1 Brusselmans en jij schreven boeken die bol staan van de bal. Wat is literair zo aantrekkelijk aan voetbal?

Herman Brusselmans schreef samen met Tom Lanoye De Canadese Muur, en in mijn boek De Laatste Held speelt voetbal een cruciale rol. Ik kan maar spreken voor mezelf, maar in mijn jeugd was voetbal van het allergrootste belang - ik zat op een strenge kostschool. Je kunt misschien wel stellen dat het voetbal een allegorie is voor het leven.
...

Herman Brusselmans schreef samen met Tom Lanoye De Canadese Muur, en in mijn boek De Laatste Held speelt voetbal een cruciale rol. Ik kan maar spreken voor mezelf, maar in mijn jeugd was voetbal van het allergrootste belang - ik zat op een strenge kostschool. Je kunt misschien wel stellen dat het voetbal een allegorie is voor het leven. Doorheen de jaren heb ik mijn voetbalkennis natuurlijk bijgespijkerd - Cruijff speelde immers twintig jaar geleden zijn laatste match. Maar het wordt hard om hard, want Herman (Brusselmans; gva) is een minstens even grote voetballiefhebber. Dat merkte ik al na afloop van een gezamenlijke voorstelling, waar ook de buitengewone Jan Mulder was. Ze klinken niet echt mooi, hè? Bij Sporza kan ik me nu nog wel iets voorstellen, maar Quizta? ( verwonderd:) Oh! Dat staat voor Ik-wist-dat. 'k Wist dat niét. (lacht) Ach, ik denk dat je snel gewend raakt aan zulke woorden. Over een maand stoort het geen kat meer. Mijn vorige boek De Laatste Held gaf een blik in het verleden, terwijl Comeback! een beeld verschaft van een mogelijke toekomst. De hoofdfiguur Jimmy d'Amore is 55 jaar en zanger van The Hooligans of Love. Hij schrijft zijn memoires wanneer hem een comebackcarrière wordt aangeboden. Ik zou over twaalf jaar zo kunnen zijn, als ik niet uitkijk. (lacht)Maar ik denk niet ooit nog in een rockgroep te spelen. Wat ik met de Tröckener Kecks had, is me te dierbaar. Een comeback als rockzanger zou fout zijn. Ik had zo'n ongelooflijk plezier met die band - ik moet niet proberen dat kunstmatig opnieuw te beleven. Ik tour nu in Vlaanderen, met Jan Hautekiet aan de piano. We brengen verhalen, gedichten en veel muziek. We willen het volgende maand in De Bourla zelfs vastleggen op DVD. Ja, nu meer dan ooit. Ook nu denk ik volstrekt niet carrièregericht. Ik wil geen vaste vorm zoeken - daarmee zou ik mezelf tekort zou doen. Ik houd van het plezier van de verrassing, en laat me zomaar meedrijven met de stroom. Ik zie wel waar ik uitkom. Het komt inderdaad allemaal vrij gemakkelijk aanwaaien. Ik heb mezelf niet in de aandacht moeten wringen voor De Laatste Show - zij vroegen mij. Net zoals ik nu niet voorstelde: 'Nou, is het geen leuk idee om een sportshow te maken, met mij in het panel?' (lacht) Ik prijs mezelf gelukkig zomaar wat te mogen aanklooien, en dat anderen dat blijkbaar leuk vinden. Dat is voornamelijk gebaseerd op wat ik zélf verwacht van een performance. Je moet het publiek toch iéts geven? Ik word zelf bijvoorbeeld niet warm van iemand die naar de tip van zijn schoenen staart, terwijl hij binnensmonds zijn poëzie murmelt. Ik stond daar zelf nog niet echt bij stil. Misschien... In liedjesteksten heb ik vaak al het theater in gedachten - op het podium moeten die teksten kunnen knallen. Terwijl ik in mijn proza werk met heel korte zinnen - bedoeld voor één lezing. Ik ben nooit een grote voorstander geweest van zinnen met meer dan twee komma's. Goed, maar die selectie is ontzettend arbitrair. Voor die bloemlezing stoort Komrij zich niet aan algemene geboden, vaak gaat hij zelfs in tegen zijn criteria. Het is strikt Komrij, en verder kun je daar geen gezag aan ontlenen. Ik ben er wél heel tevreden mee... en het is natuurlijk vreselijk terecht. (lacht)DOOR GUNTER VAN ASSCHEIK PRIJS MEZELF GELUKKIG ZOMAAR WAT TE MOGEN AANKLOOIEN, EN DAT ANDEREN DAT BLIJKBAAR LEUK VINDEN.