De tv-kijker is een beetje in paniek: wat gaat er met zijn geliefde kijkkast gebeuren nu de digitale tv-revolutie op gang is getrokken? Moeten we ons straks, na die flatscreen, dat breedbeeld en die home-entertainmentinstallatie met ultradun plasmascherm en 1000 watt surround sound alwéér een nieuwe lichtbak aanschaffen? Een ding is zeker: de digitale tv-revolutie zal er het leven van de kijker niet gemakkelijker op maken.

Het luizenleventje van de tv-verslaafde, type Onslow uit Keeping up Appearances, zal niet lang meer standhouden. Je in de zetel laten ploffen, je toestel aan knippen en verder alleen nog af en toe zappen om het boeiend te houden, is binnenkort voltooid verleden tijd. Want met wat de digitale televisie allemaal voor ons in petto heeft, mogen we passief kijkgedrag wel vergeten. We zullen steeds meer zelf kunnen kiezen naar wat we kijken, wanneer we ernaar kijken, zelfs waar we dat doen. Dat wordt plannen, selecteren en extra toestellen programmeren. We worden al moe als we er nog maar aan denken.

Tv uit het vuistje

Fabrikanten zijn momenteel volop verwikkeld in een wedloop om het handigste en meest compacte tv-toestelletje voor in uw borstzak. De gsm is een voor de hand liggend toestel, maar het schermpje is aan de kleine kant, dus kijkt men uit naar andere mogelijkheden. Naast het uitbouwen van elektronische agenda’s of personal digital assistants (PDA’s) tot pocket-tv’s zit er onder meer een toestel in de pijplijn waarvan je het schermpje gewoon kan oprollen.

Zo’n tv-toestel uit het vuistje opent ongeziene mogelijkheden. Zo zijn er op onze weg van en naar het werk nog tal van dode momenten die opgevuld kunnen worden met tv-kijken. Je zit op de trein zonder Metro, want die waren al uitgeput? Waarom het recentste nieuws niet vernemen via een nieuwszender op je PDA? Je hebt moeten overwerken, waardoor je de aftrap van de match van de eeuw dreigt te missen? Het zal u niet meer overkomen. Ook voor jonge ouders biedt een handpalm-tv mogelijkheden. Als ze gezellig uit eten willen, kunnen ze via hun mini-toestel – dat ook beelden van de thuiswebcam oppikt – hun kroost en die niet helemaal betrouwbaar uitziende babysitter in de gaten houden.

Het is allemaal dichterbij dan u denkt. Apple boekte al een eerste tv-succesje met de iPod. Daags na de uitzending van onder meer Desperate Housewives en Lost kon men in de States de aflevering bekijken via een download op de iPod. Het sloeg behoorlijk aan en het zal binnenkort ook bij ons mogelijk zijn, maar daar blijft het voorlopig bij. Apple, en de hele industrie met hen, wil eerst uitzoeken of we hier wel op zitten te wachten. De technologie voor de handpalm-tv ligt klaar, maar wat zullen we er precies op willen bekijken, zullen we wel op elk moment willen kijken, en vooral: zijn we bereid ervoor te betalen? Tijdens een lange treinrit onze achterstallige portie Thuis inhalen klinkt wel gezellig, maar vinden we het wel leuk als er iemand over onze schouder zit mee te kijken? Of naast ons zijn dosis Familie tot zich zit te nemen op zijn eigen palm-tv?

Voor elk euforisch geluid over tv-kijken via een handtoestel, klinkt er ook een kritisch. Zo heeft Peter Suetens, e-netmanager van de VRT en een man die alle digitale ontwikkelingen op de voet volgt, zijn reserves. ‘De verwachtingen zijn hoog, maar ik vraag mij af of hier wel een markt voor is. Ik denk dat de kijker er gewoon geen geld voor over heeft om niet langer aan één plaats gebonden te zijn om tv te kijken. Live-uitzendingen lijken mij sowieso niets voor zo’n toestel, het opvragen van programma’s die eerder werden uitgezonden wel. En er zijn wellicht ook leuke interactieve mogelijkheden bij zo’n klein toestel.’

Waar men vooral nog naar op zoek is, is de zogenaamde killer application: een toepassing die dermate aan een nood beantwoordt dat iedereen hem wil. Zoals e-mail, de gsm, of de iPod, die erin slaagde de kloeke stereoketen aan de kant te drummen. Allemaal dingen die hun succes grotendeels aan de jonge generatie danken. Misschien dat die ook wel warmloopt voor tv-kijken op een compact apparaatje en buiten de huiskamer.

Iedereen programmator

De Onslow in ons is nogal verknocht aan zijn knusse sofa. Maar ook daar wordt hij niet uitgesloten van de digitale revolutie, die hem nog meer heer en meester over zijn toestel zal maken. En zelf kunnen kiezen wanneer we naar een bepaald programma kijken, daar ligt de goudader van de digitale televisie volgens de kenners. ‘Dat zogenaamde timeshiften is het grote psychologische voordeel van digitale televisie’, zegt Peter Suetens. ‘En dat gaat doorgaans maar om een half uurtje of zelfs maar vijf minuten. Gewoon het idee dat je de kinderen op je gemak in bed kan leggen zonder dat je iets van Het Journaal of De Parelvissers mist, want je weet dat je zelf het beginuur kiest, daar is het om te doen.’ En daar hoeft het niet bij te blijven. Je kan je eigen tv-avond samenstellen: je begint met een nieuwsuitzending, je wil wel eens zien of dat nieuwe moppenprogramma gisteren op VTM echt zo geestig was, en als het lachen je vergaat, kun je die boeiende Canvas-documentaire die vorige week op een onchristelijk laat uur werd uitgezonden, alsnog opvissen.

De tv-zenders krijgen natuurlijk klamme handjes bij de gedachte dat de controle in handen van de kijker komt. Maar om te verhinderen dat we bij de minste geeuw, afleiding of ergernis wegzappen, denkt men al volop na over mogelijkheden die ons toch aan hen gekluisterd moeten houden. Onder meer het Limburgse bedrijf Zappware is hierop aan het broeden. Zo hebben ze een digitaal menu ontworpen waardoor je niet verveeld naar een tijdschrift moet grijpen als er geen bal op tv is: je drukt op de juiste knop van je afstandsbediening om de laatste roddels te lezen terwijl je in een bovenhoek van het scherm in de gaten houdt of het al wat interessanter is geworden.

En ook meerwaardezoekers blijven niet op hun honger zitten. Wie naar een complex debat zit te kijken, zou tegelijk via een menu het dossier waar het allemaal om te doen is kunnen doornemen om weer mee te zijn. Met digitale televisie zal iedereen zelfs pro of contra de geponeerde stellingen kunnen stemmen. En die functies zijn er niet alleen voor politieke dieren: tijdens marathonuitzendingen van bergritten in de Ronde van Frankrijk zou de koersfreak in de digitale fichebak van de wielercommentator kunnen rommelen: om de grafiek van de rit te bekijken, te checken waar zijn favoriete renner momenteel zit of te weten te komen om welke verrukkelijke wijn het dorpje waar het peloton nu langs trekt, bekendstaat.

Maar gaan we door de bomen het bos nog zien met al die extra menu’s, pop-ups en dergelijke? De lol van het Onslow-gewijs tv-kijken is niet alleen dat je nauwelijks nog van je krent moet komen, maar ook dat elke hersenactiviteit overbodig is. We krijgen al schele hoofdpijn als we nog maar denken aan een afstandsbediening ter grootte van een toetsenbord vol veelkleurige knoppen. ‘Geen paniek: digitale televisie zal een pak gebruiksvriendelijker zijn dan de oude videorecorders waar men nu soms nog op vloekt’, sust Koen Swings van Zappware.

Apple geeft ook hier de toon aan. Voor de Mac-producten stelde Steve Jobs onlangs een afstandsbediening voor met slechts zes toetsen. Ook voor digitale televisie is het streefdoel een minimum aan toetsen die je wegwijs maken op het scherm. Maar kunnen we ons die duim- en vingergymnastiek niet besparen en onze tv gewoon via spraaktechnologie bedienen? Dat is volgens de kenners nog heel verre toekomstmuziek.

Nooit meer reclame

Zal de digitale televisie ons straks verlossen van alle reclames voor waspoeder, dieetproducten en middeltjes tegen bacteriën onder je teennagels die ons kijkplezier voortdurend komen verstoren? Doordat hij meer controle heeft, kan de kijker reclamespots makkelijker negeren en met digitale apparatuur zelfs eenvoudigweg skippen. Maar wie denkt dat we over tien jaar van alle reclame verlost zullen zijn, droomt, stelt Peter Suetens ons teleur. ‘De traditionele 30 seconden-spot is wel zijn laatste decennium ingegaan.’ De reclamemaker zal creatiever uit de hoek moeten komen opdat we ons niet meer zouden vervelen tijdens reclame. ‘En dat kan’, zegt Suetens. ‘In Amerika is digitale televisie al veel meer ingeburgerd. Tijdens de Superbowl, met de duurste en spectaculairste reclameblokken van het jaar, heeft men onderzoek gedaan en wat bleek: de digitale kijkers hadden de reclame niet overgeslagen, ze hadden zelfs verschillende keren opnieuw gekeken omdat het zulke straffe filmpjes waren.’

Aanlokkelijker reclame betekent niet alleen leukere filmpjes. Ook hier gooit digitale televisie interactie als een belangrijke troefkaart op tafel. Zappware is een van de bedrijven die interactieve technieken voor reclamespots ontwikkelen. Met een druk op de knop zal je meer informatie kunnen opvragen, of een staaltje van het aangeprezen product naar je laten opsturen. Reclame zal ook deel gaan uitmaken van programma’s zelf. Verwacht maar een rits varianten op Onder Hoogspanning, het bezuinigingsspel waarmee Electrabel ging aankloppen bij VT4. Sommige merken zullen zelfs een eigen zender lanceren. Beeld je in: het McDonald’s Network, waar de nieuwslezer tussen twee bulletins door van zijn emmer frisdrank slurpt.

Sponsoring en product placement zullen nog alomtegenwoordiger worden, en ook hier zal onze nieuwsgierigheid geprikkeld worden om ons te doen drukken op de interactieve knop. Adverteerders zullen veel gerichter te werk kunnen gaan en via de digitale televisie op jacht gaan naar hun doelgroep. Zo zal een man een pop-up voor bier te zien krijgen als hij naar een voetbalmatch kijkt, terwijl moeder de vrouw een afspraak zal kunnen maken met de kapster die ze in de weer ziet tijdens een lifestyleprogramma. En ook de handpalm-tv komt hier om de hoek kijken. Stel dat je in een vreemde stad bent en je er een hapje wil eten: druk een toets in en je wordt bestookt met reclame van de plaatselijke horeca.

Voorlopig zit de wet, die product placement eigenlijk verbiedt, nog in de weg. Maar daar zou op Europees niveau iets aan gedaan worden. Belangrijker voor de kijker is wellicht zijn privacy: willen we wel dat bedrijven weten dat we een al dan niet alleenstaande man zijn, die ze kunnen bestoken met bierreclames, viriele deodorants en telefoonnummers van dames die graag ’n ondeugende babbel met ons willen? Ook dit zal ongetwijfeld de inzet van een hevige strijd vormen. Helemaal reclamevrije televisie is niettemin een utopie. ‘Daar heb je betaaltelevisie voor. Iemand moet nu eenmaal de rekening betalen’, zegt Suetens laconiek.

Dood van de dvd?

De hoek, muur of hele bijgebouwde vleugel die in menige Vlaamse woonst rekken met video- en dvd-collecties herbergt, dreigt straks ook overbodig te worden. Bits en bytes op harde schijven hebben al voor een groot stuk de plaats ingenomen van cd’s, en met dvd’s zal het volgens de experts niet anders gaan. De eerste digibox met harde schijf die Telenet begin dit jaar op de markt bracht, heeft voorlopig beperkte mogelijkheden omdat het systeem nog niet helemaal waterdicht is inzake bescherming van de auteursrechten. Maar zo’n harde schijf biedt wel probleemloos plaats aan een gigantische kast vol dvd’s.

Peter Suetens is er niet van overtuigd dat de dvd met uitsterven bedreigd wordt. ‘De video is dood, dus banden waar je waarde aan hecht, brand je het best vlug op een schijfje. Maar de dvd zal het, in een verbeterde vorm, nog een hele tijd uithouden. We willen nu eenmaal iets tastbaars hebben. Er mogen nog zoveel films op je harde schijf staan, je kan niet pronken met de doosjes, hé. En als cadeau kun je een digitaal bestand ook moeilijk aan iemand geven. Ik zou ze niet te eten willen geven, de mensen bij wie de box van pakweg In De Gloria nog in het plastiekske zit. Het is een hebbeding, al is ernaar kijken wellicht een van de laatste dingen die we ermee doen.’

En hoe gaan we, als de digitale tv eenmaal zijn intrede heeft gedaan in onze huiskamer, programma’s en films met elkaar uitwisselen als we geen verstokte internet-nerds zijn? Die dingen doorsturen via de kabel blijft voorlopig, alweer wegens de auteursrechten, onmogelijk. Maar wie een dvd-recorder in huis heeft, moet niet veel moeite doen: wat hij op tv ziet, kan hij probleemloos op een dvd opnemen zonder kwaliteitsverlies. Zelfs met een oude videorecorder moet dit, na wat gehannes met kabels, nog lukken. Lekker ouderwets tapes uitwisselen, het blijft ook in de digitale toekomst mogelijk.

Onbe(digi)taalbaar?

Hightechapparatuur om digitaal te kijken en op te nemen, programma’s en films zien wanneer het ons uitkomt, meestemmen met interactieve programma’s en een gsm-toestel waarop we tv kunnen kijken: fijn allemaal, maar wat moet dat kosten? We hebben nu ook weer geen zin om zoveel te betalen voor ons kijkplezier dat we er straks door geldgebrek ook echt als Onslow bijlopen. ‘Tv-kijken wordt duurder, dat kan niet anders’, klinkt het streng bij Peter Suetens. ‘We zijn in Vlaanderen al jaren bijzonder verwend door het uitgebreide kabelaanbod en de lage prijs die we ervoor betalen. Televisie is bij ons vrijwel gratis. Die nieuwe digitale technologie zal geld kosten – voor niets gaat de zon op – maar je moet dat niet dramatiseren. Het abonnementsgeld zal niet overdreven stijgen. Men zal het geld vooral halen uit extra zenderpakketten, interactieve diensten en on demand. Daardoor zal de digitale toekomst zich in Vlaanderen misschien wat trager ontplooien dan elders, maar het zal gebeuren.’

Bij Telenet wil men het niet zo scherp stellen. ‘Digitale televisie is zelf kiezen, dus willen we niemand dwingen om mee te doen en extra pakketten zijn optioneel. Als het aan ons ligt, zal men nog lang analoog kunnen kijken. Waarom niet? Een digitale settop-box in de woonkamer en een oud analoog toestel op de slaapkamer. Een hypermoderne nieuwe flatscreen-tv hoef je trouwens niet te kopen om digitaal te kunnen kijken, een gewone vlakbeeld-tv volstaat al voor een flinke verbetering’, drukt Paul Van Cotthem, directeur marketing en verkoop voor consumenten, ons op het hart.

Maar volgens Suetens is er geen weg terug. ‘Binnen dit en zes jaar zal iedereen op zijn minst een digitale decoder in huis moeten halen. Wie dat niet wil, zet tegen dan zijn tv misschien maar beter buiten. En heb je geen tv in deze maatschappij, dan tel je haast niet mee.’

Met dank aan: Luc Martens van IBBT-Intec Universiteit Gent, Peter Suetens van de VRT, Koen Swings van Zappware, Paul Van Cotthem van Telenet en Steven van den Eynde van Apple.

Door Hans Van Goethem l Illustraties Ben Meersman

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content