Vrijdag 3/8, 20.25 - Ned 3. Gus Van Sant, VS, 2008
...

Vrijdag 3/8, 20.25 - Ned 3. Gus Van Sant, VS, 2008 van Gus Van Sants jongste langspeler (de terminale tienerromance Restless) lag vorig jaar niemand echt wakker, met voorganger Milk uit 2008 was dat wel even anders. In die alom geprezen biopic voerde de meest consistente Amerikaanse regisseur van de jongste 25 jaar, net als in My Own Private Idaho, Elephant en ParanoidPark, opnieuw een verdoemde outcast ten tonele. Alleen ging het deze keer niet om een hormonaal verwarde adolescent, maar om een homoseksuele veertigplusser die tegen wil en dank uitgroeide tot een nationaal icoon. Harvey Milk (1930-1978) was de eerste openlijk homoseksuele wethouder van de VS. Op 27 november 1978 werd hij in het stadhuis van San Francisco, samen met de toenmalige burgemeester George Moscone, neergeschoten door diens politieke rivaal Dan White. Hoewel Milks biografie zich makkelijk leent tot een sentimenteel bidprentje focust Van Sant zonder veel meligheid en met zin voor nuance op de sleutelmomenten uit Milks leven en carrière. Hoe hij begin jaren zeventig samen met zijn vriendje een fotowinkel opent in het Castrodistrict, de hedonistische homowijk van San Francisco. Hoe hij zich eerst zonder veel ambitie of politiek succes voor de buurtbewoners begint te engageren. En vooral: hoe hij al doende en haast zonder het zelf te beseffen uitgroeit tot het symbool van de homorechtenbeweging. Bovendien worden de personages die Milk omringen geenszins in een karikaturaal keurslijf geduwd. Zelfs moordenaar Dan White, die wegkwam met doodslag en slechts vijf jaar moest brommen, wordt eerder neergezet als een gefrustreerde schlemiel dan als een wraakzuchtige blanke conservatief die homorechten als een perversie van de permissieve samenleving beschouwt. Tussen de nu eens poëtisch gefilmde, dan weer bijna documentair ogende reconstructies - waarbij Van Sant echt archiefmateriaal inlast - sluimert dan ook een boodschap van tolerantie en politieke waakzaamheid. Maar dan zonder het moraliserende vingertje te heffen of de visuele en dramatische coherentie te doorbreken. Let daarbij op het exquise camerawerk van Harris Savides, die eerder ook al Van Sants longtake-trilogie (Gerry, Elephant en Last Days) fotografeerde. Of op de prima acteerpres-taties, met voorop Sean Penn, die voor zijn glansrol zijn tweede Oscar kreeg. Die laatste laat zijn pathetische tics volledig achterwege en ontroert als de licht verwijfde homomartelaar die zijn testament, kennelijk in een profetische bui, al een jaar voor zijn dood vastlegde op band. Een uitgekiende en aandoenlijke geschiedenisles dus. En een actuele, zeker nu vulgaire homofobie en plat populisme opnieuw in opmars zijn. DAVE MESTDACH