'Rond 14 februari vlogen de Amerikanen over, gevolgd door het RAF. Hun gezamenlijke arbeid doodde 250.000 mensen in 24 uur tijd en vernietigde gans Dresden. Maar mij niet.' Zo omschrijft de vorig jaar overleden Kurt Vonnegut in de postume bundel Armageddon, een terugblik de gebeurtenis die zijn leven bepaalde. Vonnegut (1922 - 2007) viel eind 1944 als Amerikaans soldaat in de handen van de Duitsers. Hij moest als krijgsgevangene naar Dresden, en een paar weken later werd die stad met de grond gelijkgemaakt in een van de bloedigste bombardementen van WO2.

De 22-jarige soldaat overleefde omdat hij zich in een ondergrondse opslagplaats voor vlees had verscholen, maar Dresden tekende hem voor het leven. In een groot deel van zijn oeuvre speelt het bombardement een centrale rol, en zijn bekendste boek, Slachthuis Vijf, is een gefictionaliseerde kroniek van de gebeurtenissen. Het duurde 24 jaar voor Vonnegut Slachthuis Vijf kon voltooien, maar toen het werk uitkwam, werd het een cultboek, vooral bij de jongeren uit de anti-Vietnambeweging.

Slachthuis Vijf - dat in 1972 verfilmd werd - is een splinterbom. In een poging de chaos van toen op te roepen houdt Vonnegut de structuur heel losjes: sommige passages zijn pure sciencefiction, de chronologie wordt door elkaar gehaald en bij het begin komt de auteur het einde uitleggen. De wreedheid en de absurditeit van de oorlog worden extra in de verf gezet door Vonneguts pseudo-ironische afstandelijkheid, een van zijn handelsmerken: telkens als iemand sterft in het boek - en dat gebeurt nogal vaak - laat de auteur dat volgen door een droog 'Zo gaat dat'.

De mix van sarcasme, maatschappijkritiek en sciencefiction vind je terug in de meeste van Vonneguts boeken, van zijn debuut Player Piano uit 1952 (over een gemechaniseerde maatschappij waar menselijke arbeid overbodig is) tot Timequake uit 1997, waarin de wereld de jaren 90 moet herbeleven. Met dat laatste boek nam hij afscheid als romanschrijver, waarna hij zich toelegde op non-fictie. In veel van zijn essays (die verzameld zijn in Man zonder Land) borduurde hij voort op thema's uit zijn romans, zoals de vernietiging van het milieu en de absurditeit van de oorlog. Als pacifist werd hij ook een van de hardste critici van Bush die hij ooit een 'machtsdronken chimpansee' noemde.

In Armageddon, een terugblik is een speech opgenomen die Vonnegut enkele weken voor zijn dood schreef, en daaruit blijkt dat de man op zijn 84e nog niets van zijn scherpte verloren was. In de toespraak (die uiteindelijk door zijn zoon werd voorgelezen) deelt de auteur zijn favoriete grap over George Bush met het publiek, over het grootste verschil tussen de Amerikaanse president en Hitler: Hitler werd verkozen.

Stefaan Werbrouck