Met een explosie naar de eeuwige jachtvelden vertrekken, het leven van roemrucht journalist Hunter S. Thompson (°1937) kon onmogelijk op een andere manier eindigen. Zijn hele leven lang was hij een fervent wapendrager en in 2005, op zijn 67e, besloot hij een van zijn collectiestukken op zijn eigen brein uit te testen. Van een ingetogen begrafenis was geen sprake: zijn asse werd door een kanon vanaf een 42 meter hoge pijler de stratosfeer ingeschoten, daarbij toepasselijk...

Met een explosie naar de eeuwige jachtvelden vertrekken, het leven van roemrucht journalist Hunter S. Thompson (°1937) kon onmogelijk op een andere manier eindigen. Zijn hele leven lang was hij een fervent wapendrager en in 2005, op zijn 67e, besloot hij een van zijn collectiestukken op zijn eigen brein uit te testen. Van een ingetogen begrafenis was geen sprake: zijn asse werd door een kanon vanaf een 42 meter hoge pijler de stratosfeer ingeschoten, daarbij toepasselijk begeleid door vuurwerk en de Greenbaum-song Spirit in the Sky. Wie betaalde dat circusnummertje? Niemand minder dan soulmate Johnny Depp, die Thompson wereldberoemd maakte door hem te vertolken in Fear and Loathing in Las Vegas, de geschifte biopic van de hand van Terry Gilliam. Maar Thompson was meer dan de hyperactieve, in drugs en drank gedrenkte schrijffreak die het grote publiek via de cultfilm leerde kennen. Hij was bovenal een goeie journalist die als geen ander de omwentelingen van de jaren zestig omzette in zijn schriftuur - persoonlijke vrijheid en experiment waren toen modewoorden en Thompson integreerde beide in zijn teksten. De journalist was geen objectieve buitenstaander meer, maar onderdeel van het verhaal; de rigide grens tussen feit en fictie vervaagde, en de gonzojournalistiek was geboren. Daarmee gooide Thompson zijn kritisch vermogen niet over de balk: de toon van zijn boek Fear and Loathing (1972) is grimmig, en hij wijst met een beschuldigende vinger naar de hippiecultuur, die het naliet zijn idealen in de praktijk om te zetten. Thompson doopte zijn pen niet alleen in mescaline, maar schreef ook scherpe stukken over de Hells Angels, de presidentscampagne van 1972 en voegde tevens de politieke daad bij het woord. Zo stelde hij zich kandidaat voor de sheriffster, met revolutionaire campagnepunten als de legalisering van drugs en de aanleg van meer stadsgroen. Na een vruchtbaar holderdebolderleven voelde Thompson zich in de jaren negentig compleet uitgeblust en in zijn zelfmoordbriefje gaf hij aan zich al zeventien jaar te vervelen. Maar de eerste vijftig, die knalden. Omdat je nooit een tweede kans krijgt om een laatste indruk te maken, en al helemaal niet op je sterfbed, overlopen we - ter lering en vermaak - wekelijks de laatste woorden van beroemde mensen. Deze week: journalist Hunter S. Thompson.DOOR RODERIK SIX - ILLUSTRATIE LEEN VAN HULST