Saddam Hoessein had Comical Ali. Bart De Wever heeft Siegfried Bracke. Maar geen enkele celebrity die zo'n beate nar in zijn hofhouding had als James Brown. Danny Ray was dan ook dertig jaar lang zijn personal announcer, de MC die hem tijdens elk concert met de nodige luister en de gepaste egards op het podium sommeerde. Want veel meer dan een routineuze aankondiging was zijn gebruikelijke introductie een lofzang vol exaltatie en verheerlijking. James Brown heette in zijn ophitsende intro's niet alleen 'the man w...

Saddam Hoessein had Comical Ali. Bart De Wever heeft Siegfried Bracke. Maar geen enkele celebrity die zo'n beate nar in zijn hofhouding had als James Brown. Danny Ray was dan ook dertig jaar lang zijn personal announcer, de MC die hem tijdens elk concert met de nodige luister en de gepaste egards op het podium sommeerde. Want veel meer dan een routineuze aankondiging was zijn gebruikelijke introductie een lofzang vol exaltatie en verheerlijking. James Brown heette in zijn ophitsende intro's niet alleen 'the man who makes your liver quiver' en 'the man who makes your blatter splatter'. Nee, James Brown, dat was ook 'the Godfather of Soul' natuurlijk. En 'the hardest working man in show business'. 'Soul Brother Number 1' ook. En waarom niet: 'Funk's Founding Father'. 'Veelvuldig veroordeeld crimineel' kwam zelden in dat rijtje voor. Nochtans: de extreem veeleisende zanger, die boetes oplegde aan muzikanten die uit de maat speelden of zelfs maar een danspasje misten, had zelf heel wat strafbare feiten op zijn palmares. Behalve dat hij in 1972 Richard Nixon steunde en zich al eens liet betrappen op het dragen van iets te spannende jumpsuits en opzichtige capes, maakte hij zich schuldig aan wapen- en drugsbezit, partnergeweld en zelfs een gewapende overval. Die hold-up pleegde hij op zijn zestiende. Brown woonde in bij een tante die een bordeel uitbaatte, en kruimeldiefstal en de occasionele overval behoorden nu eenmaal tot de usances. Het jonge boefje werd naar de jeugdgevangenis gestuurd, maar wist dankzij een vriendendienst al na drie jaar weer vrij te komen. Het hield hem niet uit de handen van het gerecht. In de jaren zeventig had hij als succesvol soulartiest al menige aanvaring met de fiscus, maar vanaf de jaren tachtig begon Brown het pas écht bont te maken. Triest hoogtepunt was 1988: het jaar waarin hij niet alleen zijn eigen pr-assistente zou hebben aangerand, maar een berucht kat-en-muisspelletje met de politie ook jammerlijk in zijn nadeel uitdraaide. Na een akkefietje op zijn kantoor, waarbij Brown zijn shotgun had bovengehaald, negeerde hij een inderhaast opgetrokken wegversperring: wat volgde, was een doldwaze car chase over de Interstate 20 tussen Georgia en South Carolina, die na ettelijke uren en veertien geloste schoten eindigde met de arrestatie van James Brown, tegen die tijd de hardest working man in crime business. Behalve voor de vele verkeersovertredingen werd hij veroordeeld voor verboden wapendracht, drugsbezit en geweldpleging op een politieagent. Hij kreeg zes jaar, maar zat er - alweer - slechts drie van uit. De laatste twintig jaar van zijn leven werd hij door zijn opeenvolgende echtgenotes liefst vier keer aangegeven voor huiselijk geweld. En in 2000 zat hij op zijn landgoed nog een reparateur van de elektriciteitsmaatschappij met een steakmes achterna. Geen wonder dat de strenggelovige Brown het zekere voor het onzekere koos: hij stierf in 2006 op kerstdag. VINCENT BYLOO