1 Ook al lijkt op het eerste gezicht een kat centraal te staan in je boek, in werkelijkheid gaat het over de futiliteit van het menselijke verlangen en alle menselijke streven, toch?
...

1 Ook al lijkt op het eerste gezicht een kat centraal te staan in je boek, in werkelijkheid gaat het over de futiliteit van het menselijke verlangen en alle menselijke streven, toch? Maartje Wortel: Mijn personages zijn inderdaad altijd op zoek naar iets, naar liefde, god of dat wat mensen met elkaar verbindt. Ze willen altijd alles weten en dat zit hun welbevinden in de weg. Wanneer je verliefd bent, moet je uitspraken doen over je identiteit, wie je bent en wie je samen wilt worden. Dat vind ik lastig en beknellend. Ik denk daarentegen dat wanneer je alle ideeën loslaat je dichter bij het ervaren van de realiteit komt. In mijn boek wil ik de lezer dat aan den lijve laten voelen. Het heeft geen plot die van het begin naar het einde loopt, maar is eerder een stapeling waarin allerhande onderwerpen aan bod komen, wat tijd is bijvoorbeeld en wat realiteit. Mijn boek is eerder een vrije val, iets ongrijpbaars. 2 Je roman bulkt inderdaad van de non-fictie. Hij gaat over wetenschap, kunst en filosofie. Is dat gewoon zoals je bent of is het een manier van schrijven? Wortel: Ik denk heel springerig. Toen ik begon te schrijven, merkte ik dat ik dat springerige eruit haalde, wat ik zonde vond, omdat ik er dan een bepaalde beweging uit haalde. In dit boek wilde ik die beweging bewaren. Ik ben dus veel meer Dennie is een star dan ik indertijd IJstijd was. Ik denk zoals dit boek geschreven is, associatief en paradoxaal. Ik kan bijvoorbeeld wel zeggen dat ik dingen wil loslaten en geen greep wil hebben op de werkelijkheid, maar intussen is niemand zo'n controlefreak als ikzelf. Dat is mijn manier van leven en creëren. In de fysica heb je deeltjes en antideeltjes die elkaar in stand houden. In mij is dat ook zo. 3 Zie jij je behoren tot een nieuwe generatie Nederlandse schrijfsters, samen met Niña Weijers en Hanna Bervoets? Wortel: We schieten inderdaad heel goed op met elkaar, maar allicht komt dat precies doordat we zo verschillend bezig zijn. Ieder heeft zijn eigen stijl. De enige lijn die ik zie, is dat er nu meer vrouwelijke schrijvers zijn die zichzelf kunnen zijn. Toen ik begon te schrijven wilde ik niet te zacht schrijven omdat ik vreesde in een hoek weggezet te worden. Nu is die vrees weg en doe ik gewoon mijn zin.