Deborah York, Magdalena Kozena, Mark Padmore, Peter Harvey, e.a. Gabrieli Players o.l.v. Paul McCreesh (Archiv 474 200-2)
...

Deborah York, Magdalena Kozena, Mark Padmore, Peter Harvey, e.a. Gabrieli Players o.l.v. Paul McCreesh (Archiv 474 200-2) Ieder jaar komt er rond deze tijd wel een nieuwe Mattheuspassie op de platenmarkt. Dit keer is dat wel een hele bijzondere. Paul McCreesh koos ervoor de koorgedeelten te laten zingen door de gezamenlijke solisten, en aan het gewone positieforgel een groot orgel (het recent ingespeelde kathedraalorgel van Roskilde) toe te voegen. Musicologisch gezien, zal het wel allemaal verdedigbaar zijn, maar het resultaat valt grondig tegen. De genereuze muziek van Bach blijft dikwijls als in een cocon opgesloten (het magere openingskoor zegt genoeg). De bas Peter Harvey als Jezus is stemtechnisch geen groot licht en ook psychologisch is de rol niet echt voor hem weggelegd. Mark Padmore, een tenor die we meenden te mogen waarderen voor zijn nobele interpretaties, lijkt hier verliefd op z'n eigen geluid. Hij zingt met een heldere en gewichtige dictie, maar stelt zich door zijn gemaniëreerde, onnatuurlijk gechargeerde interpretatie van de evangelist te veel op de voorgrond. Dat maakt hem als 'toeschouwer' bij dit lijdensverhaal ongeloofwaardig, hoewel het op sommige plaatsen wel werkt, zoals in de scène waar de haan drie keer kraait. De vrouwenstemmen zijn duidelijk beter gecast. Sopraan I, Deborah York, zorgt voor het eerste heerlijke moment (ook door het hoge tempo!) met de aria Ich will dir mein Herze schenken. En dan is het weer wachten tot haar duet met Alt 1, Magdalena Kozena, So ist mein Jesus nun gefangen om nog eens gepakt te zijn. Het Erbarme dich door Kozena is dan eindelijk puur kippenvel! Hoe zij ieder woord bitter proeft, is werkelijk buiten categorie. De nevensolisten vallen dan weer wat tegen, tenor James Gilchrist nog daargelaten. De Gabrieli Players blijven echter grote klasse. Hun gevoelige snaren zorgen voor prachtige kleuren en vinnige interventies. We zullen zeker niet beweren dat deze uitvoering onverzorgd of ondoordacht is, of dat ze slapjes zou zijn - vooral door de hoge tempi en in de scherp dialogerende passages van de solisten gaat het er echt spannend toe - maar wat je hier vooral mist, is integriteit, ontroering, waardigheid. Na de onvergetelijke opname van Harnoncourt (Teldec, 2001) met een kwetsbare, diepmenselijke Jezus (Matthias Goerne), komt die van McCreesh zwaar en afstandelijk over. En een Mattheuspassie die niet echt raakt, is een maat voor niks.