Op de smaakvolle box in art-decostijl pronkt de Frans-Poolse avant-gardist en filmdandy Jean Epstein (1897-1953) met een krullenbol als een uit de kluiten gewassen bloemkool. Aan het brein van bolleboos Epstein ontsproot een wonderlijke verzameling films, gedichten, literaire kritieken en theoretische essays. In zijn geschriften roemde hij onder meer de close-up omdat deze de dagdagelijkse waarneming overstijgt en film tot kunst weet te verheffen. Op basis van dergelijke statements groeide Epstein indertijd uit tot de chouchou van menig cinefiel, maar zijn films waren daarna wel jarenlang onvindb...

Op de smaakvolle box in art-decostijl pronkt de Frans-Poolse avant-gardist en filmdandy Jean Epstein (1897-1953) met een krullenbol als een uit de kluiten gewassen bloemkool. Aan het brein van bolleboos Epstein ontsproot een wonderlijke verzameling films, gedichten, literaire kritieken en theoretische essays. In zijn geschriften roemde hij onder meer de close-up omdat deze de dagdagelijkse waarneming overstijgt en film tot kunst weet te verheffen. Op basis van dergelijke statements groeide Epstein indertijd uit tot de chouchou van menig cinefiel, maar zijn films waren daarna wel jarenlang onvindbaar. Deze box brengt voor het eerst veertien langspelers en documentaires samen, chronologisch geordend van 1924 tot 1948. Het bekendst is de stille filmtriptiek La glace à trois faces (1927), Six et demi, onze (1927) en La chute de la maison Usher (1928), waarin respectievelijk de spiegel, de foto en het schilderij de eigenheid van het nog jonge filmmedium bevragen. Tegelijk experimenteerde Epstein duchtig met superposities van beelden en het filmen aan verschillende snelheden. Daarin volgde hij zijn vrienden van het Franse impressionisme Abel Gance en Marcel L'Herbier, maar evengoed doet de strakke, vaak symbolisch geladen decoupage denken aan de Rus Sergej Eisenstein. Na de trilogie zei Epstein de studiodecors en de professionele acteurs echter adieu en vatte hij een reeks van Bretonse filmgedichten aan. Zijn stijl werd subtieler en hij concentreerde zich op de interactie tussen mensen en hun natuurlijke omgeving. Indrukwekkend mooi is Le tempestaire (1947), een semidocumentaire fictie waarin het water een personage op zich wordt in de gedaante van de woelige zee die tegen de Bretonse kust beukt. Hier lijkt Epstein het dichtst zijn beroemd geworden concept van de photogénie te benaderen. Met het begrip photogénie wilde Epstein de essentie van film, die volgens hem niet enkel in de films zelf te vinden was, benoemen. Het publiek moest bereid zijn zich aan het verhaal te onttrekken om de momenten van photogénie te ontwaren, momenten van pure emotie, beweging en verwondering die voor de Franse beeldendichter een haast spirituele kracht bezaten. Het kostte het Franse Centre national du cinéma en de Cinemathèque française een paar decennia om de rechten op Epsteins verbazende, nog altijd intens levendige films te verwerven en de in hoofdzaak 35 mm-prints te restaureren, onder meer met de hulp van de Belgische Cinematek. Net voor de zomer kon dan eindelijk breed worden uitgepakt met een tentoonstelling, filmprojecties met live muziekscores, een lijvige biografie, lezingen, en nu dus ook met deze even elegante als elementaire verzamelbox. Alle films en de documentaire van James Schneider zijn Engels ondertiteld, wat niet het geval is voor de talrijke extra's zoals de filmintroducties en de gesprekken met recente filmmakers en Epstein-fans als Bruno Dumont. Un must, quoi!JEAN EPSTEIN COFFRET ***** Jean Epstein Potemkine Films/La Cinémathèque française/agnès b ISOLDE VANHEE