijna dertig jaar later, aan het West Coast-collectief is gewijd.
...

'You are now about to witness the strength of street knowledge.' Met die beloftevolle woorden van de toen 23 jaar oude Andre Romelle Young - beter bekend als Dr. Dre - opent zowel Straight outta Compton (1988), het op razernij en contrapuntische samples drijvende debuutalbum van NWA - afkorting van Niggaz Wit Attitudes - als de gelijknamige biopic die nu, bijna dertig jaar later, aan het West Coast-collectief is gewijd. Dre's woorden zijn niet loos: de film dropt je in het Compton van 1986, een arme voorstad van Los Angeles waar drugs- en politiegeweld welig tieren. Drugsloopjongen Eric 'Eazy-E' Wright (vertolkt door Jason Mitchell) ademt straatkennis. Een van zijn homies is Dr. Dre (Corey Hawkins), een getalenteerde dj die vaker zijn platen dan zijn pasgeboren baby streelt en die Eazy-E in contact brengt met O'Shea 'Ice Cube' Jackson (O'Shea Jackson Jr. - jawel, de zoon van IJsklontje), een dichter-rapper met een in vitriool gedoopte pen. Met de hulp van Eazy-E's drugsgeld richten ze samen met nog twee kompanen NWA op, en na een eerste successingle neemt Eazy-E manager Jerry Heller (Paul Giamatti) onder de arm. Die gelooft oprecht in hun talent, maar bedriegt hen ook royaal. In tegenstelling tot eerdere hiphopbiopics is dit rags-to-riches-verhaal niet (enkel) pocherig en oppervlakkig naar het bioscoopscherm vertaald. F. Gary Gray, die onder meer Ice Cubes script voor Friday (1995) inblikte, maakt er veeleer een episch melodrama van. Toegegeven, er zijn enkele scènes met slow-motion, bimbo's en gepimpte wagens die recht uit de hiphopclipcatalogus komen en de dames zijn groupies, bezorgde moeders of steunende eega's, maar in hoofdzaak focust Gray op karakterontwikkeling, racisme en de explosieve kracht van de muziek van NWA. Dat alles doet hij in een beheerste stijl die nu eens rustig, dan weer springerig is, op details inzoomt en profiteert van de gesatureerde beelden van Matthew Libatique, de huiscameraman van Darren Aronofsky. Samen met een dosis humor en een pompende soundtrack zorgt dat voor een opwindende rit, die helaas halverwege stilvalt. Na de zinderende genese van de protestsong Fuck da Police en het nationale succes dat daarop volgt - gevat in een sensuele long take tijdens een hotelorgie - verbrokkelt de groep en zakt de beat van de film. Gray haspelt de introductie en de exit van bepaalde personages af, verliest veel tijd met ruzies om geld en vijlt scherpe randen als stuitende misogynie en druggebruik eraf. Niet verwonderlijk als je weet dat Dre en Cube mee produceerden. Net wanneer je hen wil feliciteren voor het toch ietwat in toom houden van hun ego's rollen de credits over het scherm: tenenkrullende tv-fragmenten waarin brave NWA-leerlingen als Eminem hun meesters danken en ophemelen en zelfs de verkoop van Beats by Dre aan Apple de revue passeert. Bijzonder spijtig. Nu Straight outta Compton een onverwacht kassucces is - in de States bracht de film al meer dan 150 miljoen dollar op - staan er weer een aantal hiphopbiopics op de agenda. Als die even straf openen, niet al te nadrukkelijk de nalatenschap betonneren en een rauw portret durven op te hangen: bring 'em on, boy! STRAIGHT OUTTA COMPTON *** F. Gary Gray met Jason Mitchell, Corey Hawkins, O'Shea Jackson Jr. THOMAS VAN LOOCKE