De Bondfilms propageerden in de jaren zestig een wereld van adembenemende en onbereikbare luxe en daarin was de bijdrage van de geniale decorbouwer Ken Adam van onschatbare waarde.
...

De Bondfilms propageerden in de jaren zestig een wereld van adembenemende en onbereikbare luxe en daarin was de bijdrage van de geniale decorbouwer Ken Adam van onschatbare waarde. Adam werd geboren in 1921 in Berlijn, kwam in 1934 naar Engeland waar hij architectuur studeerde en tijdens de Tweede Wereldoorlog piloot werd bij de RAF. Hij begon zijn filmcarrière als tekenaar en was midden jaren vijftig opgeklommen tot artdirector en productieontwerper. De Bondfilms offreerden hem de kans om zijn grote talenten en zijn unieke stijl te ontwikkelen. Zijn paradoxaal werk is tegelijk groots en extravagant, maar ook ironisch en hypergestileerd. Noem het ' less is more' op gigantische schaal. Voor Goldfinger bouwde hij zijn eerste meesterwerk, een decor-in-het-decor: de ranch van de titelschurk, met de fameuze scène waarin de vloer openschuift en aan de ogen van de verbouwereerde trawanten van Goldfinger een schaalmodel openbaart van Fort Knox waar de Amerikaanse goudvoorraad ligt opgeslagen. Zijn meest memorabele trompe l'oeil blijft de uitgeholde vulkaan uit You Only Live Twice (Adam kwam op dit idee tijdens het zoeken naar locaties in Japan en het werd pas dan in het script verwerkt) . Dit is ook de Bondfilm met de meest subtiele design: getuige de gestroomlijnde kantoren van Mr. Osato's multinational, een mix van Japanse spitstechnologie, zenminimalisme en het ingetogen monumentalisme van de Amerikaanse bouwmeester Louis Kahn. Zijn meest spectaculaire en ingenieuze sets ontwierp hij voor The Spy Who Loved Me. De supergecultiveerde Adam zocht hier zowel zijn inspiratie bij Jules Verne (de golvende sets in art-nouveaustijl van het onderzeese rijk van de schurk Stromberg) als bij Eisenstein (de in dramatische schaduwen gehulde monumentale crypte waar de Russische geheime dienst resideert). Zijn voorliefde voor trompe l'oeil blijkt dan weer uit de gigantische renaissance-eetzaal die zich onder water blijkt te bevinden, maar dat beseffen we pas als de vensterluiken van de Atlantis openschuiven. Adams grootste decor ooit is de supertanker Liparus die drie nucleaire onderzeeërs kan opslokken: daarvoor was zelfs de grootste loods in Pinewood te klein en bouwden de producenten een nieuwe Bondstudio, die in feite rond het decor werd opgetrokken (de binnenwand van de studio was ook de binnenwand van de supertanker). Naast de Bondserie is Adam ook befaamd voor zijn samenwerking met Stanley Kubrick: Dr. Strangelove (de gigantische ronde tafel in de claustrofobische ' war room' is sterk verwant aan zijn Bondontwerpen) en Barry Lyndon (ironisch genoeg kreeg deze modernist en futurist voor dit kostuumdrama zijn enige oscar). Voor de liefhebber van Bondtrivia: Adam tekende ook de decors voor de anti-Bondfilms The Ipcress File (1965) en Funeral in Berlin (1966) en voor Chitty Chitty Bang Bang, de verfilming van een kinderboek van Ian Fleming.