1. Je laat heel veel in het ongewisse in je boek. We weten niet waar het speelt, hoe oud de personages zijn of zelfs hoe ze heten. Waarom heb je dat gedaan?
...

1. Je laat heel veel in het ongewisse in je boek. We weten niet waar het speelt, hoe oud de personages zijn of zelfs hoe ze heten. Waarom heb je dat gedaan? Lenny Peeters: Ik hou enorm van suggestieve literatuur. Dochter heeft nooit een naam gekregen omdat namen, net zoals uiterlijkheden, niet belangrijk zijn in mijn verhaal. Ze leggen een personage aan banden. Enkele namen mogen wel, maar dan alleen voor personages die er in feite niet toe doen. Maar niet alles is onbepaald of flou. Een aantal details komen uit mijn eigen leven. Zo had ik als kind ook cavia's, en het huis waarin de vader en zijn dochter uit het boek wonen, kende ik ook persoonlijk. Ik groeide op in de Kempen. Het huis van de overburen was heel oud. Het was maar een paar kamertjes groot en had een vloer van aangestampte aarde. Telkens als de man het huis uit was, kwamen er andere mannen bij de vrouw op bezoek. Het gebeurde dat ik daar als kind stiekem kwam en dan voelde ik de seksuele spanning in de lucht hangen. Ooit gaf ik zo'n man zelfs een kusje en ik wist meteen dat er iets niet klopte. 2. Was het moeilijk om je in de naïeve en wereldvreemde gedachten van dochter te verplaatsen? Peeters: Nee, en ik denk trouwens dat ik er nog helemaal in zit. Dochter heeft autistische kenmerken en is ook zwakker begaafd. Een aantal jaren geleden heb ik een bachelor autismecoach gevolgd. Ik had toen zelf een overprikkeld brein en heb die opleiding nooit afgewerkt, maar wat me is bijgebleven, is hoe fascinerend die wereld is. Mensen met een autismestoornis zien bijvoorbeeld alles even vlak of opwindend. Zij kunnen daarin geen onderscheid maken. Dochter heeft dat duidelijk ook. Net zoals ze geen idee heeft van goed en kwaad. Voor haar is seks niet anders dan de afwas doen. 3. Ben je niet bang dat sommige lezers geshockeerd zullen zijn door je boek? Peeters: Nee, dit is mijn verhaal. Ik hou van het ongewone en het morbide. Wat mensen raar of extreem vinden is hun zaak. Het is trouwens pas door mijn manuscript een paar keer te herlezen voor het naar de uitgeverij ging dat ik me ervan bewust werd dat het misschien wel wat extreem zou kunnen overkomen. Dat was me voordien nooit opgevallen.