The Man with the Golden Arm Otto Preminger, 1955 l Elmer Bernstein

Met zijn zweterige score voor A Streetcar Named Desire was Alex North allicht de eerste die jazz gebruikte als dramatisch expressiemiddel en niet als louter moodmuziek. Maar de thema's die Elmer Bernstein bedacht voor deze Premingerklassieker zijn een stuk swingender, gevarieerder en prominenter. Logisch, aangezien de film gaat over een heroïneverslaafde jazzdrummer (Frank Sinatra) die zijn sores van zich af probeert te meppen.
...

Met zijn zweterige score voor A Streetcar Named Desire was Alex North allicht de eerste die jazz gebruikte als dramatisch expressiemiddel en niet als louter moodmuziek. Maar de thema's die Elmer Bernstein bedacht voor deze Premingerklassieker zijn een stuk swingender, gevarieerder en prominenter. Logisch, aangezien de film gaat over een heroïneverslaafde jazzdrummer (Frank Sinatra) die zijn sores van zich af probeert te meppen. De moeder aller jazzscores is deze nachtelijke serenade, waarin de trompet van bebop- en coolmaestro Miles Davis de avonturen van 'amants criminels' Jeanne Moreau en Maurice Ronet begeleidt wanneer ze een passionele moord plannen. Davis nam de hele score half improviserend op in één enkele nachtsessie. Regisseur Louis Malle - zelf een jazzaficionado - gaf met zijn sfeervolle film noir Davis in Europa een flinke duw in de rug en schoot in een beweging ook de nouvelle vague op gang. The stuff legends are made of.Componist, pianist, orkestleider en Cotton Clubveteraan Duke Ellington heeft een cameo in dit ophefmakende rechtbankdrama. Maar hij laat zich vooral opmerken door zijn excellente jazzscore, die de beproevingen illustreert van die andere Amerikaanse legende: James Stewart, hier in de rol van een kleinsteedse advocaat die de verdediging op zich neemt van een militair die de verkrachter van zijn vrouw heeft vermoord. Minstens even goed en zelfs bekroond met een Oscar is trouwens de soundtrack die The Duke twee jaar later componeerde voor de jazzy romance Paris Blues, met klassieke Ellingtonia als Mood Indigo en Sophisticated Lady én een lap Louis Armstrong als hitsig extraatje. Bernard Herrmann kennen we vooral van zijn neo-expressionistische scores voor Hitchcockevergreens als Psycho en Vertigo, maar in de allerlaatste filmmuziek die hij ooit op papier zette (hij overleed vlak voor de release en Scorsese droeg de film zelfs aan hem op) zocht Herrmann het nadrukkelijk in de donkere, grootstedelijke jazz. Kippenvelmomenten: de prelude met het stuiterende slagwerk en de pulserende contrabas die overgaan in zoetgevooisde sax en piano wanneer een taxi door nachtelijk New York doolt, én de ijzingwekkende climax waarin de waanzin van taxichauffeur Travis Bickle explodeert in staccato ritmes en hysterische harpen. Bloedstollend. 'De beste jazzfilm ooit', beweren de connaisseurs, en wie zijn wij om onze gerolkraagde, met brillantine overgoten en manisch vingerknippende medemens tegen te spreken? In deze heerlijk rokerige pseudobiopic over de Parijse jazzscene van de fifties incarneert de échte jazzlegende Dexter Gordon de fictieve tenorsaxofonist Dale Turner. De 'fusion' tussen muziek en magie wordt bekroond door Herbie Hancock, die er tussen de talloze jazzstandards (van onder anderen Chet Baker, Charlie Parker en Thelonious Monk) een Oscarwinnende soundtrack tegenaan gooit.Door Dave Mestdach