1 Wat sprak je aan in het verhaal van Zidrou?
...

1 Wat sprak je aan in het verhaal van Zidrou? Judith Vanistendael: Het fabelachtige. Ook al zit er in mijn eigen verhalen soms ook magisch realisme, ik laat geen walvissen spreken. Ik mocht ook veel water tekenen en het leven in de zee afbeelden. Het resultaat mocht gewoon mooi zijn. Meestal probeer ik de afbeeldingen heel realistisch te houden en gaan mijn verhalen over hoe het is om mens te zijn, maar dat sérieux hoefde nu een keertje niet. Ik vond het ook prettig dat het een minder lang verhaal is. Als je een boek van 300 bladzijden maakt, moet het vooruitgaan. Bij De walvisbibliotheek had ik meer tijd om mijn tekeningen zo esthetisch mogelijk af te werken. Verder is Zidrou zo professioneel dat zijn scenario een vakantie voor mijn hoofd was. In zijn manuscript zie je de scènes direct voor je. Ik kon dus onmiddellijk beginnen te tekenen. Die ervaring had ik nog nooit gehad. Het is eigenlijk de eerste keer dat ik met plezier aan een strip gewerkt heb. Bij de andere boeken was het toch altijd een gevecht. Er waren natuurlijk ook deze keer wel enkele hoofdbrekens. Hoe kon ik genoeg lichtheid krijgen in het verhaal? Hoe krijg je een hele walvis in een stripplaatje of laat je haar blozen? 2 Het lijkt een beetje op een prentenboek, vind je niet? Vanistendael: Het is een mengeling van een jeugdboek en een strip, ja. De Fransen noemen het een ufo. De boekhandels weten niet in welke afdeling ze het moeten zetten. Voor mij hoeven ze niet te kiezen. Ze kunnen toch gewoon enkele exemplaren bij kinderboeken, enkele bij volwassenen en nog enkele bij strips zetten? Het is een verhaal voor alle leeftijden. Dat vond ik er aantrekkelijk aan. Het doet me een beetje aan Kenneth Grahames De wind in de wilgen denken. Ik hou van dat soort verhalen. 3 Wat neem je voor jezelf mee uit dit boek? Vanistendael: Zidrou schrijft heel poëtisch. Daar gaat een grote kracht van uit. De manier waarop hij je in de openingspagina's langzaam meevoert onder het wateroppervlak, je moet er eens op letten... Het verhaal is schattig en ontroerend tegelijk. Ik vond die lieve walvis die in de u-vorm spreekt heel aandoenlijk. Als tekenaar ben ik completer geworden door De walvisbibliotheek, want er waren veel tekentechnische uitdagingen. Ik had bijvoorbeeld nog nooit een octopus moeten tekenen, met al die armen. Ik ben daarnaast ook nog een keer tot de constatering gekomen dat ik echt van sprookjes houd.