'Bij alle tv-mensen moet je zoals bij Elvis een onderscheid maken tussen hun jonge periode en hun Las Vegas-periode, behalve bij Tony Corsari. Omdat hij nooit een Las Vegas-periode heeft gehad. Hij is met televisie gestopt net op het moment dat zijn jonge periode voorbij was. Precies daarom vind ik hem zo interessant. Hij is een mythe. Bovendien - en dat is een groot voordeel - heb ik hem nooit ontmoet of meegemaakt. In principe hoort het zo met je helden: je mag ze niet van dichtbij kennen. Nu hebben heel weinig tv-figuren nog iets mythisch. Je ziet ze zo vaak en in zoveel poses, dat h...

'Bij alle tv-mensen moet je zoals bij Elvis een onderscheid maken tussen hun jonge periode en hun Las Vegas-periode, behalve bij Tony Corsari. Omdat hij nooit een Las Vegas-periode heeft gehad. Hij is met televisie gestopt net op het moment dat zijn jonge periode voorbij was. Precies daarom vind ik hem zo interessant. Hij is een mythe. Bovendien - en dat is een groot voordeel - heb ik hem nooit ontmoet of meegemaakt. In principe hoort het zo met je helden: je mag ze niet van dichtbij kennen. Nu hebben heel weinig tv-figuren nog iets mythisch. Je ziet ze zo vaak en in zoveel poses, dat het lijkt alsof je ermee getrouwd bent, en dan kunnen het onmogelijk nog helden zijn. Het wordt je ook niet in dank afgenomen als je je zou afschermen. Dat hoort niet meer tegenwoordig. Als je nu voor televisie kiest, moet je all the way gaan. Tony Corsari is nooit publiek bezit geweest. Je komt hem niet zomaar tegen. Integendeel: hij is heel bewust nog nauwelijks in de openbaarheid verschenen. Ook dat siert een mens.' 'Het waren de begindagen van televisie. Mijn vader was in die tijd opnameleider en hij vertelde ons dat het eigenlijk al fenomenaal was als je iemand in beeld kreeg die "goedenavond, dames en heren" zei. De decors stonden allemaal naast elkaar en het gebeurde al eens dat het variétédecor in de nieuwsuitzending viel. In die omstandigheden stond er ineens iemand op als Tony Corsari. Waar hij vandaan kwam, weet ik niet. Ik vermoed dat je toen bij tv belandde zoals bij het amateurtoneel: kennen we nog iemand die bereid is zich een baard en snor op te laten plakken? Het mooiste en belangrijkste aan Corsari is dat hij zijn hele leven bij het OCMW is blijven werken. Hij is nooit professioneel tv-maker geweest. Eigenlijk vind ik dat een juiste houding tegenover het medium. Repetities woonde hij niet bij. Hij schudde het voor de camera live uit zijn mouw. Hij was grappig en spits, bijna Amerikaans in zijn sec en zijn cool. Hij was een complete showmaster; hij interviewde, schreed glamoureus van de trap, zong een liedje en dat allemaal vanuit de losse pols.' 'Als Tony Corsari me in iets geïnspireerd of beïnvloed heeft, is het in mijn liefde voor rechtstreekse televisie. Nu wordt aan sommige programma's een maand gesleuteld en gemonteerd, met nog een muziekje erbij en nog een flash. Dat heeft me nooit veel gezegd, dan maak je beter een videoclip. Ik heb liever dat het on the spot gebeurt. Improviseren is geen schande. Je bent verplicht je te focussen en je te concentreren, het is niet van: we doen maar en zien wel wat we gebruiken. Dat is misschien ouderwets. Ook de Jos Bosmans-show uit Het Peulengaleis nemen we bewust in een take op. Het is een beetje de verbondenheid met de nostalgie die ons daartoe noopt. Het zou makkelijker zijn te monteren, want soms moeten we zo'n show vele malen opnieuw doen omdat een klein detail niet perfect zat, maar dan denk ik: dat deed Tony Corsari ook niet. Ik hou van dat ambachtelijke tv-maken.'