Laat het los
...

Laat het los Jan Verheyen tracht het multiculturele debat aan te zwengelen met een 'politiek incorrecte' romcom die nooit voorbij de slogans en clichés geraakt. Jan Verheyen Pepijn Caudron, Koen de Graeve, Jaak Van AsscheTelkens als Jan Verheyen de ernstigere toer opgaat - denk aan Alles moet Weg en Vermist - zou een mens haast heimwee krijgen naar zijn mercantiele genreoefeningen à la Flamande. En met deze grappig-ernstige verfilming van het semi-autobiografische boek van Tom Naegels is dat helaas niet anders. In Los peilt Verheyen naar de verzuringsgraad van de Vlaamse bevolking, Of beter: het Antwerpse deel van die bevolking, van wie de ph-waarde zoals bekend een stuk hoger ligt. Dat doet hij aan de hand van de afwisselend tragische en komische lotgevallen van journalist Tom, die - afgaande op de looks, tics en intonatie van acteur Pepijn Caudron - veeleer naar hemzelf, dan naar Naegels lijkt gemodelleerd. Het verhaal in een notendop? De 28-jarige Tom schrijft humaninterestartikels voor een roddelkrant, maar wil het liefst diepgravender journalistiek werk verrichten. Bovendien staat hij op het punt om zich te settelen met zijn burgerlijke liefje, terwijl hij deep down nog altijd naar vrijheid en avontuur hunkert. Alle ingrediënten voor een kloeke quarterlife-crisis zijn aanwezig. Bij zijn ontmoeting met de Pakistaanse asielzoekster Nadia laait het multiculturele vuur in zijn hart even hoog op als de spanningen met allochtone jongeren in de straten van Borgerhout. Hoewel Tom - die regelmatig in Alfie-modus rechtstreeks het publiek toespreekt - er meteen bij vertelt dat niet alles écht gebeurd is, schetst Naegels daarmee het verhaal van zijn leven en werk anno 2002, toen de onrust in Borgerhout een kookpunt bereikte. Materiaal genoeg dus voor een persoonlijke én relevante dramedy. Alleen posteert deze sociaal gemarineerde romcom zich lukraak tussen de slogans en wordt desnoods zelfs van polderfascisten een feelgoodkarikatuur gemaakt om toch niemand - links of rechts, blank of zwart - tegen de borst te stoten. Terwijl Jaak Van Assche racistische praat verkoopt als Toms opa - het prototype van de verrechtste socialist die hardop zegt wat de rest zou denken - worden plat en simplistisch dan ook om de haverklap met volks en authentiek verward. Bovendien mist de film ook visueel een energieke schriftuur. Zelfs de hippe montagesequenties hebben, met uitzondering van de reconstructie van de straatrellen, ongeveer evenveel impact als Luc Lamine die Abou Jahjah verzoekt om een sussende toon aan te slaan. Daar voegt Verheyen nog enkele groteske faux pas aan toe, zoals de scène met The Strangers die hun Ziekekas-hit nog eens van onder het stof halen. Of die waarin Van Assche als terminaal zieke, om euthanasie smekende bompa een ziekenhuiszaal staat onder te schijten. Zo krijg je een gepolijst prefabproduct dat meer aan de commerciële slimmigheid van een productieatelier uit Brasschaat dan aan de doorleefde sociale ontevredenheid van de barakken van Borgerokko lijkt ontsproten. Politieke incorrectheid, maar dan wel met een héél rozig feelgoodstrikje om. Dave Mestdach