Eerste zin Roemeense kerken hebben twee van elkaar gescheiden plaatsen waar gelovigen kaarsjes branden.

Twee maanden en een dag na de begrafenis van haar geliefde M. arriveert de vertelster uit Esther Kinsky's Kreupelhout in het koude en kille Noord-Italiaanse Olevano. Ze hadden plannen gemaakt om die winter samen Ferrara te bezoeken, maar het lot heeft er dus anders over beslist. Wanneer ze op weg naar Olevano even in datzelfde Ferrara stopt, wordt het raampje van haar auto ingeslagen. Veel meer dan een paar koffers zijn er niet verdwenen, maar daar zaten wel de kleren van M. in die ze tijdens haar drie maanden lange verblijf in Olevano over stoelen en zetels had willen draperen, zodat hij er toch een beetje zou zijn. Er rest haar niets anders dan de herinnering aan M.'s handen. 's Ochtends ziet ze ze en 's avonds voelt ze ze, waardoor ze steeds meer van haar eigen handen vervreemdt.

De vrouw probeert haar verdriet te verdrijven door haar leven in een vast patroon te gieten. Ze wandelt, kijkt hoe de olijfboeren het snoeisel van de herfst opstoken en betrapt er zichzelf op dat ze te veel tijd doorbrengt op het kerkhof, waar ze zelfs een graf adopteert. Wanneer ze zich op een dag sterk genoeg voelt om een uitstapje naar Rome te maken, een proefontsnapping zoals ze het noemt, kan ze ook daar niet om het kerkhof heen.

Kreupelhout bestaat uit drie delen. In een later stadium van haar rouwproces bezoekt de vertelster ook nog Comacchio, dat bekend staat om zijn niet langer geëxploiteerde zoutmeren, misschien wel de minste reden waarom een van de inwoners Italië een gebroken land noemt. Tussen die twee delen in staat een flashback naar de kindertijd van de vertelster, en dan vooral naar de relatie die ze met haar vader had, diens voorliefde voor Fra Angelico, de kleur blauw en de Etrusken, en naar een eerdere rouw.

Kreupelhout is een breekbare roman waarin Kinsky wijst op de verbondenheid van mens en omgeving en de rol van die omgeving tijdens het rouwproces. Want hoe diep de vertelster ook gaat, uiteindelijk krijgt ze weer grip op haar leven. In een Roemeense kerk brandt men links kaarsen voor de levenden, schrijft Kinsky, en rechts voor de doden. In Kreupelhout slaat ze een brug tussen die twee werelden.

Kreupelhout. Terreinroman *****

Esther Kinsky, Pluim (oorspronkelijke titel: Hain. Geländeroman) 287 blz., ? 22,99.