Elke woensdag û 22.05 VTM
...

Elke woensdag û 22.05 VTM Elke vrijdag û 21.00 Canvas Elke zondag û 22.00 Canvas Elke dinsdag û 21.30 VT4 Elke zondag û 22.00 VTM Elke zondag û 20.50 VTM Elke vrijdag û 20.00 één Elke woensdag û 21.15 één Elke vrijdag û 21.10 één Typisch Belgisch is atypische tv: het is hondstraag, zit vol banale onderwerpen en gesprekken en heeft niet echt een afgerond verhaal - je valt er pardoes in en gaat er even abrupt weer uit. Maar wie de moeite doet om even door te bijten, wordt onherroepelijk meegesleept in de wereld die reportagemaker Peter Boeckx laat zien. Nergens geeft Boeckx commentaar op zijn onderwerpen maar doordat hij zijn beelden zo perfect kiest, weet hij toch telkens de gevoelens van de kijker te sturen. Frietkoning Lucien Decraeye uit de eerste aflevering zou in de meeste documentaires een beetje belachelijk worden gemaakt, maar in Typisch Belgisch werd hij een aandoenlijke man die oprecht gelooft in wat hij doet, en dat maakte de finale des te ontroerender. Michel Verschueren werd dan weer heel efficiënt van zijn zelfgemaakte imago beroofd, in een film die zowel hilarisch (de boekenruil tussen Verschueren en Herman De Croo) onthullend (Mister Michel die aangesproken werd op zijn 'promotie') als schrijnend (Verschuerens vrouw die tevergeefs hengelde naar een afspraakje om 's middags te eten op Anderlecht) was. Maar die twee afleveringen staan toch in de schaduw van Geel, een waardig portret van enkele psychiatrische patiënten in pleeggezinnen en een van de mooiste documentaires van de laatste jaren. Toen De Bende van Wim werd uitgezonden, leek Michiel Hendryckx me altijd degene die de jongensachtige humor in het programma het minst kon waarderen. Nu hij op zijn eentje de Franse binnenwateren af mag varen, wordt dat vermoeden bevestigd: Het Bourgondisch Complot is een ernstig programma, waarin de fotograaf met een sacrale blik over glooiende landschappen tuurt, op een verheven toon verhalen vertelt en zijn eigen vreemde trekjes belicht. Die sérieux maakt van Het Bourgondisch Complot een makkelijke prooi - je kunt er zo een parodie op verzinnen - maar na een paar afleveringen won Hendryckx het toch van mijn scepsis. De inzichten die hij aanbrengt, zijn meestal interessant, het programma zit vol leuke anekdotes en de beelden mogen er absoluut wezen. Het Bourgondisch Complot is natuurlijk verre van perfect. Af en toe wordt het wat te banaal - Patrick Riguelle die couscous malinois maakt, het koffieritueel op het einde - en de egotripperij van Hendryckx durft ook wel eens op de zenuwen te werken: soms krijg je het gevoel dat de gasten enkel uitgenodigd zijn opdat de reisgids er een flink eind tegenop zou kunnen lullen. Maar er zijn gelukkig genoeg mooie momenten om daar zonder al te veel problemen overheen te stappen. Een programma waar ik met enige reserves tegenover stond: Wim Opbrouck die oude vrouwtjes gaat interviewen over de liefde? Geef mij maar een avondje kleurenwiezen in het plaatselijke bejaardencentrum! Week van Liefde is echter ook zo'n valse trage, tenminste toch als je ietwat nostalgisch aangelegd bent. De gasten die verrassend welbespraakt over hun vervlogen leven en liefdes vertellen, de sobere en mooie beeldvoering (met dank aan Stijn Meuris) en de eveneens sobere interviewstijl van Wim Opbrouck - er is gelukkig geen Frankie te bespeuren - zorgen ervoor dat Week van Liefde langzaam binnensluipt. Al moet ik toegeven dat het programma iets te veel op één trucje drijft: na een paar afleve-ringen bekroop me het gevoel dat ik dringend de tuin eens moest omspitten - en dat op een zondagavond. Bedankt Wim! 'Wie mag er meedoen aan ons waanzinnige ondernemingsexperiment?', zo toeterde presentator Hans Otten halverwege de eerste aflevering van Succes in 100 dagen. Nou nou, dat kan toch ook wat minder, dacht ik: een eigen zaak opstarten is ongetwijfeld keihard werken maar om het nu meteen waanzinnig te noemen, dat lijkt toch niet meteen de reclame voor het ondernemerschap waar minister Ceysens om had gevraagd. De sloganeske aanpak zegt veel over de sfeer die rond Succes in 100 dagen hangt: VT4 houdt van reality met het Grote Gebaar, uitvergrote emoties en lekker veel stress. In de afvallingswedstrijd van de eerste aflevering stoorde dat nog niet te veel, maar we vermoeden toch dat het verhaal van de zes koppels die met een klein startkapitaal een winkel of een restaurant uit de grond moeten stampen, eerder om een bescheiden docusoap vraagt dan om een soort The Block voor zelfstandigen. Afwachten dus. De keuze om van Sterke Vrouwen deels een personalityshow te maken en zo een breder publiek aan te spreken is te begrijpen, alleen werkt die aanpak vooral bij de lichtere onderwerpen. Zoals Liekens' bezoek aan een polyandrische gemeenschap in de Himalaya: de diva die twee uur lang in de brandende zon een berg op moet wandelen naar een huwelijksfeest, daarna op dat feest een niet nader te bepalen vleesgerecht naar binnen werkt en aan de camera vraagt of ze Imodium bij hebben, het heeft zijn charme. Vooral omdat die aflevering meer een Palin-achtig portret was van een wat vreemde gemeenschap met haar eigen tradities dan een aanklacht tegen onrecht. De twee afleveringen daarvoor, over een kindsoldate en een prostituee, waren op zich aangrijpend, maar daar kreeg je toch een wat wrange smaak zodra je besefte dat er eigenlijk evenveel aandacht ging naar Liekens zelf als naar haar onderwerpen. Zelden meegemaakt dat een programma zo in elkaar zakt. Na de eerste aflevering van De Perfecte Moord leek dit nog een van de toppers uit het voorjaar te worden, maar twee weken verder kon het me al niet meer schelen wie Jacques Dupont had vermoord. De makers hebben zichzelf in de voet geschoten: ze wilden een reality-programma maken waarin de kandidaten enkel in beeld kwamen als dat belang had voor het spel en alle privé-conflicten terzijde werden geschoven. Een beetje zoals De Mol, maar men is vergeten dat de spelformule daar net de groep onder druk zette en Woestijnvis genoeg ontboezemingen van de deelnemers opnam om je mee te sleuren. De Perfecte Moord valt daarentegen koud uit: je leeft niet mee, krijgt geen beeld van wat er omgaat bij de kandidaten en het moordspel op het einde van iedere aflevering is een dooie mus. En dat het huwelijk tussen realiteit en fictie weinig oplevert, helpt ook niet natuurlijk. We hebben tijdens de eerste uitzending van Halleluja! maar weinig de titel in onze mond moeten nemen: een flitsende adolescentensitcom op één, het zal nog een tijdje op zich laten wachten. Halleluja! telde precies één leuke situatie (het konijn in de microgolf was prima getimed), maar voor de rest kwam het zo geforceerd grappig, zo getelefoneerd gedurfd (een twaalfjarige die het woord 'reetveter' in de mond neemt, moeten we daar nu echt van uit de zetel vallen?) en zo weinig geïnspireerd over, dat ik zowaar heimwee naar Dennis begon te krijgen (bij wijze van spreken, zo erg was het nu ook weer niet). Eén sterretje, omdat Mathias Sercu af en toe wel goed in zijn vel zat als de sardonische buurman Helmut. En omdat het nog een stuk erger had gekund: men had in plaats van Heaven van Louis Armstrong ook Hallelujah van Leonard Cohen / Jeff Buckley als theme song kunnen kiezen. Kinderen van Dewindt is niet alleen een tv-serie, er is ook een website, een virtueel spel, een modewedstrijd en als we niet oppassen, komt er ook nog een lentetournee van. Dewindt wil namelijk - zoals dat dan heet bij managers met te veel vrije tijd - een 'crossmediaal platform' worden rond ondernemen in Vlaanderen. Allemaal goed en wel, al heeft één tijdens het opstellen van die grote plannen een paar ouderwetse zaken over het hoofd gezien. Een geloofwaardig script bijvoorbeeld. De reeks gooit alle clichés over een familiebedrijf op een hoopje: de plichtsbewuste, strenge baas die zijn losbandige broer en mede-eigenaar op het matje wil roepen, de kinderen die het juk van de verantwoordelijkheid willen afwerpen, de mater familias die zoveel mogelijk de vrede wil bewaren... het leek allemaal wel uit een vergeeld fictiehandboek te komen. Of Kinderen van Dewindt, dat een subsidie kreeg van de Vlaamse Gemeenschap om het ondernemerschap te promoten, de zaak veel goed zal doen, valt dus te betwijfelen. Al zal de acteursgilde er in ieder geval wel bij varen. De Thuisploeg wordt gemaakt door deMensen, het productiehuis van Ben Crabbé. Dat noopt ons tot de volgende vaststelling: flauwe grappen maken is besmettelijk. Want wat Rob Vanoudenhoven allemaal uitkraamde, was van bedenkelijk allooi: 'We hebben in Vlaanderen ook een gevaarlijke vis, de tournevis', Jacques Vermeire zou er met een grote boog omheen lopen. Helemaal pijnlijk was het om te zien hoe Vanoudenhoven als quizpresentator door de mand viel: in leuke filmpjes is de man op zijn best (zie de fijne aankondiging van De Thuisploeg), maar zet hem tegenover een weinig spraakzame kandidaat en hij schiet in een kramp die je tot in de huiskamer kunt voelen. De interactieve formule is natuurlijk slim, want als je als kijker meespeelt via teletekst kun je minder makkelijk zappen. Alleen betrapte ik mezelf erop dat ik na een kwartiertje naar andere pagina's zat te bladeren. Het werd meteen een stuk interessanter. Stefaan Werbrouck