'Iemand die veel van knopjes en schuifjes weet, maar niks van het leven', zo omschrijft Dimitri Verhulst het fenomeen 'producer' in De Helaasheid Der Dingen, maar Matthew Herbert is veel meer dan zomaar een studiorat. De 34-jarige Brit, vooral bekend als de man achter de mengtafel van Roisin 'Moloko' Murphy, is ook een onverbeterlijke wereldverbeteraar, die met elke plaat 'een politieke daad' stelt. Geluiden zijn niet zomaar geluiden maar statements - of hij nu 30.000 kippen uit een legbatterij samplet, 7000 mensen tegelijk in een appel laat bijten, een paar Starbucks-bekers aan diggelen gooit of met een tank over de maaltijd rijdt die Nigella Lawson klaarmaakte voor Tony Blair.
...

'Iemand die veel van knopjes en schuifjes weet, maar niks van het leven', zo omschrijft Dimitri Verhulst het fenomeen 'producer' in De Helaasheid Der Dingen, maar Matthew Herbert is veel meer dan zomaar een studiorat. De 34-jarige Brit, vooral bekend als de man achter de mengtafel van Roisin 'Moloko' Murphy, is ook een onverbeterlijke wereldverbeteraar, die met elke plaat 'een politieke daad' stelt. Geluiden zijn niet zomaar geluiden maar statements - of hij nu 30.000 kippen uit een legbatterij samplet, 7000 mensen tegelijk in een appel laat bijten, een paar Starbucks-bekers aan diggelen gooit of met een tank over de maaltijd rijdt die Nigella Lawson klaarmaakte voor Tony Blair. Op Plat Du Jour nam Herbert de voedingsindustrie op de korrel, op The Mechanics Of Mass Destruction rekende hij af met McDonald's & Coca-Cola en op Scales, zijn jongste werkstuk, probeert hij met muziek de tijd te meten die ons nog rest in dit aardse tranendal. Behalve traditionele instrumenten zijn op het album ook meteorieten, golfsticks, bommenwerpers, petroleumpompen, ontbijtgranen en doodskisten te horen, én 177 fans die een boodschap lieten op de Matthew Herbert Hotline. Herbert: Gemiddeld één per week. Ik vind mezelf nochtans niet zo moeilijk, hoor. Het enige wat ik van muzikanten eis, is dat ze gek zijn van muziek. Maar je zou ervan versteld staan bij hoe weinig dat het geval is. Herbert: Dat is de bedoeling. Het interesseert me niet om andere muzikanten te recycleren, of songs te maken met voorgeprogrammeerde beats. Daar is geen uitdaging aan, in minder dan tien minuten is het geklaard. Ik wil experimenteren, zoeken, creëren - turning nothing in to something. En vernieuwen, zoals The Velvet Underground, The Beatles, Miles Davis of Sjostakovitsj lang geleden. Die hadden ook geen presets, samplers en Pro Tools, hé? Die hadden genoeg aan hun verbeelding en hun skills, en die durfden nog muziek maken on the edge. Wist je dat Sjostakovitsj destijds de doodstraf riskeerde met bepaalde composities? Dat zie ik nu geen enkele muzikant meer doen. Mensen zijn braaf geworden, ze moeten weer risico's leren nemen. Herbert: Doodgaan. (lacht) Vooral voor de drumpartijen heb ik redelijk roekeloze dingen gedaan. Zoals opnemen op zee, onder water, terwijl ik niet zo'n geweldige zwemmer ben. Voor een andere partij ben ik in een hoogspanningsmast geklommen, tot net onder de kabels. En ik ben ook met mijn drumstel gaan racen in een 25 jaar oude BMW, met versleten remmen. Sterfelijkheid is een belangrijk thema op Scales, ik wilde dat de luisteraar de doodsangst echt kon voélen. Herbert: Ja. Ik samplede het geluid van het deksel dat dichtklapte, opgenomen terwijl ik zelf in de kist lag. Vreemd idee, eigenlijk. Een dichtklappende doodskist is het laatste geluid van een mensenleven, maar niemand die het nog hoort. Tenzij je het ongeluk hebt om levend begraven te worden, natuurlijk. Misschien een ideetje voor de volgende plaat. Herbert: Zelf niet, nee, maar ik krijg niet voor alles toestemming. Voor Scales contacteerde ik een onderzoeker die geluidsopnames had gemaakt van ontwikkelende kankercellen. Ik wilde ze gebruiken voor een song over ziekte en aftakeling, maar dat kon niet - legal matters. Een nummer wilde ik ook ondergronds opnemen, en daarvoor ging ik naar de Chislehurst Caves. ( Een ondergronds gangencomplex van meer dan 30 km in Zuid-Londen, oorspronkelijk uitgegraven door de druïden, tijdens WO II gebruikt als bunker. Jimi Hendrix, David Bowie en Pink Floyd gaven er ooit nog concerten; nvdr.) Ik wou zo diep mogelijk afdalen, maar de uitbaters waren bang voor instortingen. Herbert: Als het even kan, probeer ik géén toestemming te vragen, want meestal krijg ik toch een 'njet'. Voor Plat Du Jour gidste iemand me in het holst van de nacht illegaal door de Londense riolen, to record the sound of shit. Speciaal pak, helm, opnameapparatuur - precies Ghostbusters. Maar de Chislehurst Caves wandel je niet zomaar binnen met een halve studio, hé. Herbert: We hebben dezelfde haarproblemen. (lacht) Nee, we hebben beiden heel linkse ideeën, en we maken allebei experimentele en uitgesproken politieke muziek. Herbert: Natuurlijk niet. Zou jij Duke Ellington saai durven noemen, die zoveel deed voor het zwarte bewustzijn? Of Miles Davis? Of Nina Simone? Of Woodie Guthrie? Of Sjostakovitsj? Of John Cale? Of Steve Earle? Of Billy Bragg? Ik dacht het niet, hé. Nee, mensen die politieke muziek 'saai' noemen, hebben gewoon geen kloten aan hun lijf. Ze zijn te laf om hun nek uit te steken. Herbert: Dat is het probleem van veel mensen met linkse ideeën. Te lang gestudeerd, te veel gelezen, te diep nagedacht - too much brains, zeg maar. Ze kunnen voor alles begrip opbrengen, en daardoor durven ze geen harde standpunten meer innemen. Rechtse mensen hebben geen last van zin voor nuancering. Alles is zwart-wit voor hen, ze kennen geen grijs. Herbert: Te weinig, helaas. Ik durf het bijna niet zeggen, maar ik kan mijn principes echt haten. Zeker als ik voor de zoveelste keer geen idee heb waarvan ik mijn facturen ga betalen. (lacht) Met een beetje meer toegeeflijkheid had ik allang stinkend rijk kunnen zijn, hé. Alleen al door reclameopdrachten te weigeren, ben ik ettelijke miljoenen misgelopen. Maar ik wil niet een beetje principieel zijn, als het me uitkomt. Ik ben fucking Moby niet. Door Wouter Van Driessche