1 Ben je zelf een roker?
...

1 Ben je zelf een roker? Jonathan Robijn: Ooit wel, zoals heel veel mensen wellicht, maar nu niet meer. In Tabak zijn de sigaretten een metafoor voor de vrijheid. Vandaag zijn we van mening dat de vrijheid van de een stopt waar die van de ander in het gedrang komt. En degene die er het best in slaagt om zijn vrijheid te beargumenteren haalt het. Voor Jimmy is roken een levensstijl die steeds meer in de verdrukking komt, en dat door onuitgesproken regels. Het probleem is dat we vandaag weten wat goed en slecht is voor de mens en de planeet, en dat we elkaar perfect proberen te maken. Het is een kwalijke evolutie die tot een collectieve neurose leidt. Het is immers onmogelijk om aan alle regels te voldoen. Eet ik niet te veel suiker? Moet ik niet minderen met alcohol? Heb ik vandaag mijn tienduizend stappen al gehaald? Het is een kwalijke zelfkwelling. 2 Halverwege je roman ben ik het gaan opzoeken: Davros blijkt echt bestaan te hebben. Waarom heb je voor dat merk gekozen? Robijn: Omdat mijn vader het zijn hele leven heeft gerookt, tot het merk uit de handel werd genomen. Roken was een deel van zijn existentie, niet iets dat hij zomaar deed. Later, toen ik in Armenië werkte, ontdekte ik dat Davros een Armeens sigarettenmerk was. In mijn hoofd bracht Davros mijn vader en Armenië samen, en daar is Tabak uit gegroeid. Jimmy lijkt heel sterk op mijn vader, maar een vaderboek is mijn boek zeker niet. Tabak is een ideeënroman. Ik wil mensen aan het denken zetten over de noodzaak en haalbaarheid van al die regels, want ik ben ervan overtuigd dat mensen uiteindelijk het beste willen doen, ook zonder regels. 3 Dus met z'n allen naar Armenië, waar je nog mag roken op restaurant? Robijn: Wat mij fascineert aan de Kaukasus, waar Armenië toe behoort, is dat het Russische, het Perzische en het Ottomaanse Rijk elkaar daar ontmoeten, wat in het slechtste geval tot oorlog leidt, en in het beste tot een enorme culturele verrijking. Jimmy ervaart Armenië als het Vlaanderen van zijn kindertijd, en dat gevoel had ik ook toen ik er tussen 2003 en 2006 woonde. Er wordt inderdaad overal gerookt. Zeker op restaurant is dat vervelend, maar daar staat tegenover dat het er in een Armeens restaurant veel gezelliger en losser aan toe gaat dan in een Vlaams.