Vrijdag 13/4, 22.55 - 2BE. Quentin Tarantino, VS 1997.
...

Vrijdag 13/4, 22.55 - 2BE. Quentin Tarantino, VS 1997. Z oek in Jackie Brown niet naar de hippe cool van Re-servoir Dogs, Pulp Fiction, Kill Bill of Inglourious Basterds. Quentin Tarantino's meest conventionele en minst gewelddadige film werd bij de release dan wel minder enthousiast onthaald, met de jaren slaat de applausmeter steeds meer richting rood. Geheel terecht, ook volgens Tarantino: ' Jackie Brown is a mature piece of work made when I wasn't even that mature.' Toen Tarantino vijftien was, werd hij in L.A. bij supermarktketen Kmarkt betrapt op het stelen van een boek, The Switch van Elmore Leonard. Zijn verering voor de Amerikaanse misdaadschrijver is gebleven: Jackie Brown is een verfilming van Leonards Rum Punch en Tarantino heeft nooit verstopt dat zijn dialogen hem sterk hebben beïnvloed. Toch is deze naturalistische mix van film noir, gangster- en misdaaddrama bovenal een ode aan Pam Grier, de ster van Coffy (1973) en Foxy Brown (1974) en de koningin van de seventiesblaxploitation. Typisch Tarantino: de regisseur haalde Grier uit de vergeethoek om haar te laten schitteren als het titelpersonage, een stewardess uit L.A. die voor een 'kutmaatschappij' werkt en die haar povere inkomen aandikt met koerierdiensten voor dandygangster Samuel L. Jackson. Wanneer ze met een illegale lading cash betrapt wordt, oefent het Bureau voor Alcohol, Tabak en Vuurwapens druk op haar uit om te helpen de wapenhandelaar achter de tralies te krijgen. Brown ziet het anders: met de hulp van een sympathieke borgsteller (Robert Foster, nog zo'n vergeten Hollywoodacteur) doktert ze een duister plan uit om met een buit van een half miljoen dollar een nieuw leven te beginnen. Het grote toonverschil tussen Jackie Brown en Taran-tino's andere films hoor je vooral in de intiem gekeuvelde dialogen tussen Grier en Foster. In se is deze prent ook een oprecht liefdesverhaal van twee mensen op leeftijd, die in hun stille verlangens licht wanhopig beseffen dat hun gloriejaren voorbij zijn. Denk nu niet dat de regisseur verraad pleegt aan zichzelf: het blijft een rasechte Tarantinofilm. Zijn kenmerkende referenties naar de popcultuur, de lange dialogen en de verrassende vertolkingen (check De Niro als sullige gangster!): ze zijn allemaal present. Ook de soundtrack - met onder meer de vergeten soulbands The Delfonics en Bloodstone - maakt deel uit van het script, met een speciale rol voor Bobby Womacks Across 110th Street. Alleen doet hij dat deze keer niet met een postmodernistisch elan, maar reveleren de songs ook heel veel over de intieme gevoelens van de personages. LUC JORIS