Dit ben ik in mijn peignoir - of kamerjas in het mooi Nederlands. Mijn favoriete kledingstuk. Ik heb zes exemplaren, onderverdeeld in winter- en zomerpeignoirs - hier ben ik te zien in mijn geruite jas. En om het beeld compleet te maken: ik heb er niets onder aan - ook geen pantoffels. (Lacht) Ik draag het grootste deel van de dag een kamerjas. Dingen bedenken, muziek schrijven, ontspannen: ik doe het allemaal thuis in kamerjas. Mijn uniform, z...

Dit ben ik in mijn peignoir - of kamerjas in het mooi Nederlands. Mijn favoriete kledingstuk. Ik heb zes exemplaren, onderverdeeld in winter- en zomerpeignoirs - hier ben ik te zien in mijn geruite jas. En om het beeld compleet te maken: ik heb er niets onder aan - ook geen pantoffels. (Lacht) Ik draag het grootste deel van de dag een kamerjas. Dingen bedenken, muziek schrijven, ontspannen: ik doe het allemaal thuis in kamerjas. Mijn uniform, zou je kunnen zeggen. Je moet daar geen diepgaande filosofische redenen achter zoeken: het draagt gewoon gemakkelijk. Vroeger was ik bijna nooit thuis, nu ben ik er nagenoeg altijd. Ik werk er, ik woon er, en ik kom alleen nog buiten als ik moet optreden - toch nog altijd zo'n vijf keer per week. Ik had me ook zwetend en spelend op een podium kunnen tekenen, maar ik wilde de andere kant eens laten zien: ik in mijn huis, teruggetrokken. Mijn kantoor is de zetel, met een piano, een gitaar en een laptop binnen handbereik. Soms schrijf ik of ben ik aan een nummer bezig, maar even goed kan ik een uurtje surfen op de website van De Standaard. Dingen bedenken en schrijven is geen nine to five-baan: de ene dag bedenk je drie woorden, de andere dag gaat het als vanzelf. Mijn privéleven en werk lopen in elkaar over. Of dat niet voor voortdurende stress zorgt? Neen, ik heb geen stress meer. Ik geniet nu zelfs meer van het schrijven dan vroeger. Ik voel alleen nog stress net voor iets nieuws - nu met deze voorstelling bijvoorbeeld. Die laatste stap die je moet zetten, lijkt altijd onbereikbaar. Het is een kwestie van vertrouwen te blijven hebben in de goede afloop. Ik zie er wat uit als een in zichzelf gekeerde man.Nochtans denk ik dat ik dat niet ben. Ik heb wel minder lawaai dan vroeger. En neen, dat ligt niet aan de leeftijd - ik ben nog geen oude zak. Maar ik merk wel dat ik nog amper muziek op zet, iets wat ik vroeger altijd deed. Ik heb de stilte nodig tegenwoordig. Ik was bijvoorbeeld ook een nogal zware drinker, en daar ben ik een half jaar geleden helemaal mee gestopt. Ik heb een simpel leven nu, en dat doet deugd. Zie ik er wat ongelukkig uit op het portret? Geluk zit niet altijd in een stralend gezicht. Ik heb een toffe madame, met een zoon die ook voor mij heel veel betekent nu. Een rustig leven. We dromen nu zelfs van nog (een) kind(eren). Neen, ik zit in een zeer gelukkige periode. GEERT ZAGERS