Misschien hebben we weer nood aan meer punk, zei iemand onlangs.
...

Misschien hebben we weer nood aan meer punk, zei iemand onlangs. Ik dacht: daar denk ik eens even over na terwijl ik in Oostduinkerke naar de duinen en de zee staar. Soms is een mens al eens in Oostduinkerke, dat is op zich niet erg. Dat nadenken lukte niet, dus keek ik ter afleiding zeker niet op Popcorn Time naar de laatste aflevering van Top Gear. Ik hou evenveel van Britten als van auto's, dus dat kon niet fout lopen. Toen liep het fout. Top Gear is zijn hoogtepunt al een paar seizoenen voorbij en drijft nu vooral op herhalingen van ooit vernieuwende ideeën en auto-ironische uitvergrotingen. Hoe vaak kun je een dragrace houden? Wel, echt heel vaak, blijkbaar. En het gaat nooit vervelen. Toch niet als je zelf mag racen en vijf miljoen pond aan BBC-geld per uur verdient. Voor al de rest, helaas... neh, minder plezant. Te gast die week was Ed Sheeran. Dat is, zoals iedereen al wist, een muzikant. Ik had zijn naam al eens gehoord. Nu leek die Ed me maar een eikel. Maar eikels kunnen ook goede muziek maken. Dus spotifyen. Daar had de rest van de wereld intussen ook al aan gedacht, want zijn meest populaire nummers hebben bijna 200 miljoen, ja, hoe noem je dat zonder het belachelijke woord 'luisterbeurt' te gebruiken? Plays. 200 miljoen plays. Is dit het, nu, tegenwoordig? Ed Sheeran en zijn behangpapierpop? Echt? En ook: ben ik al zo oud dat ik me vragen moet stellen bij de popmuziek van tegenwoordig? Blijkbaar wel. Maar hey, zoals alle oude mensen zeggen: oud zijn is ook fucking sexy, motherfuckers. Ed Sheeran is nog jong, maar dat weerhoudt hem er niet van zinnen te schrijven als 'Darling, I will be loving you till we're seventy'. Wat een verschrikkelijke zin is dat nu? Niet grappig, niet romantisch. Wat gebeurt er na seventy? Wie zegt er nog 'darling'? Waar gaan we allemaal heen? Hoe proeft echte liefde ook alweer? Zou ik eens lenzen proberen? Boysbandmuziek met betere arrangementen. Wereldster. Ik weet niet goed wat er met muziek is gebeurd. Steeds meer mensen lijken dezelfde relatie te hebben met hun muziek als met hun telefoonhoesje. Het moet passen bij iets. Weet ik veel bij wat. Bij hun haar of hun stomme katten. Het imago dat ze voor zichzelf bedacht hebben terwijl ze in hun trainingspak in de zetel liggen met een telefoon vol microben. Er zijn echt veel betere manieren om bacteriën binnen te krijgen dan met een telefoon te spelen. Het lijkt wel alsof intensiteit uit is. In de plaats kwamen zelfbewustzijn en ironie. Niet meer de scherpe ironie die ooit een tegengif was voor de burgerlijkheid, maar een soort algemeen aanvaarde, moedeloze en defaitistische gelatenheid. Ach, het wordt oorlog. Ach, we hebben nul privacy over. Ach, de wereld vergaat. Zijn er nog chips? Ik weet niet of we opnieuw punk nodig hebben. Ik ben oud en heb al het gehoor van iemand die nog eens tien jaar ouder is. Maar meer fuck you en minder Ed Sheeran? Liefst nog voor ik weer uit Oostduinkerke vertrek, morgenavond. P.B. GRONDASTEEDS MEER MENSEN LIJKEN DEZELFDE RELATIE TE HEBBEN MET HUN MUZIEK ALS MET HUN TELEFOONHOESJE.