1 Wat overtuigde je ervan dat het verhaal van Piet je volgende boek zou worden?

Joris Van Casteren: Toen ik er voor het eerst van hoorde, vond ik het niet meer dan een bizar gegeven. Misschien moet ik dat dorp eens bezoeken, dacht ik vervolgens, en toen ik dat deed, werd ik geraakt. Mijn familie komt uit het zuiden van Brabant, waardoor ik heel goed de eenvoud en de katholieke goedmoedigheid herkende. Je zou denken dat zoiets als dit in een dorp waar veel sociale controle heerst nooit kan gebeuren, en toch gebeurde het. Dat trok me aan. En dan was er Piet zelf. Met hem stond of viel alles. Ik zocht hem op en wist meteen dat ik goud in handen had. Hij was eerlijk, had niets te verliezen en wilde graag praten. En hij is natuurlijk een wonderlijk figuur. Van enige terughoudendheid was geen sprake, in die mate zelfs dat ik hem soms in bescherming moest nemen omdat hij te veel details blootgaf, over zijn seksuele leven bijvoorbeeld. Hij vindt gewoon dat mensen meer moeten praten en eerlijker moeten zijn en dat de wereld dan een betere plek zou zijn.

2 Hij leek me toch vooral onwerelds naïef, of zat er meer achter?

Van Casteren: Als je zijn achtergrond niet kent, denk je dat Piet een uitvreter is die op kosten van de gemeenschap leefde en zijn moeder verborg om haar uitkering te krijgen. Maar als je het hele verhaal hoort, merk je dat hij in feite zijn eigen leven nooit in handen heeft gehad. Net daarom wilde ik niet over hem oordelen of met hem spotten, ook al is humor een duidelijk bestanddeel van mijn boeken. Als schrijver moet je altijd de dunne lijn tussen om iemand lachen en iemand uitlachen in het oog houden. Piet moest voor mij een held blijven.

3 Houden jullie nog contact?

Van Casteren: Absoluut. Onze band is heel goed. Piet is in hoger beroep gegaan tegen de uitspraak van de rechter. Zijn verhaal is nog niet klaar. Het zou daarom mooi zijn als de lezer hem ook de komende tijd nog zou kunnen volgen en uiteindelijk te weten komt hoe het met hem afloopt. Stel dat hij de gevangenis in moet, dan is hij sowieso zijn woonst kwijt. Wat zou er dan van hem worden?