Imogen Edwards-Jones
...

Imogen Edwards-Jones Standaard Uitgeverij, 268 blz., euro 15,95 Na Hotel, Beach, Air en Fashion Babylon snuffelt Imogen Edwards-Jones nu in de vuilniszakken van de smerigste der sectoren: de popbusiness. Voor Pop Babylon legde de schrijfster haar oor te luisteren bij een hoop managers, songschrijvers, popsterren en andere muziekluitjes. Nadien goot ze hun anonieme getuigenissen in een fictief verhaal over een uitgebluste manager die de indiescene beu gezien is en met een boysband snel wat poen wil scheppen. Stap per stap volgen we de rise and fall van de vijf heren van Band of Five in een relaas dat nog het meest als een handleiding 'Hoe begin ik mijn eigen boyband?' leest. Voor de geïnteresseerden: begin géén girlband ('Dubbel zoveel problemen. De helft minder opbrengst'), pas op voor het Yoko-effect (liefjes doen een band splitten) en zorg voor genoeg coke (een gepoederde neus doet nooit moeilijk). Het resultaat is een vlotlezend verslag achter de schermen uit de glitterwereld van Backstreet Boys, Boyzone en 5ive, maar het zijn toch vooral de terloops vertelde roddels en anekdotes die Pop Babylon kleur geven. Bijvoorbeeld: All Saints is gesplit na een ruzie over een jasje. Mötley Crüe heeft 'Kraft mayonaise, Grey Poupon Dijonmosterd, romige pindakaas van Skippy, een vier meter lange boa constrictor, een machinegeweer en het uurrooster van de lokale AA-afdeling' op zijn rider staan. En Lou Pearlman, manager van Backstreet Boys, liet ooit een kandidaat boysbandlid om twee uur 's nachts naar zijn huis komen, spreidde zijn benen en zei: 'Zoek zelf maar uit hoe je geselecteerd kunt worden.' En toch: alle sappige gossip ten spijt, konden wij ons niet geheel van de gedachte ontdoen dat Pop Babylon een decen-nium te laat komt. Elf jaar na Get Ready!'s Requiem 1998 zijn boybands even passé als Buffalo's, en ook in de muziekbizz is sinds de komst van Napster wel een en ander veranderd, hebben wij horen zeggen. Pop Babylon leest lekker weg en een boek dat met de zinsnede 'Kylie Minogue zat op mijn gezicht' begint, zullen wij nooit echt slecht vinden. Maar toch: als je er prat op gaat 'de geheimen van de popindustrie te onthullen', verwachten we meer dan wat inside-info over Blue en Boyz II Men. GEERT ZAGERS