1 Het programma krijgt elke dag een andere naam. Dat klinkt niet bijster overzichtelijk.

We willen de radiofonische tegenhanger van de scheurkalender zijn, en op dat idee zochten we een naam. Eigenlijk waren we eerst maar zeker van maandag wasdag en vrijdag visdag, maar we hebben raad gekregen van moeders en het Vlaamse Centrum voor Volkscultuur: dinsdag is strijkdag, terwijl donderdag kuisdag is. Woensdag gehaktdag hebben we dan weer van een slagerscampagne.
...

We willen de radiofonische tegenhanger van de scheurkalender zijn, en op dat idee zochten we een naam. Eigenlijk waren we eerst maar zeker van maandag wasdag en vrijdag visdag, maar we hebben raad gekregen van moeders en het Vlaamse Centrum voor Volkscultuur: dinsdag is strijkdag, terwijl donderdag kuisdag is. Woensdag gehaktdag hebben we dan weer van een slagerscampagne. Dat is waar. Bij wijze van research heb ik me ondertussen zelf al door een hoop lamme gein geworsteld. Anderzijds is de scheurkalender alom bekend en er zijn ook wetenschapsscheurkalenders, gedichtenalmanakken. Samen met de luisteraars zoeken we naar alles wat memorabel genoeg is om op de achterkant van zo'n blaadje te staan. We dachten in het begin eigenlijk dat we maar vragen voor hoogstens drie seizoenen konden bedenken: vierhonderd vragen per seizoen leek een berg werk. Dat luisteraars ons met vragen zouden bevoorraden, hadden we echt nooit kunnen denken. Moe is het woord niet. Werken op zaterdag is gewoon sociaal en familiaal nogal belastend. Ik leef onbewust ook in cycli van drie, vier seizoenen: het eerste seizoen is het moeilijke wennen, het tweede seizoen is het plezierigste en meestal het beste en tijdens het derde seizoen dreigt de automatische piloot het over te nemen. Dan wordt het tijd voor een nieuwe huid. Er waren er bijna zeshonderd, die hoe dan ook allemaal wel iets opmerkelijk hadden. Ik vond het eigenlijk wel grappig dat een van de redacteurs een lief heeft overgehouden aan de Eregalerij. Die was eerst erelid en dan pas lief, moet ik zeggen om onze objectiviteit niet in twijfel te trekken. Dat geeft een nogal vertekend beeld: Karel De Gucht heeft ooit gebeld om een min of meer aanvaardbare uitleg te geven hoe je balletjes kunt laten drijven in de soep, Patrick Janssen hing ook eens aan de lijn, net als een van de mindere goden van de N-VA, en iemand van Groen! mailde me wel eens. Maar ik denk niet dat zoiets zoveel bijdroeg tot een ander stemgedrag. Vroeger dacht ik dat de nieuwsdienst het toppunt van radiomaken was. Nu weet ik dat je als radiomaker buiten de nieuwsdienst meer speelruimte krijgt. De objectiviteit van een omroepjournalist ligt mij ook niet. Een van de vrijheden die ik me kan permitteren is dat ik binnen de grenzen van de welvoeglijkheid precies zeg wat ik wil. Ik vind het gewoon een mooie zin (uit Randy Newmans In Germany before the War; nvdr), maar ik zal niet ontkennen dat het ooit mijn grote ambitie was in mijn leven. Het is een langdurig proces om je ambities en talenten met elkaar in evenwicht te brengen. De radio is wel geen doekje voor het bloeden - ik heb die muzikale aspiratie al lang achter me gelaten. Natuurlijk klonk het voor geen meter! Wat wil je? Het was van moétens. Dat is de kwestie met de 'Pop Poll': als je een medaille wint, ben je verplicht ook iets te doen. (lacht) Ik houd trauma's over aan school in het algemeen - ik heb er negen in totaal afgelopen (lacht). Nee, nooit ergens buiten gevlogen. Daardoor ben ik dus een deskundige op het gebied van scholen, en ik kan zeggen dat er nooit leuke herinneringen bij waren aan wetenschapsvakken. Misschien was 'J&W' wel therapie, maar vooral zoete wraak (grinnikt). l Gunter Van Assche'ik kan me permitteren om binnen de grenzen van de welvoeglijkheid precies te zeggen wat ik wil.'