Eerste zin 'In boeken lees ik altijd dat ik op zoek moet naar 'eenzaamheid', maar ik heb de schrijvers opgezocht op Google, en ze hebben allemaal een man of een vrouw, kinderen of kleinkinderen', zegt Eleanor Rigby in Douglas Couplands gelijknamige roman uit 2004.
...

Eerste zin 'In boeken lees ik altijd dat ik op zoek moet naar 'eenzaamheid', maar ik heb de schrijvers opgezocht op Google, en ze hebben allemaal een man of een vrouw, kinderen of kleinkinderen', zegt Eleanor Rigby in Douglas Couplands gelijknamige roman uit 2004. Prille vijftiger Johanna Spaey woont al het grootste deel van haar leven alleen. Af en toe fladdert er wel eens een geliefde door haar leven, maar afgaand op haar nieuwe boek laat die nooit een diepe indruk na. Nee, zo leren we, haar natuurlijke staat is die van de enkeling, met alle voor- en nadelen van dien, zoals van tijd tot tijd een knagende eenzaamheid. Kleine encyclopedie van de eenzaamheid vertrekt vanuit de vraag of je echt eenzaam moet zijn om over eenzaamheid te kunnen schrijven en het hele boek zou je kunnen opvatten als een poging tot antwoord op die vraag. Net zoals je van een encyclopedie verwacht, benadert Spaey haar onderwerp aan de hand van zo'n vierhonderd alfabetisch gerangschikte lemma's, waarbij ze steeds weer poogt een ander facet van de eenzaamheid te tonen. Zo heeft ze het over de eenzaamheid van Billie Holiday en James Baldwin, over het troosteloze rondtollen in de ruimte van Joeri Gagarin en Laika en over de beproevingen van Job, Jozef en Judas. Een kaleidoscopisch boek als dit lees je best niet in één ruk uit. Dan kijk je over de diversiteit en de nuance heen. In een wereld waarin steeds meer mensen alleen wonen - in Gent benadert het aantal alleenstaanden intussen de 50 procent - lijkt een boek over eenzaamheid uiterst relevant. Spaey, tevens recensente van dit blad, houdt zich echter ver van zelfhulp of goede raad. Wat zij brengt, is een culturele kijk op het fenomeen, en een filosofische, want het zal wel geen toeval zijn dat Emmanuel Levinas meermaals opduikt. Levinas zei dat je nooit in de schoenen van een ander kunt staan. Je kunt iemand wel zeggen wat je voelt of denkt, maar die ander zal dat nooit zelf kunnen denken of voelen. De mens is een fundamenteel eenzaam wezen. Voor Spaey biedt dat inzicht niet alleen troost, het zet haar ook aan tot het opnemen van de pen. 'Schrijven is geen beroep, ' lezen we, 'het is een roeping van eenzaamheid.'