Zaterdag 7/3, 20.40, VIER
...

Zaterdag 7/3, 20.40, VIER De sfeer is behoorlijk gespannen bij Videohouse in Vilvoorde. Nog enkele minuten en dan starten de opnames van de eerste aflevering van Het zijn net mensen. Alleen Gert Verhulst (46) wandelt zorgeloos fluitend rond. Na een afwezigheid van zo'n achttien jaar presenteert de man die - o ironie - een fortuin vergaarde als sidekick van een pratende hond, nu een komische dierenquiz, en daarbij blijft hij dus zijn ontspannen zelf. 'VIER heeft me hiervoor gebeld', zegt Verhulst. 'Ik wilde meedoen op voorwaarde dat ik zelf de gasten mocht kiezen.' Daarom laat de Studio 100-baas zich nu iedere week omringen door de Nederlandse schrijver en cabaretier Marc-Marie Huijbregts, die hij leerde kennen bij zijn deelname aan De slimste mens ter wereld, en door Karen Damen, met wie hij zowel een artistiek, zakelijk als amoureus verleden deelt. Met vragen en thema's als 'Hoe vossen de vogels en hoe vogelen de vossen?', 'Hoe plant een lantaarnvis zich voort?' en 'Welk dier bestaat niet: een cowboykikker of een indiaanhaan?' wordt de toon gezet: er mag al eens gelachen worden in deze beestenshow, gebaseerd op een format dat al een tijdje in Nederland loopt en waarin Paul de Leeuw de honneurs waarneemt. 'Het is een celebritygame met een zekere fond en een beetje inhoud', zegt Verhulst. 'Je leert ook echt iets bij over dieren. Sommige van die weetjes zijn onnozel, andere dan weer heel waardevol. Maar het is zeker geen saaie biologieles.' GERT VERHULST: Nee. Al onze weetjes zijn plezant. Echt waar. VERHULST: Tja, er zijn van die dieren die elkaar na de paringsdans opeten of vermoorden. Of die gewoonweg morsdood vallen. Je hebt er zelfs die enkel en alleen een vrouwtje kunnen bevruchten als hun kop wordt afgebeten. Dat vind ik triestig. Maar zo zit de natuur in elkaar. VERHULST: Welaan: waarom loopt een hond altijd rondjes alvorens hij kakt? Omdat hij een magnetisch veld opzoekt. Een hond doet namelijk altijd zijn gevoeg op de noord-zuidas. Hij staat dus altijd met zijn kop naar het noorden of naar het zuiden. Kijk, dat zijn van die typische onnozelheden waar je eigenlijk niets aan hebt, maar het zijn inderdaad wel plezante gespreksonderwerpen op feestjes. VERHULST: Heel simpel: omdat ze mij sindsdien nooit meer gevraagd hebben. Om eerlijk te zijn, ik heb mij ook nooit voor zoiets kandidaat gesteld. Dit wilde ik graag doen omdat ik het een tof programma vind. Maar evengoed was het er niet van gekomen. Ik heb mijn carrière nooit echt gepland, ik ben altijd ingegaan op opportuniteiten. Of niet. VERHULST: Helemaal niet. Studio 100 is nu veel beter gestructureerd dan in het begin. Het voordeel daarvan is dat ik nu echt de dingen kan doen die ik leuk vind. Maar ik zoek het niet op. Vroeger was dat natuurlijk anders. Toen ik zo'n dertig jaar geleden bij de toenmalige BRT startte, was mijn enige ambitie: op televisie komen. Ik zou toen werkelijk álles aangenomen hebben. Nu, de waarde van 'op tv komen' is de afgelopen dertig jaar flink gedevalueerd. Vroeger had je maar een handvol presentatoren op één zender. Nu moet je meer moeite doen om níet op tv te komen dan wel. (lacht)VERHULST: Bij de allereerste opnames toch wel een beetje. Ik ben heel gevoelig aan omgevingsfactoren. Zo moest Marc-Marie een keer weg, net toen we in opname gingen. Kijk, dat heb ik niet graag. Ik stel me dan te veel in zijn plaats en dan krijg ik het ook op mijn heupen. Het moet allemaal goed zitten voor mij, maar ook voor de mensen met wie ik werk. Ik heb te veel inlevingsvermogen. (lacht) Maar ik heb mij vandaag alweer keihard geamuseerd. Voor mij is dit een soort hobby, hé. Komt er straks een vervolg: fijn. Komt er geen vervolg, dan zal ik daar niet wakker van liggen. Het is niet mijn broodwinning, dus ik sta er op een heel ontspannen manier tegenover. VERHULST: Helemaal niet. Als het programma straks gaat scoren, dan zal ik vanzelfsprekend heel blij zijn. Als dat niet zo is: jammer, we hebben ons best gedaan. VERHULST: Ik wil geen dier zijn. (lacht) Nooit. Never. Wie wil nu zoiets? Nee, ik ben heel tevreden met mijn mensdom. (denkt na) Tenzij misschien een hond. Ik heb twee bouviers, en die leiden een bijzonder luxueus leven: ze lopen wat te lummelen, liggen met hun poten omhoog in de zon en krijgen ook nog voortdurend te eten. Er wordt echt bijzonder weinig van die beesten verwacht. Dus ja, als ik dan toch een dier zou moeten zijn, dan liefst mijn eigen hond. En nee, niet Samson. ANDREAS ILEGEMS