'Als deze muren konden spreken, zouden ze sprookjes vertellen over passionele liefde, weelderige banketten en ongeëvenaarde grandeur.' Zo prijst het d'Angleterre zich aan. In dit paleis van een hotel in hartje Kopenhagen verzamelt zich een keure filmjournalisten uit de hele wereld voor de presentatie van Nymphomaniac. Die nieuwe film van Lars von Trier gaat al maanden over de tongen. Niemand zal te weten komen waarom de Deense regisseur die als een pornofilm bestempelt terwijl hij even weinig met porno te maken heeft als Pasolini's Salò, le 120 giornate di Sodoma of de boeken van Markies de Sade. Von Trier spreekt nog minder dan de muren. De regisseur van Breaking the Waves (1996) en Dancer in the Dark (2000) legde zichzelf een spreekverbod op nadat de pers in 2011 ruim weerklank had geboden aan zijn oliedomme uitspraken tijdens de persconferentie van Melancholia in Cannes. Zijn 'Ik begrijp Hitler... ik sympathiseer een beetje met hem', schoot bij het festival in het verkeerde keelgat. De eeuwige rebel werd persona non grata.
...

'Als deze muren konden spreken, zouden ze sprookjes vertellen over passionele liefde, weelderige banketten en ongeëvenaarde grandeur.' Zo prijst het d'Angleterre zich aan. In dit paleis van een hotel in hartje Kopenhagen verzamelt zich een keure filmjournalisten uit de hele wereld voor de presentatie van Nymphomaniac. Die nieuwe film van Lars von Trier gaat al maanden over de tongen. Niemand zal te weten komen waarom de Deense regisseur die als een pornofilm bestempelt terwijl hij even weinig met porno te maken heeft als Pasolini's Salò, le 120 giornate di Sodoma of de boeken van Markies de Sade. Von Trier spreekt nog minder dan de muren. De regisseur van Breaking the Waves (1996) en Dancer in the Dark (2000) legde zichzelf een spreekverbod op nadat de pers in 2011 ruim weerklank had geboden aan zijn oliedomme uitspraken tijdens de persconferentie van Melancholia in Cannes. Zijn 'Ik begrijp Hitler... ik sympathiseer een beetje met hem', schoot bij het festival in het verkeerde keelgat. De eeuwige rebel werd persona non grata. Zelfs nu er een nieuwe film te promoten is, houdt die persona de lippen stijf op elkaar. Drie acteurs zijn opgetrommeld om in zijn plaats de nieuwsgierigheid van de filmpers te stillen: nieuwkomer Stacy Martin, oude rot Stellan Skarsgård en Charlotte Gainsbourg, die zich eerder al blootgaf in Von Triers Antichrist - en daar in Cannes de prijs voor de beste actrice aan overhield. Charlotte Gainsbourg (°1971) leek voorbestemd om een leven lang 'dochter van' te zijn. Dat risico loop je als je mama mag zeggen tegen actrice en muzikante Jane Birkin en papa tegen Serge Gainsbourg, de Joods-Franse dichter die het chanson verrijkte met seks, Gitanes en de kunst van het provoceren. De verwachte strijd voor een plek onder de zon kwam er niet. Nog geen vijftien was Charlotte toen ze naam maakte met een bekroonde vertolking in Claude Millers L'effrontée (1985), geen zeventien toen ze haar sterke blend van fluisterzacht en ontembaar leende aan La petite voleuse (1988) van diezelfde Miller. Het is een kwarteeuw geleden. Op haar eigen tempo en onder haar eigen voorwaarden is Charlotte Gainsbourg als artieste in de belangstelling gebleven. Ofwel door albums uit te brengen met prachtnummers als The Songs That We Sing (met de levensvraag 'do they mean anything to the people I'm singing them to?'). Ofwel door te acteren in films als Antichrist (2009) en Ma femme est une actrice (2001), het regiedebuut van de Franse acteur Yvan Attal, de vader van haar drie kinderen. Nog geen minuut na haar entree is de sfeer in het voor ons gereserveerde salon van het d'Angleterre omgeslagen van plechtstatig naar gezellig. Ze schenkt zichzelf een kopje thee uit een zelf meegebrachte thermos uit, trekt haar knieën op alsof ze voor een haardvuur zit en vertelt, zacht maar beslist. Het oogt lieflijk, maar als de voornoemde muren oren hadden, dan stonden ze roodgloeiend. Gainsbourg vertelt geen sprookje over passionele liefde, weelderige banketten en ongeëvenaarde grandeur. Ze heeft het over porno, blowjobs, sm, penisprotheses en meer van dat. Met dank aan Von Trier, uiteraard. In het tweedelige Nymphomaniac speelt ze de titelrol. Voor dood achtergelaten in een steegje wordt nymfomane Joe opgeraapt door de aseksuele veelweter Seligman (Skarsgård). In diens armoedige appartement doet Joe het verhaal van haar zondige leven. Tegenover haar seksuele uitspattingen plaatst Seligman uitweidingen over vliegvissen, Bach, het Oosters Schisma, Fibonacci en de hoer van Babylon. CHARLOTTE GAINSBOURG: Het was drie keer totaal anders. Dat ligt vooral aan ons. Tijdens Antichrist was Lars er beroerd aan toe (een zware depressie verlamde hem, nvdr.). Ik dacht dat Lars gewoon zo was, dat al die moeilijkheden, paniekaanvallen en kwetsbaarheid een deel van het pakket waren. Tijdens Melancholia ging het al stukken beter met hem. Maar die film had een enorme cast en hij moest met iedereen bezig zijn. Ik had het daar moeilijk mee. Ik besefte wel dat de samenwerking onmogelijk zo innig kon zijn als tijdens Antichrist. Maar dat besef nam niet weg dat ik hem miste. Tijdens Nymphomaniac was ik zelf niet in mijn hum. Ik verloor een familielid van wie ik hield. Toch aan boord van de film blijven, betekende veel voor me. Von Trier besefte dat en stelde me voortdurend gerust - de schat hield mijn hand vast. GAINSBOURG: Was het maar. Ik zou zo graag zijn soulmate zijn. Maar net als de andere actrices ben ik slechts zijn werktuig. Soms meen ik een vorm van medeplichtigheid te ontwaren. Maar hij heeft de touwtjes in handen. Wat ik hem te bieden heb, is beperkt. Dat zeg ik echt niet om mijn werk te minimaliseren, dat is gewoon zo. Ik zou doodgraag zeggen dat we een innige relatie hebben en dat we elkaar begrijpen. Maar dat is niet zo. Zijn wegen zijn ondoorgrondelijk. Ik weet nooit waar hij naartoe wil. Ik sta telkens versteld. Maar dat maakt het werk net zo opwindend. De opnames waren ook deze keer extreem. Het geweld, het naakt, het gefilosofeer.... ik had de indruk dat we alle richtingen uitgegaan waren. Na twee intense maanden van totale onderdompeling ging ik naar huis zonder enig benul van wat Lars ervan zou maken. Ik probeerde me een film voor te stellen door me al mijn scènes voor de geest te halen. Maar veel leverde dat niet op. Op de eerste beelden heb ik bijna net zo lang als jij moeten wachten. Maar begrijp me niet verkeerd: ik ben gráág zijn instrument. GAINSBOURG: Mmm... Ik denk dat ik het fijn vind om gemanipuleerd te worden. Lars helpt me extremen te verkennen. Meerdere scènes waren een fameuze uitdaging. Sommige zijn ronduit onrustbarend en zwaar. Maar je mag niet uit het oog verliezen dat zulke scènes voor een acteur een buitenkans zijn. De ervaring is buitengewoon. Het grappige is dat ik in films graag gemanipuleerd of gebruikt wordt, terwijl ik er in de muziek op sta zelf het bevel te voeren. GAINSBOURG: Elke film is een manipulatie. Lars von Trier manipuleert niet meer dan een ander. Hij is als verteller erg gepassioneerd en eerlijk en combineert dat met gevoel voor humor, cynisme en uitwijdingen. Já, we worden gemanipuleerd, maar ik vind dat een goede zaak. GAINSBOURG: Serieus, waarom zou een vrouwenhater zo vaak vrouwen portretteren? Waarom zou hij zichzelf duizenden uren in de montagecel opsluiten met enkel beelden van vrouwen? Natuurlijk lijden de vrouwen in zijn films, dat maakt ze net interessant. Altijd mooie, gelukkige vrouwen moeten spelen, dát zou pas totaal oninteressant en unfair zijn. Neen, hij heeft geen grammetje vrouwenhaat in zich. Als je het mij vraagt, portretteert hij zichzelf in de film en zien we zijn lijden, zijn zelfhaat, cynisme, angsten, ideeën en onhebbelijkheden. Hij is zowel Joe de nymfomane als Seligman de maagd. GAINSBOURG: Zoals ik al zei: je weet nooit waar Lars heen wil. Er is geen voorbereiding. Dat is aan jou. GAINSBOURG: Moeilijke vraag. Sinds I'm Not There(de Dylan-film van Todd Haynes, nvdr. ) werk ik wel met een vaste coach. Ik voed me met zo veel mogelijk informatie. We bespreken de film, we proberen het personage te begrijpen en kijken naar het traject dat ze aflegt. Voor een opgeleide acteur klinkt dat wellicht idioot, maar ik heb nooit acteerlessen gevolgd. Voor mij was die benadering nieuw. En ze doet me goed. Ik wil over een scène of een personage kunnen praten zonder mijn relatie met de regisseur te bezoedelen. Een actrice heeft haar eigen keuken, haar eigen geheimpjes en technieken. De regisseur hoeft niet alles te weten. GAINSBOURG: Ik ben het niet eens met Joes cynisme en haat jegens de maatschappij - zo extreem ben ik niet - maar ik onderken haar kracht en zwakte wel. Ik heb veel empathie voor haar, ook al begrijp ik haar niet altijd. Ze is ervan overtuigd dat ze een slecht mens is, maar Seligman toont haar dat ze zichzelf te laag op heeft. Die evolutie grijpt me aan. GAINSBOURG: Dat is een slimme manier om jezelf te vieren. Daar hou ik wel van. (lacht)GAINSBOURG: Dat vraag ik mezelf ook af. (lachje) Het is dat ik zo van zijn films hou. Ik ben bereid om heel ver te gaan voor hem. Met zo'n briljant kunstenaar zo intens mogen samenwerken is een uitgelezen kans. Veeleisende rollen zijn zeer verslavend, maar ze liggen niet voor het rapen. GAINSBOURG: Natuurlijk niet. Ik was net bevallen en gaf nog borstvoeding: ik was naakt allesbehalve op mijn gemak. Maar ik wist dat Von Trier me niet zou verraden. Ik heb hem op de eerste dag van Antichrist mijn volledige vertrouwen geschonken en dat heeft hij nooit beschaamd. De baby zorgde voor een gezond evenwicht. Overdag deed ik al die voze dingen, 's nachts wiegde ik mijn baby en was ik de onschuld zelve. (lacht)Mijn dochter heet Joe net als mijn personage in Nymphomaniac. Stom toeval, maar ik vond het niet prettig. Omdat ik eerst was, heb ik Lars gevraagd om de naam van het personage te veranderen. Maar dat wilde hij niet. Het was te belangrijk voor hem, hij stond op een jongensnaam. GAINSBOURG: Inderdaad nog een reden om die naam niet te veranderen. Het idee om mij dat nummer te laten zingen, kwam wel vrij laat. Pas tijdens de postsynchronisatie vroeg Von Trier of ik het zag zitten. Ik heb meteen getelefoneerd naar Beck (de Amerikaanse muzikant deed de productie van Gainsbourgs album IRM en schreef ook bijna alle nummers, nvdr.) die me heeft geholpen. Muziek was opnieuw een reddingsboei. Tijdens Antichrist had ik veel aan satanische muziek en heavy stuff zoals de Carmina Burana. Deze keer hielp vooral de muziek die je in de film hoort: van Bach tot Burning Down the House van Talking Heads. GAINSBOURG: Heb je de film dan niet gezien? Keuze te over! (lacht) De blowjob was zwaar werk. Ik deed het met een prothese, maar die zag er vreselijk echt uit. Ik schaamde me diep. De masochistische scènes vond ik grappig omdat ze zo extreem waren. Niet hahaha-grappig, maar gênant en vernederend grappig. Na het lezen van het scenario had ik een brute beul in gedachten, maar wie laat Von Trier de zweep hanteren? Zo'n lieve, mooie, delicate jongeman als Jamie Bell (de dansende mijnwerkerszoon uit Billy Elliot, nvdr. ). Ongelofelijk, toch? 's Ochtends vroeg een plastic vagina opgelijmd krijgen omdat mijn personage 'daar beneden' op het einde van de film totaal vernietigd is, was ook geen lachertje. De close-ups hebben de bioscoopversie niet gehaald. Daar zou je Von Triers lange versie voor moeten zien. GAINSBOURG: Dat is mijn kont niet. De sm zelf is gefilmd met een dame die bereid was om het te doen. In de postproductie hebben ze mijn gezicht gecombineerd met haar kont zodat het lijkt alsof ik de klappen opvang. Alle echte seks werd overgelaten aan pornoacteurs. GAINSBOURG: Dat valt af te wachten. Zelf ben ik alvast niet geshockeerd. Van die scène waar ik tussen twee naakte zwarte mensen lig, moet je de humor toch inzien.DOOR NIELS RUËLLCharlotte Gainsbourg 'WELKE SCÈNES ME HET ZWAARST VIELEN? HEB JE DE FILM DAN NIET GEZIEN? KEUZE TE OVER!'