De erfenis van 'Star Wars'

De ideeën voor George Lucas' hyperpopulaire ruimte-epos Star Wars werden niet zomaar vanuit a galaxy far, far away in zijn brein gebeamd. Voor de genese van Darth Vader, Luke Skywalker, Obi-wan Kenobi en - een iets minder fortuinlijke ingeving - de ewoks laafde hij zich aan de meest diverse bronnen. Aan de strips van Flash Gordon bijvoorbeeld, waarvan hij begin jaren zeventig een vergeefse poging ondernam om de rechten op te kopen (te duur, zo bleek). Of aan andere inspiratoren als Buck Rogers, de romantische avonturenfilms met Errol Flynn én Kurosawa's Hidden Fortress. Om zijn epos een mythologische, pseudo-religieuze dimensie mee te geven, bestudeerde Lucas ook uitvoerig de geschriften van professor Joseph Campbell en klassieke epen als King Arthur, Beowolf en Homeros' Odyssee. Met dit alles creëerde George Lucas een perfecte mix van avontuur, fantasie, moraliteit, idealisme en de kirrende haarballen die de ewoks zijn.
...

De ideeën voor George Lucas' hyperpopulaire ruimte-epos Star Wars werden niet zomaar vanuit a galaxy far, far away in zijn brein gebeamd. Voor de genese van Darth Vader, Luke Skywalker, Obi-wan Kenobi en - een iets minder fortuinlijke ingeving - de ewoks laafde hij zich aan de meest diverse bronnen. Aan de strips van Flash Gordon bijvoorbeeld, waarvan hij begin jaren zeventig een vergeefse poging ondernam om de rechten op te kopen (te duur, zo bleek). Of aan andere inspiratoren als Buck Rogers, de romantische avonturenfilms met Errol Flynn én Kurosawa's Hidden Fortress. Om zijn epos een mythologische, pseudo-religieuze dimensie mee te geven, bestudeerde Lucas ook uitvoerig de geschriften van professor Joseph Campbell en klassieke epen als King Arthur, Beowolf en Homeros' Odyssee. Met dit alles creëerde George Lucas een perfecte mix van avontuur, fantasie, moraliteit, idealisme en de kirrende haarballen die de ewoks zijn. De impact van de originele Star Wars-trilogie (Episode IV: A New Hope, Episode V: The Empire Strikes Back, Episode VI: Return of the Jedi) is zowel cultureel, socio-economisch als technologisch immens. De films betekenden niet alleen de oerknal van het tot dan toe weinig lucratieve sciencefictiongenre, dankzij de innoverende technieken die Lucasfilm speciaal voor de trilogie ontwikkelde, werd ook de hele filmindustrie een nieuwe digitale dimensie ingejaagd. Een overzicht. Om aan de hegemonie, de bemoeizucht en de rationalistische bedrijfslogica van de ouderwetse Hollywood-studio's te ontsnappen, richtte George Lucas in 1975 met de bescheiden opbrengst van zijn eerste succesfilm American Graffiti (1973) het onafhankelijk opererende Lucasfilm Limited op. Ondanks de budgettaire problemen tijdens de opstartfase, lag dit bedrijf meteen aan de basis van tal van innoverende technieken die in Star Wars een eerste platform zouden vinden en die wereldwijd zouden uitgroeien tot standaardnorm binnen de filmindustrie. Met Skywalker Sound en THX optimaliseerde Lucas de digitale geluidsarchitectuur. Bovendien knutselde hij ook de allereerste motion control camera ineen (om bewegingen zo vaak te herhalen als nodig) en lanceerde hij met de Edit Droid ook het allereerste non-lineaire montagetoestel. Dit apparaat liet regisseurs voortaan toe om met een simpele druk op de computerknop van de ene shot naar de andere te switchen. Met zijn bedrijfstak Industrial Light & Magic (ILM) bracht hij ook een ware revolutie teweeg op het gebied van computergeanimeerde special effects - en dan hebben we het niet eens over het perfectioneren van bluescreen editing of schaalmodelanimatie. Als de Jedi-ridders in Episode IV: A New Hope (1977) een 3D-model van Death Star analyseren, kijken we samen met hen immers naar de allereerste sporen van CGI in mainstreamcinema. De digitale vectoranimatie die tijdens deze sequens op een monitor wordt geprojecteerd, is namelijk volledig opgetrokken uit bits en bytes en niet langer uit met de hand getekende modellen. Om deze techniek verder te ontwikkelen, richtte Lucas niet veel later de productie-unit Pixar op. Die stond in 1986 uiteindelijk op eigen benen en onder impuls van John Lasseter groeide hij uit tot dé onbetwiste pionier op het gebied van volledig aan de computer ontsproten animatie. Of: hoe ook Toy Story en Finding Nemo op hun beurt schatplichtig zijn aan all things Lucas. In de twee en een half uur durende documentaire die op de bonusschijf van de dvd-box prijkt, analyseert Lucas dan ook in een vlaag van socratische zelfkennis: 'Het is ironisch. Ik ben aan Star Wars begonnen als een onafhankelijke rebel die alles verfoeide waar corporate Hollywood voor stond, maar al doende heb ik wel zelf een bedrijfsimperium opgebouwd. Het is alsof ik over de jaren heen van Luke Skywalker ben veranderd in Darth Vader.' Over Lucas' genie als regisseur valt te twisten - zo reveleren de 'making of'-documentaires op de dvd hem als een contactgestoorde techneut. Dat geldt echter niet voor zijn invloed als visionair beeldenstormer binnen de filmindustrie. Star Wars lag direct aan de basis van de haast onaardse commerciële heropleving van het sciencefictiongenre, met Close encounters of the third kind, Alien, ET, BladeRunner en The Terminator als meest prominente en bejubelde epigonen in montagestijl, production design en gebezigde techniek. Voor heel wat regisseurs in spe was Star Wars de big bang die hun carrière op gang schoot. James Cameron, Peter Jackson, Roland Emmerich, en John Singleton waren stuk voor stuk enthousiaste pubers die in 1977 met open mond zaten te gapen naar de legendarische openingsgeneriek - u weet wel: a long time ago in a galaxy far, far away - en het eindeloos lange ruimtetuig dat zich in de openingsshot van Episode IV: A New Hope de duistere diepte van het heelal inboort. Lucas wordt daarmee terecht beschouwd als de geestelijke vader van een jonge generatie filmmakers. Zijn mythisch-spirituele ruimte-epos bood bovendien de nodige inspiratie voor cineasten die inmiddels tot het establishment behoren. Alien-regisseur Ridley Scott ontleende aan Star Wars het concept van 'the used future': geen smetteloze sciencefictiondecors maar een futuristisch universum van grimmig realisme en veredeld schroot. Ook generatiegenoot en collega moviebrat Steven Spielberg klopte bij Lucas en diens ILM-fabriekje aan om samen de avonturen van Indiana Jones tegen het witte doek te borstelen. Niet langer met schaar, bordkarton en plakband, maar met een imposante, razendsnel evoluerende en vanaf begin jaren tachtig tot standaard gepromoveerde batterij aan hightechapparatuur van LucasFilm Limited. In 1975 onderhandelde Lucas over het contract van Star Wars met Twentieth Century Fox - alle andere studio's hadden het onverfilmbaar geachte project afgewezen. Voor hem waren slechts twee dingen van belang: het bedingen van de rechten op en de artistieke autonomie over de eventuele sequels én het alleenrecht verwerven over de merchandising. Fox, dat enkel oog had voor de honoraria en het binnen de perken houden van het budget ( Star Wars werd begroot op 9 miljoen dollar), liet Lucas rustig begaan. Tenslotte hadden filmstudio's nooit eerder van structurele merchandising gehoord en behalve studiobaas Alan Ladd Junior was er niemand binnen de conservatief denkende beheerraad van Fox die het enigszins mogelijk achtte, gelet op de weinig lucratieve sciencefictionprecedenten, dat Star Wars tot een culturele supernova zou uitgroeien. Zo ondertekende Fox een van de kapitale blunders uit haar geschiedenis. A New Hope bracht immers niet alleen een even onverhoopte als fenomenale recordopbrengst van 330 miljoen dollar op; het trok tevens de allereerste filmhype uit de geschiedenis van Tinseltown op gang. Geen wonder dat Lucas daarna groen licht kreeg voor de twee sequels Episode V: The Empire Strikes Back en Episode VI: Return of the Jedi. Naast de controle over de Star Wars-franchise liep Fox daarenboven elke stuiver mis van de naar schatting 1 miljard dollar (!) die de Star Wars T-shirts, petten, actiefiguurtjes, cornflakes, filmgadgets, buttons, spellen, posters, wasproducten, enzovoort uiteindelijk in Lucas' listige laatje wisten te loodsen. Dit alles betekende het nekschot voor een archaïsche filmbedrijfcultuur die enkel in doelgroepen en marktaandelen redeneerde en het reveil van een veelzijdige en multimediale entertainmentindustrie die het steeds jonger wordende bioscooppubliek voortaan als totaalconsument zou benaderen. Slotconclusie? Geen film dus - van Lord of The Rings, over Troy tot Chronicles of Riddick godbetert - die anno 2004 niet een of ander spoor van Lucas Limited in zich draagt. Dave Mestdach