Wanneer de film opent, bevindt Billy 'The Great' Hope (een indrukwekkend gespierde Jake Gyllenhaal) zich op de piek van zijn carrière. De beroemde bokser heeft het van weeskind in Hell's Kitchen tot wereldkampioen zwaargewicht geschopt. Dat heeft hij te danken aan zijn talent om ongeslagen uit de ring te klauteren. Zijn lieflijke dochtertje Leila mag 's avonds zijn schrammen tellen.
...

Wanneer de film opent, bevindt Billy 'The Great' Hope (een indrukwekkend gespierde Jake Gyllenhaal) zich op de piek van zijn carrière. De beroemde bokser heeft het van weeskind in Hell's Kitchen tot wereldkampioen zwaargewicht geschopt. Dat heeft hij te danken aan zijn talent om ongeslagen uit de ring te klauteren. Zijn lieflijke dochtertje Leila mag 's avonds zijn schrammen tellen. Maar het leven heb je niet in de hand, en door een bizar voorval ziet hij dat succes algauw voor zijn bont en blauw gemepte rechteroog verdampen. Hij verliest al wat hem dierbaar is - van zijn bevallige vrouw Maureen (een prima vertolking van Rachel McAdams), over zijn kast van een huis tot zelfs zijn wagens en de voogdij over zijn kind. Regisseur Antoine Fuqua, die naam heeft gemaakt met bikkelharde, door testosteron voortgedreven machovehikels als Training Day (2001), The Equalizer (2014) en Shooter (2007), kiest deze keer voor een sportdrama à la Million Dollar Baby en Rocky. Maar voor verrassingen bent u wel aan het verkeerde adres. Als een raging bull herkauwt hij zowat alle clichés van het genre. Van de gevallen kampioen die zich opnieuw laat coachen (door een niet onaardig acterende Forest Whitaker) tot de triomfantelijke final match: dit hebben we allemaal eerder en beter gezien. Maar als er een impactvolle geweldsequentie in elkaar wordt gebokst - en dat zijn er wel wat - doet Fuqua dat vakkundig, met snelle cuts en een razende intensiteit. Met de hulp van zijn vaste medewerker John Refoua en de trefzekere soundtrack van wijlen James Horner laat hij u het bloed en het zweet proeven en maakt hij de sfeer in de ring tastbaar. Anderzijds slaagt hij er zelden in een ziel in de bokshandschoen te stoppen, ook al bulkt het scenario van het conventionele sentiment. Een Clint Eastwood had met een dramatisch verhaal als dit op een goede dag ongetwijfeld het juiste evenwicht tussen ontroering en spanning gevonden. Fuqua blijkt op dat vlak een lichtgewicht, en mept Southpaw in de emotionele scènes compleet tegen het canvas. Gelukkig heeft Southpaw nog een andere troef in handen: zijn hoofdrolspeler. Aanvankelijk zou dat Eminem worden, maar die besloot wijselijk verstek te geven en mocht zich tevredenstellen met een rol als producent van het titelnummer op de soundtrack. Gelukkig maar, want Southpaw wordt gedragen door Jake Gyllenhaal - in kleerkastmodus. Dat verwrongen gezicht, die bebloede frons, die kathedraal van een lichaam die hij speciaal voor de opnames kweekte: de acteur uit Donnie Dark,Zodiac en Brokeback Mountain doet het weer. Oké, in vergelijking met zijn geflipte, ijzersterke prestatie vorig jaar in Nightcrawler is dit voor Gyllenhaal wellicht the usual stuff. Maar met een mix van geloofwaardigheid, overgave en intensiteit geeft hij de fysiek en emotioneel compleet uit zijn lood geslagen Billy Hope toch nog enige punch, en zet hij zijn sterke reeks vertolkingen (na ook Prisoners en Enemy) met succes verder. SOUTHPAW ** Antoine Fuqua met Jake Gyllenhaal, Rachel McAdams, Forest Whitaker ANDREAS ILEGEMS