Tijd heelt niet al de wonden. Dat ontdekt Lieven Van Gils in Het Scheldepeloton, een docureeks over vijf bevriende renners die elkaar naast de Schelde vonden maar zichzelf in het peloton tegenkwamen. Zes afleveringen lang onderzoekt hij hoe de gezamenlijke wielerdroom van beloften Wouter Weylandt, Iljo Keisse, Dimitri De Fauw, Kurt Hovelijnck en Bert De Backer in een nachtmerrie veranderde. Twaalf jaar nadat De Fauw uit het leven stapte en tien jaar na Weylandts fatale val in de Ronde van Italië geeft Van Gils het woord aan zowel renners als hun entourage.
...

Tijd heelt niet al de wonden. Dat ontdekt Lieven Van Gils in Het Scheldepeloton, een docureeks over vijf bevriende renners die elkaar naast de Schelde vonden maar zichzelf in het peloton tegenkwamen. Zes afleveringen lang onderzoekt hij hoe de gezamenlijke wielerdroom van beloften Wouter Weylandt, Iljo Keisse, Dimitri De Fauw, Kurt Hovelijnck en Bert De Backer in een nachtmerrie veranderde. Twaalf jaar nadat De Fauw uit het leven stapte en tien jaar na Weylandts fatale val in de Ronde van Italië geeft Van Gils het woord aan zowel renners als hun entourage. Lieven Van Gils: Het was dankzij Matthias M.R. Declercqs boek De val dat ik bij dit onderwerp uitkwam. Ik nodigde Matthias en Iljo uit bij Van Gils & gasten om over dat intrigerende verhaal te komen vertellen, maar er bleef toen veel onbesproken. Aan een reeks dacht ik op dat moment niet - VDB. Ik ben god niet was nog niet gemaakt - maar ik ben blij dat het ervan gekomen is. Uit je gesprekken met renners en familie wordt meteen duidelijk hoe gevaarlijk wielrennen is. Van Gils: Sinds ik met hen heb gepraat, kan ik geen valpartijen meer zien. Er is geen enkele sport waarbij onbeschermde atleten zich op de openbare weg begeven op een parcours dat met publiek en hindernissen bezaaid is. Tom Boonen vertelt dat wielrennen met voorsprong de gevaarlijkste sport is - en hij doet nu aan autoracen. In Abu Dhabi viel hij ooit op zijn hoofd en reed bijna met een schedelbreuk door. Gelukkig zag hij meteen bloed en wist hij dat het ernstig was. Ook Kurt Hovelijnck viel tijdens een training met Wouter Weylandt op zijn hoofd. Van Gils: Ja, en Wouter heeft toen zijn leven gered door meteen om een mugteam te vragen. Wielrenners waren toen nog ijdel en droegen wel de juiste sokken, zonnebril en gel maar niet altijd een helm. Negentien dagen lag Kurt in een coma en een halfjaar lang was zijn schedelpan van zijn hoofd gelicht om druk van zijn hersenen te halen. De dokters zeiden dat hij tien procent kans had om te overleven. Maar nadat hij toch wakker was geworden, vroeg hij niet veel later alweer naar zijn fiets. Naast fysiek is wielrennen ook mentaal zwaar. In 2009 stapte Dimitri De Fauw uit het leven. Is er nu meer aandacht voor de veiligheid en het welzijn van renners? Van Gils: Eigenlijk komt dat sinds de Olympische Spelen wat op gang omdat de toppers erover beginnen. Je kunt niet altijd sterk zijn, maar die kracht is wel de essentie van topsport. Als je twijfelt aan jezelf, dan hypothekeer je meteen je eigen kansen. De gevolgen van die immense druk is lang onderbelicht gebleven. Ook sportjournalisten moeten hun rol daarin gaan herdenken. Moet je topsporters wel altijd ter verantwoording roepen als ze niet presteren? Zoiets kan aan hen vreten. Er worden nu wel stappen gezet, maar er is nog veel werk aan de winkel.