Zijn schreeuwerige Hawaïhemden draagt John Lasseter nog steeds, maar de medeoprichter van de Pixar Animation Studios is niet langer de flapuit uit de begindagen van Toy Story - hun eerste langspeler uit 1995. Sinds Lasseter het creatieve beleid van zowel Pixar als Disney mag uitstippelen, neemt de 52-jarige Chief Creative Officer beduidend vaker de woorden ' great' and ' fantastic' in de mond, terwijl hij kritische vragen over de nieuwe projecten als een volbloed zakenman omzeilt.
...

Zijn schreeuwerige Hawaïhemden draagt John Lasseter nog steeds, maar de medeoprichter van de Pixar Animation Studios is niet langer de flapuit uit de begindagen van Toy Story - hun eerste langspeler uit 1995. Sinds Lasseter het creatieve beleid van zowel Pixar als Disney mag uitstippelen, neemt de 52-jarige Chief Creative Officer beduidend vaker de woorden ' great' and ' fantastic' in de mond, terwijl hij kritische vragen over de nieuwe projecten als een volbloed zakenman omzeilt. De verantwoordelijkheid die Lasseter sinds mei 2006 draagt - toen Pixar door Disney werd overgenomen voor 7,4 miljard dollar - is dan ook niet min. Niet alleen moet hij een vervolg zien te breien aan het bijna mythische succesverhaal van zijn geesteskind Pixar, dat met het alweer uitstekende Up zijn tiende hit op rij te pakken heeft. Hij moet zijn succesformule ook naar Disney zien te importeren, want dat kan een creatieve boost goed gebruiken. Vandaar dat Lasseter zorgvuldig zijn woorden wikt als je hem vraagt of de twee animatie-instituten met hun verschillende tradities en structuren wel te verenigen vallen. Is het wel een goed idee om personeel van de ene studio naar de andere over te hevelen? En is het wel verstandig om, net als de concurrenten van DreamWorks en Fox Animation, keihard in te zetten op 3D, iets waar zowel Disney als Pixar inhet verleden omzichtig meeomsprong ? 'Bij ons is 3D geen gimmick', benadrukt Lasseter. 'Tuurlijk spelen er commerciële motieven mee en tuurlijk hoopt de industrie aldus een kijkervaring aan te bieden die thuis onmogelijk te kopiëren valt. Alleen is de 3D-techniek de jongste jaren spectaculair verbeterd. Die nieuwe mogelijkheden willen we volop benutten. Aan onze succesformule veranderen we echter niets. We willen nog altijd sterke verhalen vertellen rond interessante personages in een geloofwaardige wereld. Trouwens, Pixar heeft eigenlijk altijd al digitale 3D-films gemaakt, alleen moet je nu ook al eens zo'n brilletje opzetten.' Lasseter: Bij Pixar is het ons nooit te doen geweest om de technologie alleen. In de hele geschiedenis is er niet één voorbeeld te vinden van een film die zijn succes alleen aan een vernieuwende technologie te danken heeft. Het zijnde verhalen en de personages die het publiek weten te raken. En dat is ook altijd het credo geweest bij Disney, waar ik gevormd ben. Vandaar dat ik de digitale technologie altijd als een middel en nooit als een doel op zich beschouw. Bij een handgetekende animatiefilm is er niemand die zegt: 'Wat een fantastische potloden heb je gebruikt.' Maar om de een of andere reden denken mensen dat technologie bij digitale animatie wel doorslaggevend is. We zijn en blijven computergeeks en Steve Jobs (de Applepeetvader die mee aan de wieg stond van Pixar en momenteel de grootste aandeelhouder is van Disney-Pixar; nvdr. ) heeft een enorme bijdrage geleverd aan ons succes. Onze opdracht blijft echter dezelfde: de juiste technologie vinden - hetzij 3D, hetzij 2D - om het verhaal zo goed mogelijk te vertellen. Lasseter: Voor beide studio's is het van cruciaal belang om de verschillende media volledig te beheersen en vooral om de limieten ervan te erkennen. Mocht Toy Story bijvoorbeeld met de hand getekend zijn, dan was het resultaat nooit zo interessant geweest. Die glimmende plastic helm van Buzz Lightyear kun je met gewone tekeningen immers nooit even geloofwaardig weergeven. De bayous van New Orleans uit Princess and the Frog zou je met computermodellen dan weer nooit zo sfeerrijk kunnen maken, laat staan dat zoiets in de traditie van de Disneysprookjes zou passen. Je moet beseffen wat je beperkingen zijn. Dat is ook de reden waarom we bij Pixar tot The Incredibles hebben gewacht om menselijke personages te creëren. Vroeger waren we er gewoon niet goed genoeg in. Als je naar Ratatouille en Up kijkt, zie je echter dat zowel de huid als het haar steeds realistischer wordt. Lasseter: Ze nemen allebei ongeveer vier jaar in beslag. Computers kunnen bepaalde productieprocessen wel versnellen, maar je moet je film nog altijd frame per frame uitwerken. Lasseter: Omdat de projectiekwaliteit enorm verbeterd is. Ik ben indertijd met computeranimatie begonnen omdat het de verhalen meer diepgang en textuur gaf. Met de nieuwe, stereoscopische 3D kun je daarin nog verder gaan. Tenminste, als het geen effectenjagerij wordt en als de verhalende illusie niet verstoord wordt, wat bij veel 3D-films het geval is. De nieuwe versies van Toy Story 1 en 2 bevatten hooguit een paar 3D-effecten en ook in Up - een film die nochtans voor 3D geconcipieerd is - springen we er heel subtiel mee om. Lasseter: Helemaal niet. Ik houdgewoon van klassiek vakmanschap. Het is ook vintage Disney, zeker wat de sprookjes betreft. Mensen zullen goede handgetekende animatie nooit beu worden, net zoals de tekeningen van Michelangelo of Rembrandt nooit gedateerd zullen zijn. Schoonheid is tijdloos. Kijk naar Bambi. Die film is nog altijd even levendig als toen hij in de zalen kwam. Goede animatie - handgetekende of digitale - veroudert nu eenmaal minder snel dan liveaction, omdat je er volledig unieke werelden mee kunt creëren. Denk je dat Up zo goed scoort omdat we huid en haar beter kunnen weergeven dan vroeger? Tuurlijk niet.De film scoort omdat de technologie unieke personages tot leven brengt, zoals Dug de hond of Carl de krasse knar. Binnen honderd jaar zullen die de mensen nog altijd aan het lachen brengen omdat ze écht zijn en je in hen kunt geloven. Lasseter: Een studio is geen gebouw. Een studio is de mensen die er werken. Wat we van Pixar naar Disney hebben geëxporteerd, is de notie dat de studio geleid wordt door regisseurs, niet door zakenlui. We hebben de oude Disney-hiërarchie afgeschaft en het creatieve beleid aan de regisseurs gegeven, maar met respect voor de traditie en de mensen die er werken. Beide studio's zijn trots op hun erfenis en aan die van Walt Disney - die al 85 jaar meegaat - willen we uiteraard niet raken. Pixar heb ik zelf mee opgericht, dus ook over die erfenis waak ik met hart en ziel. Zo zullen er altijd verschillen zijn tussen beide studio's. We zijn als neven. We helpen elkaar en geven kritiek, maar respecteren elkaars individualiteit. Lasseter: (Beslist) Ik heb in mijn carrière nooit compromissen gesloten en zal dat ook nooit doen. Zolang we succesvol blijven, zal er ook niemand komen zeuren. Blijvend succes is in Hollywood zo'n zeldzaamheid dat het automatisch autonomie creëert. Lasseter: We beginnen alleen aan een sequel als het verhaal minstens even goed of beter is dan dat van het origineel. We doen het niet enkel om geld te printen. Alle Pixarfilms zijn honderd procent origineel, dus is er niets mis mee om nieuwe verhalen te vertellen met personages die we zelf hebben verzonnen en die het publiek blijven boeien. Tuurlijk zijn sequels enorm lucratief, maar het creatieve aspect blijft doorslaggevend. Kijk naar Toy Story 2, die werd nog beter onthaald dan de eerste. En ik kan je verzekeren: ook Toy Story 3 en Cars 2 worden absolute knallers. Lasseter: We zijn vier jaar geleden aan die film begonnen en toen had niemand nog van Obama gehoord. Ik vond het meteen een geweldig idee, maar het was zeker geen bewuste strategie. Lasseter: Ik vind het fantastisch en kijk er enorm naar uit, maar nu probeer je... Euhm. Kunnen we het over iets anders hebben? Lasseter: (Lacht) I'll leave it at that. Bedankt. Door Dave Mestdach