Victor en Esther waren een paar toen het Duitse leger in 1940 hun kleine dorp in Nederland bereikte. Tijdens de oorlog verloren ze elkaar uit het oog. Wanneer ze elkaar kort na de bevrijding toevallig opnieuw tegenkomen, ve...

Victor en Esther waren een paar toen het Duitse leger in 1940 hun kleine dorp in Nederland bereikte. Tijdens de oorlog verloren ze elkaar uit het oog. Wanneer ze elkaar kort na de bevrijding toevallig opnieuw tegenkomen, vertellen ze in stukken en brokken wat ze de jaren voordien hebben meegemaakt. Victor raakte steeds dieper betrokken bij het verzet tegen de nazi's, terwijl Esther als Joodse met de rest van haar gezin moest onderduiken. Het zijn overbekende ingrediënten van een oorlogsverhaal, maar auteur Erik de Graaf inspireerde zich voor dit tweeluik - tien jaar geleden verscheen het eerste deel Scherven - gedeeltelijk op zijn eigen familiegeschiedenis. De vertelde gebeurtenissen zijn rauw en gaan van sabotage over moord tot seksueel misbruik. De Graaf brengt ze in beeld in een volstrekt eigen versie van de klare lijn, met statische personages en rudimentaire gezichtsuitdrukkingen in close-up. Ondanks de zachte, korrelige kleuren sluipt er op die manier een afstandelijkheid in de stijl, wat de impact van het verhaal niet altijd ten goede komt.