Op elk album van Jessie Ware prijkt minstens één dijk van een single. Op haar prima debuut Devotion (2012) was dat de powerballad Wildest Moments, het met Dev Hynes van Bloo...

Op elk album van Jessie Ware prijkt minstens één dijk van een single. Op haar prima debuut Devotion (2012) was dat de powerballad Wildest Moments, het met Dev Hynes van Blood Orange gepende Kind Of...Sometimes...Maybe redde Tough Love (2014) van een totale afgang, en het door producer Cashmere Cat met flamencogitaar besprenkelde Selfish Love is het hoogtepunt op Glasshouse. Enkele trapjes, zeg gerust een paar verdiepingen lager: een handvol in confectiematen van de band gerolde, nieuwerwetse r&b-slepers die dienen als vehikel voor het fameuze stembereik van de Britse. In First Time schittert ze zoals de jonge Whitney Houston, en met het sobere, op warme orgelklanken rustende Slow Me Down bewijst ze dat het leergeld in talloze achtergrondkoortjes geen slechte investering was. Toch verdient ze beter.