Films: *** *Extra's: * (A-Film)
...

Films: *** *Extra's: * (A-Film) Hoewel losjes gebaseerd op het levensverhaal van Lale Andersen, die tijdens WO II de bij bosjes sneuvelende Duitse soldaten tot tranen toe bewoog, is Lili Marleen minder een biopic dan een pure provocatie. De immer dwarsliggende en onvoorspelbare Rainer Werner Fassbinder (1946-1982) spaarde geen moeite om vriend en vijand tegen de schenen te schoppen met deze film, naar zijn normen een bigbudgetproductie waarvoor hij, de brutaal anarchistische snelfilmer, plotseling scheep ging met de commerciële überproducer Luggi Waldleitner. 'Smakeloos en schaamteloos', schreeuwden zijn criticasters over dit kassucces, waarin RWF het nazitijdperk transformeert tot een kitschspektakel van eerste orde, gecombineerd met een onbeschroomd melodrama in de kunstmatige stijl van de Hollywoodimitaties die de UFA-studio (de officiële Duitse filmfabriek uit de oorlogsjaren) afleverde. Vooral in het verkeerde keelgat schoot de portrettering van een Joodse familie die Joden uit Duitsland helpt vluchten als een sinister samenzweerderig clubje dat vanuit een riant Zwitsers landhuis het geluk van de zoon (Giancarlo Giannini) opoffert om zijn zaakjes te kunnen regelen. En al klimt Willie Bunterberg (Hanna Schygulla als een Marlene Die- trich du pauvre) naar de top dankzij de bemiddeling van de SS-groepscommandant die haar aanbidt, en passant ontpopt ze zich toch maar tot een verzetsheldin, dankzij de beelden van concentratiekampen die ze het land uit smokkelt. Fassbinder gebruikt dit filmrolletje trouwens als de meest provocerende McGuffin uit de filmgeschiedenis: de bewijsvoering voor de misdaden van het naziregime is iets waar iedereen in de film mee begaan is, terwijl ze alleen maar dient om de plot rond gedwarsboomde geliefden voort te stuwen. In de enige scène waarin de nazi's zich echt onheus gedragen, martelt de Gestapo Giannini door hem uitentreuren in zijn cel te bestoken met een krassende versie van het Lili Marleenliedje. Wat ook enig idee geeft van wat Fassbinder over deze verrekte song denkt en van zijn verregaande pogingen om zijn swastika- camp om te buigen tot radicale politieke satire. Het is alsof Fassbinder zich hoofdzakelijk uit puur esthetisch genot op het onverwerkte verleden stortte. Zijn showbizzintriges in het Derde Rijk spelen zich af op een podium van extravagante stilistische kunstgrepen. RWF krijgt maar niet genoeg van de kitscherige keerzijde van de nazi-iconografie. Maar alle stoppen slaan pas door in de fotografie van Xaver Schwarzenberger: tanden glinsteren als fijn porselein, de personages bewegen zich in spiegelpaleizen tussen parelende lichtchoreografieën. En als Willie dan eindelijk door de Führer op de Rijkskanselarij wordt ontboden, zwaaien verpletterende deuren open, komt een verblindend wit licht te voorschijn en zwelt de muziek van Peer Raben aan tot een sarcastisch wagne- riaans crescendo. Patrick Duynslaegher