1 Judy Garland

Ze was pas 17 toen ze de hoofdrol speelde in The Wizard of Oz, maar werd in 1940 grandioos over het hoofd gezien. Vivien Leigh won voor Gone with The Wind.
...

Ze was pas 17 toen ze de hoofdrol speelde in The Wizard of Oz, maar werd in 1940 grandioos over het hoofd gezien. Vivien Leigh won voor Gone with The Wind. Bringing Up Baby uit 1938 wordt beschouwd als een van de beste screwball-comedy's ooit, maar voor Hepburn kon dat niet baten. De Award ging naar Bette Davis voor Jezebel. Bergman heeft in haar carrière drie Oscars gekregen, maar voor Casablanca (1942) was ze niet eens genomineerd. Ene Jennifer Jones kreeg de Oscar voor haar rol in het toch iets minder bekende The Song of Bernadette. Stewart speelde in de komedie The Philadelphia Story (1940) een van de beste rollen uit zijn carrière, alleen maakte zijn tegenspeler Cary Grant net iets meer indruk op de Academy. Zijn vertolking van detective Sam Spade in The Maltese Falcon uit 1941 is bijna synoniem geworden voor de film noir, maar een nominatie zat er niet in. Gary Cooper won voor Sergeant York. Nog een keer, ditmaal omdat zijn hoofdrol in Vertigo (1958) niet genomineerd werd - David Niven won dat jaar. De gigant van de Amerikaanse cinema regisseerde en speelde mee in Touch of Evil, een film die zijn tijd ver vooruit was. Dat bleek ook tijdens de Oscars, waar Burl Ives won voor Big Country. Met zijn hoofdrol in In The Heat of The Night (1967) brak de zwarte Poitier misschien een barrière, maar op de Oscaruitreiking werd wél zijn tegenspeler bekroond, de blanke Rod Steiger. De geschifte vertolking van McDowell in het uiterst gewelddadige A Clockwork Orange (1971) viel niet in de smaak. Gene Hackman won voor The French Connection. Apocalypse Now van Francis Ford Coppola kreeg in 1980 wel een paar Oscars, maar de hoofdrolspeler was niet genomineerd. Dustin Hoffman won voor Kramer vs. Kramer. Bekijk de vertolkingen die over het hoofd werden gezien op focusknack.be