John Fante was gemeen, triest, ironisch, haatdragend, wanhopig. Want dat is wat het leven in de goot met je doet.

De Bandini-cyclus

Tot vlak voor zijn dood in 1983 was John Fante vrijwel vergeten. De auteur had rond 1940 zijn beste werk gepubliceerd en was daarna verdwenen richting Hollywood. Tot zijn eigen gruwel. Fantes hart lag in de literatuur, niet in het broodschrijven voor B-films. Met dank aan Charles Bukowski, die Fante weer aan een uitgever hielp, kwam in de jaren 80 een herwaardering op gang. Plots leek de tijd rijp voor Fantes schrijnend eerlijke boeken. Hier was een schrijver die gemeen kon zijn, triest, ironisch, haatdragend, wanhopig - simpelweg omdat dat is wat het leven in de goot met je doet.

Nergens kwam dat beter tot uiting dan in zijn Bandini-cyclus. In vier romans, geschreven tussen 1936 en 1982, voert Fante zijn alter ego Arturo Bandini op, een jonge Amerikaan van Italiaanse afkomst. Bandini waant zich in een drievoudige gevangenis: die van armoede, kerk en familie. Een kracht waaraan je niet ontkomt, zelfs niet als je je ervan losweekt. Bandini vlucht van het deprimerende Colorado naar het zonovergoten Californië, enkel om te ontdekken dat het leven ook daar scherpe randen heeft. Altijd is er de kloof tussen droom en daad, hoop en werkelijkheid.

The Road To Los Angeles Wait Until Spring, Bandini

Fantes eerste roman, The Road To Los Angeles, werd geschreven in 1936 en bijna vijftig jaar later voor het eerst gepubliceerd. Zijn officiële debuutroman was Wait Until Spring, Bandini (1938). Beide handelen over de jonge Bandini, zijn waardeloze vader Svevo, zijn godsvruchtige moeder en het harde immigranten-bestaan. In direct, krachtig proza roept Fante een hele wereld op: 'Dio Cane. Dio Cane.' God is een hond, sprak Svevo Bandini tegen de sneeuw. Waarom had Svevo die avond tien dollar verloren bij een potje poker in de Imperial Poolhall? Hij was arm, en hij had drie kinderen, en de macaroni was nog niet betaald, noch het huis waarin de drie kinderen en de macaroni bewaard werden.'

Het zijn coming-of-age-romans zoals er maar weinig zijn: duistere boeken waarin de vernederingen van de jeugd worden gecounterd met grotesk narcisme. Arturo Bandini ziet voor zichzelf een groter lot weggelegd dan dat van zijn vader, de metselaar. Maar hou dat maar eens staande als je voor een aalmoes aan de lopende band staat en er weinig in huis komt van je literaire aspiraties.

Ask the Dust

Fantes beste werk is te vinden in Ask the Dust (1939). Daarin arriveert Bandini in Los Angeles; een ambitieus schrijver die net zijn eerste werk heeft gepubliceerd. Levend op sinaasappelen en de hoop op nog een voorschot worstelt hij zich door de dagen. Van schrijven komt weinig, dankzij zijn liefde voor de instabiele Mexicaanse serveerster Camilla, die met hem flirt door hem uit te schelden.

Dreams From Bunker Hill

Fantes zwanenzang, Dreams From Bunker Hill, handelt over de oudere Bandini, een gefrustreerde filmschrijver. Blind geworden door diabetes dicteerde hij het werk aan zijn vrouw. Op de valreep kreeg Fantes carrière zo een passend sluitstuk. Nog één keer sprak hij met de stem van Bandini. Nog één keer was hij waarlijk onvergetelijk.

JOHN FANTE: ZIE OOK REPORTAGE P. 24 EN FILMBESPREKING P. 79

(A.H.)