1966

Film: ***

Extra's:

Twin Pics (Franse import; geen Nederlandse onderschriften)

Tony Richardson (ex-echtgenoot van Vanessa Redgrave en vader van de onlangs overleden Natasha Richardson) dankt zijn reputatie van ongekroonde koning van de Free Cinema voornamelijk aan zijn vroege sociale drama's in onvervalste kitchen sink-stijl. Al vrij snel in zijn carrière ging hij echter de internationale toer op en filmde hij in Frankrijk, Italië, Griekenland, Egypte, Californië en Australië.

Mademoiselle, gedraaid in het verlaten dorp Le Rat in Limousin en gebaseerd op een verhaal van Jean Genet, was oorspronkelijk een project van Joseph Losey, die voor de titelrol Romy Schneider op het oog had. Maar Jeanne Moreau en Richardson, met wie de Franse ster absoluut wilde samenwerken, waren hem te vlug af en kochten met hun tweeën de rechten. Zoals je van een Genetbewerking kunt verwachten werd Mademoiselle een - zeker voor die tijd - schokkende film: de mix van wreedheid, zinnelijkheid, seksuele onderdrukking, antiklerikalisme, vreemdelingenhaat en dierenmishandeling veroorzaakte bij de vertoning in 1966 op het filmfestival van Cannes een regelrecht schandaal.

Met haar vicieuze pruilmondje, haar afgemeten manier van praten, haar outfit van oude vrijster en haar kille aanblik waaronder een hunkering naar fysieke liefde smeult, zet la Moreau een onvergetelijk personage neer. Haar mademoiselle is een zedige, maar zwaar gefrustreerde dorpsonderwijzeres die in het geniep boerderijen in brand steekt en bronnen vergiftigt. De verdenking in de bekrompen boerengemeenschap valt op een Italiaanse houthakker die bij het dorp seizoensarbeid verricht. De strenge juf doet niets liever dan diens ongewassen zoontje vernederen, maar ze geilt stiekem op de vader. Die stoere bink brengt door zijn ongegeneerde erotische uitstraling het plaatselijke vrouwvolk in vervoering en haalt zich in een moeite door de haat van hun jaloerse mannen op de hals.

Als de onderwijzeres dan toch aan haar opgekropte driften toegeeft, ensceneert Richardson hun nachtelijke vrijpartij in het woud, in het veld en aan het meer als een D.H. Lawrence-achtige extase waarin de copulerende mens één wordt met de dominante natuur.

Niet alleen Moreaus vertolking is om van te snoepen, ook stilistisch gooit Mademoiselle hoge ogen: de lumineuze zwart-witfotografie van David Watkin (prachtig hoe de vlammen van de brand die Moreau heeft aangestoken, in haar ogen worden weerkaatst) en de knappe Cinema-scopebeeldcomposities schenken een esthetische kracht aan taferelen die bij een minder artistieke transpositie alleen maar rauw naturalistisch waren geweest.

Patrick Duynslaegher