Who the heck is this Tintin?', dacht de immer kuise Steven Spielberg toen hij in 1981 een recensie las waarin het eerste Indiana Jonesavontuur Raiders of the Lost Ark vergeleken werd met de hem onbekende stripreeks van Belgiës tekentrots Hergé. 'Meteen gaf ik mijn assistent de opdracht om een onderzoek in te stellen', liet de cineast optekenen. 'Niet veel later kwam ze terug met vijf Kuifjestrips.' Hoewel Spielberg geen sikkepit begreep van de Franse zinnen in de tekstballonnen, blies de kracht van Hergés tekeningen hem omver. 'Als iemand zo'n sterke beeldtaal hanteert, heb je geen woorden nodig.'
...

Who the heck is this Tintin?', dacht de immer kuise Steven Spielberg toen hij in 1981 een recensie las waarin het eerste Indiana Jonesavontuur Raiders of the Lost Ark vergeleken werd met de hem onbekende stripreeks van Belgiës tekentrots Hergé. 'Meteen gaf ik mijn assistent de opdracht om een onderzoek in te stellen', liet de cineast optekenen. 'Niet veel later kwam ze terug met vijf Kuifjestrips.' Hoewel Spielberg geen sikkepit begreep van de Franse zinnen in de tekstballonnen, blies de kracht van Hergés tekeningen hem omver. 'Als iemand zo'n sterke beeldtaal hanteert, heb je geen woorden nodig.' Een week later bezorgde Spielberg zijn vaste producente Kathleen Kennedy enkele delen van de 'Belgian comic book'. Die zag direct het franchisepotentieel van de 23 officiële afleveringen tellende stripreeks met een internationaal verkoopcijfer dat de tweehonderd miljoen overschreden heeft. Bedoeling was om Hergé op te zoeken tijdens een productiebreak bij het in 1983 grotendeels in Londen opgenomen Indiana Jones and the Temple of Doom. De vliegtuigtickets waren geboekt, maar enkele dagen voor het geplande treffen overleed Hergé aan leukemie. Twee weken later werd Spielberg onverwacht opgebeld door Fanny Vlamynck, de weduwe van de striplegende. 'Ze wilde weten of we nog steeds in een bezoekje geïnteresseerd waren.' Tijdens die ontmoeting vertelde Vlamynck dat de tekenaar een grote bewonderaar van Spielberg was. Diens vroege vrachtwagenthriller Duel had Hergé zelfs doen besluiten dat hij de enige cineast was die het Kuifje-universum succesvol naar het grote scherm kon vertalen. Over de vorige pogingen - een stopmotionbewerking uit 1947, twee liveactionfilms uit de sixties en een reeks langspeeltekenfilms uit de jaren 70 - was de cinefiele artiest allesbehalve tevreden Meteen nadat Spielberg een optie van drie jaar op de filmrechten had verworven, kreeg E.T. -scenariste Melissa Mathison de opdracht een 'Indiana Jones for kids'-avontuur ineen te knutselen. In haar script nam de protagonist het op tegen een bende ivoorjagers, een veeleer ironisch plot aangezien de reporter in het omstreden Kuifje in Congo zelf met enkele slagtanden aan de haal gaat. Ontevredenheid over het scenario en onzekerheid over de technologische mogelijkheden om de stripwereld geloofwaardig naar het witte doek om te zetten, deden Spielberg het project alsnog op een laag pitje zetten. De meester-cineast liet Hergés geesteskind nooit helemaal los. Hij verwerkte elementen uit Mathisons afgevoerde script in Indiana Jones and the Last Crusade en baseerde de tv-reeks The Young Indiana Jones Chronicles deels op de avonturen van de Belgische journalist. Bovendien bleef het castinggeruchten regenen. Zowel E.T.-sterretje Henry Thomas als de jonge Leonardo DiCaprio werd ooit als Kuifjekandidaat genoemd, terwijl gevestigde waarden als Jack Nicholson en Dustin Hoffman voor de rol van Kapitein Haddock werden gesuggereerd. De meest buitenissige roddel? De casting van Courtney Love als operadiva Bianca Castafiore. Intussen was de jacht op Kuifjes bioscooptoekomst open. Zowel Roman Polanski als Claude Berri - producent van de populaire liveactionadaptaties van Astérix - voerde gesprekken met de erven Hergé. En ook Hollywoodgigant Warner Bros. probeerde een tijdlang de filmrechten binnen te halen. Omdat de belangstellenden echter niet konden garanderen dat het bronmateriaal - inclusief een alcoholverslaafde Haddock en copieuze drugsverwijzingen dus - onaangeroerd het grote scherm zou bereiken, vingen ze stuk voor stuk bot. De bal ging pas écht aan het rollen toen Spielberg in 2003 opnieuw de filmrechten verkreeg. Aanvankelijk wilde de regisseur een reeks met cgi opgesmukte liveactionfilms draaien. Dat veranderde tijdens een ontmoeting met Peter Jackson, bij wiens speciale effectenhuis WETA Spielberg een digitale Bobbie wilde bestellen. Jackson overtuigde zijn collega om de innovatieve 3D-motion-capturetechnologie à la Beowulf en Avatar uit te proberen. Niet veel later leende het duo James Camerons gigantische bluescreenstudio, blikte enkele scènes met acteurs in gestipte pakjes in en liet deze door het WETA-team in Nieuw-Zeeland tot een fotorealistische 'demo reel' bewerken. Het resultaat bleek zo indrukwekkend dat Spielberg eindelijk overtuigd was dat Kuifje een waardig cinemaleven kon leiden. In mei 2007 werden drie films over de roodharige speurneus aangekondigd. Spielberg en Jackson zouden elk één deel inblikken, voor deel drie werd nog een regisseur gezocht. Enkele maanden later begon huidig Dr. Who-mastermind Steven Moffat aan het scenario van de eerste prent, een combinatie van elementen uit D e krab met de gulden scharen (Kuifjes ontmoeting met Kapitein Haddock) en vervolgverhalen Het geheim van de Eenhoorn / De schat van Scharlaken Rackham (de zoektocht naar de verborgen rijkdommen van Haddocks voorvader). Het einde van het hindernissenparcours was echter nog lang niet in zicht. Omdat Moffats werk flink bemoeilijkt werd door de fameuze scenaristenstaking van 2007-2008, zag Spielberg zich genoodzaakt Edgar Wright en Joe Cornish - twee andere Britse cultfiguren - in te huren om het script fiks te herschrijven. Op de koop toe trok productiepartner Universal zich een maand voor de aanvang van de opnames terug. Dat Kuifje in de Verenigde Staten nog steeds een nobele onbekende is, maakte de onderhandelingen met andere studio's er niet makkelijker op. Noodgedwongen gingen Spielberg en Jackson in zee met Sony Pictures, hoewel die voor slechts twee films het licht op groen zette. Op 26 januari 2009 ging de 32 dagen durende shoot van The Secret of the Unicorn uiteindelijk van start. Billy Elliot-acteur Jamie Bell en Andy 'Gollum' Serkis voerden de cast aan als Kuifje en Kapitein Haddock. Ondanks de speciale omstandigheden veranderde Spielberg niets aan zijn regieaanpak, terwijl Jackson vanuit Nieuw-Zeeland toezicht hield via videoconferentie. Na de opnames werd het beeldmateriaal ingrijpend bewerkt door de WETA-animatoren. Spielbergs vaste cameraman Janusz Kaminski fungeerde als hun belichtingsconsultant. 'Verwacht geen typische animatielook', waarschuwt Jackson. 'We gaan voor de atmosfeer van een film noir. Schaduw en mist zijn essentiële elementen.' Hoewel het productieproces ondertussen volledig afgerond is en de promotiemachine op volle toeren draait, lijken er alleen maar obstakels bij te komen. De stills en trailers werden herhaaldelijk vergeleken met The Polar Express en A Christmas Carol, de zielloze animatiefilms van Robert Zemeckis. De in Cannes onthulde poster met een gewapende Kuifje doet vermoeden dat het actiegehalte een stevige Hollywoodbeurt heeft gekregen. De ongewoon grote tijdspanne van twee maanden tussen de Europese en de Amerikaanse release wijst er trouwens op dat de kassaresultaten in de VS niet al te hoog worden ingeschat. De allerlaatste barrière is voor ons Belgen de gevoeligste. Hoewel Kuifje ontegensprekelijk deel uitmaakt van ons cultureel erfgoed, bestaat de kans dat de wereldpremière van The Secret of the Unicorn op 22 oktober niet in Brussel, maar in Parijs zal doorgaan. Om dat euvel te voorkomen, werd zelfs een beroep gedaan op prins Filip, die naar verluidt een ontmoeting met Spielberg op de planning had staan tijdens een recente handelsmissie naar de Verenigde Staten. Duizend bommen en granaten! Wordt vervolgd. THE SECRET OF THE UNICORN Vanaf 26/10 in de bioscoop. DOOR STEVEN TUFFIN