André Téchiné met Emmanuelle Béart, Michel Blanc, Sami Bouajila, Johan Libéreau, Julie Depardieu
...

André Téchiné met Emmanuelle Béart, Michel Blanc, Sami Bouajila, Johan Libéreau, Julie Depardieu 'Le coeur a ses raisons que la raison ne connaît point', wist Blaise Pascal al. Die gedachte moet ook André Téchiné (74 inmiddels) regelmatig door het hoofd zijn geflitst bij het maken van zijn nieuwste comédie humaine. Daarin passeren immers oerklassieke thema's als liefde en trouw de revue, al houden zijn protagonisten er behoorlijk alternatieve, zeg maar libertijnse levensstijlen op na en zapt Téchiné terug naar de donkere jaren 80, wanneer aids voor het eerst zijn lelijke kop opsteekt. De zoveelste probleem-van-de-weekfilm? Au contraire. Frappant en verfrissend aan Les Témoins is dat Téchiné - in tegenstelling tot conventionele aidsfilms als Longtime Companion, Encore of Philadelphia - de epidemie slechts als context gebruikt, niet als hoofdthema waarrond stelling moet worden ingenomen. En ook over de losse zeden van de vier bevriende - en clichévrije - hoofdpersonages wordt eindelijk eens genuanceerd en normaal gedaan. Dat Adrien (Michel Blanc) een wat oudere wetenschapper is die wel eens een jong homovriendje opscharrelt in een Parijse achtersteeg? So what. Wat telt, is dat hij eindelijk weer verliefd is: op zijn nieuwste verovering Manu (Johan Libéreau), voor wie hij dan ook wil zorgen wanneer die plots ziek wordt. Dat Mehdi (Sami Bouajila) een politie-inspecteur is van Algerijnse origine die dankzij de flirterige Manu de herenliefde ontdekt. Et alors? Zolang het maar goed komt met zijn ruimdenkende vrouw Sarah (Emmanuelle Béart), een schrijfster die kampt met writer's block sinds ze van haar eerste kindje is bevallen. Téchiné - die indertijd zelf een paar vrienden verloor aan aids - laat met andere woorden het gepreek achterwege, wat resulteert in een scherp en sterk vertolkt ensembledrama à la française. Bovendien houdt hij door bruuske beeldwissels het tempo in de dialogen en ontboezemingen over liefde en geborgenheid, trouw en ontrouw. Je wordt steeds middenin de scènes gedropt en er ontstaat een nerveus, jachtig sfeertje waarbij je het élan vital van de personages en de zwiepstaart van het HIV-monster haast fysiek voelt. Op wat overtollig gekakel na, en ondanks de lichtjes pompeuze maar fraaie score van huiscomponist Phillipe Sarde, slaagt Téchiné moeiteloos in zijn opzet: een intelligente praatfilm maken die dezelfde sfeer van existentiële gejaagdheid en dreigend onheil uitademt als De Storm, dat beroemde schilderij van Giorgione, én waarin met respect en zonder nadrukkelijk op de traanklieren te mikken om verloren vrienden wordt gerouwd. Chapeau. Dave Mestdach