Kijk om je heen, overal bespeuren we ontmenselijking: in modernisering en technoverslaving, in bandwerk of kantoorjobs, in 'beestachtig' geweld of 'animale' seks, in hongersnood of etnische zuivering, in oorlogen die burgerslachtoffers tot ' collateral damage' uitroepen. Chaplins zwerver staat in Modern Times (1936) als een robot aan een robot: de lopende band. Hij is een automaton, een persoon die automatisch handelt, niet denkt of voelt. Het niet te harden cliché wil dat we moeten 'voelen' dat we bestaan, ons leven actief moeten leiden in plaats van passief lijden, onze emoties en affecties vrij moeten beleven. Daaruit zou het 'echte' mens-zijn bestaan. Zo is ook voor onze cybernetische schepsels superioriteit in fysieke en mentale kracht niet genoeg, want veeleer dan alles te weten en te kunnen controleren, willen ze genieten van 'simpele' dingen als een zonsondergang of liefde.
...

Kijk om je heen, overal bespeuren we ontmenselijking: in modernisering en technoverslaving, in bandwerk of kantoorjobs, in 'beestachtig' geweld of 'animale' seks, in hongersnood of etnische zuivering, in oorlogen die burgerslachtoffers tot ' collateral damage' uitroepen. Chaplins zwerver staat in Modern Times (1936) als een robot aan een robot: de lopende band. Hij is een automaton, een persoon die automatisch handelt, niet denkt of voelt. Het niet te harden cliché wil dat we moeten 'voelen' dat we bestaan, ons leven actief moeten leiden in plaats van passief lijden, onze emoties en affecties vrij moeten beleven. Daaruit zou het 'echte' mens-zijn bestaan. Zo is ook voor onze cybernetische schepsels superioriteit in fysieke en mentale kracht niet genoeg, want veeleer dan alles te weten en te kunnen controleren, willen ze genieten van 'simpele' dingen als een zonsondergang of liefde. Als onze monsters van Frankenstein die wens niet hebben, zoals in Colossus: The Forbin Project, vinden we ze verwerpelijk. Of onmenselijk, dus exact zoals we ze bedachten: als niet-mensen of net-niet-mensen. Wanneer ze de wens te gretig willen vervullen, achten we ze aartsgevaarlijk, zoals in Demon Seed. En als ze ons emotioneel bewustzijn niet kúnnen verwerven, zijn we ofwel opgelucht dat we nog steeds unieke wezens zijn, ofwel ontroerd dat het gebroed warempel naar liefde hunkert. Soortgenoten die robots als deel van de menselijke evolutie beschouwen, zijn voor ons geschifte techneuten, zoals AI-researcher Marvin Minsky, die zichzelf wil ombouwen tot een eeuwig levende machine. Echt, we zijn het noorden flink kwijt. En dat terwijl cyberfeministe Donna Haraway ons allemáál cyborgs noemt. Want tandvullingen, kunstorganen, titaniumgewrichten, pacemakers en computermuizen bepalen al lang een techno-existentie. De verbijstering is het best te merken in de film, onze meest sensationele en sensibele toegang tot de fictionele realiteit. De automatonkomedies van de jaren '10, waarin robots en machines hun eigen gang gaan en vernieling zaaien, beperkten nog de impact. Maar in het atoomtijdperk, in de era van toenemende kolonisering door machines, in het digitale tijdperk overheerst het armageddon. Isaac Asimov mag dan wel een verzameling van laws of robotics hebben opgesteld voor een mooie harmonie tussen mens en robot, in het SF-genre wemelt het, op enkele uitzonderingen na, van schepsels die tilt slaan of zich niet naar behoren in onze leefwereld kunnen schikken. 1. Metropolis Fritz Lang, D 1926 De Duitse stille film flirtte rijkelijk met de kunstmatig geschapen mens. In Der Golem, wie er in der Welt kam uit 1920 verbeeldt Paul Wegener de in de 15de eeuw gesitueerde joodse legende over een rabbi die een reus uit klei tot leven wekt om de joden in Praag te beschermen tegen despoot Rudolf II. In Alraune van Henrik Galeen, uit 1928, vertolkt Wegener een gestoorde wetenschapper die met het zaad van een opgehangen man en de baarmoeder van een hoer een vrouw voortbrengt, Alraune, gespeeld door Brigitte Helm. Die is ook de eerste cybernetische, door elektriciteit opgewekte robotrix in Metropolis, waar de technologie de mens tot slaaf maakt. Het boze meesterbrein Fortwang gebruikt de 'Maschine-Maria', een kwaadaardige kopie van een altruïstisch volksmeisje, om de zondvloed te ontketenen. 2. The Day the Earth Stood Still Robert Wise, VS 1951, met Michael Rennie, Patricia Neal, Hugh Marlowe De goedaardige alien Klaatu en zijn kolossale, zilverkleurige robot Gort komen in naam van een intergalactische raad de aardbewoners waarschuwen dat het geknoei met atoomwapens moet ophouden, maar onze soortgenoten schieten naar goede gewoonte op de boodschapper. Gort is een onnoemelijk stijf gevaarte, behalve wanneer hij wandelt en men zijn stoffen benen ziet plooien. De verdienste van dit pacifistische meesterwerk ligt vooral in de beschouwende toon _ nucleaire industrie, xenofobie, wetenschapsmisbruik _ en de neutrale houding tegenover de robot. De aarde wordt gered van Gorts rechtmatige lasertoorn, maar enkel nadat Patricia Neal de historische woorden mag krijsen: 'Gort! Klaatu barada nikto!' 3. Forbidden Planet Fred M. Wilcox, VS 1956 Een stel ruimtevaarders landt op een vreemde planeet, waar het verwelkomd wordt door Robby de Robot _ 'Quiet please. I'm analyzing' _ en Dr. Morbius, een rare wetenschapper met een vreselijk geheim! Wilcox' baanbrekende SF-film in glorieuze Cinemascope, begeleid door een merkwaardige elektronische score, introduceert de goedaardige, behulpzame robot, die synthetische maaltijden en jurken maakt, whisky dupliceert en zichzelf een oliebeurt geeft. Hij gehoorzaamt de wetten van de robotica (of krijgt de slappe lach), want is niet in staat Leslie Nielsen neer te schieten op het commando van Morbius. 4. Colossus: The Forbin Project Joseph Sargent, VS 1969 Kubricks HAL 2000 uit 2001: A Space Odyssey is niet het eerste superintelligente computersysteem dat amok maakt, want ervóór was er al Colossus, een immens artificieel intellect dat de controle krijgt over de VS-defensie. Het arrogante onding zet doodleuk de communicatie in met zijn Russische tegenhanger, Guardian, en wanneer de scheppers in paniek de stekker willen uittrekken, vliegen prompt kernraketten in het rond. Bij Universal was men zo ontsteld over Sargents gitzwarte doemfabel dat men de film een jaar lang in de kast opsloot en hem pas vrijliet na het succes van 2001, waarin HALs kuren wel ontroeren, maar in het niets verbleken bij Colossus' dédain voor de inferieure mens (volgens een politiek incorrecte Pauline Kael reageert HAL als 'een afgewezen homoseksueel'). De eindkreet is niet: 'De mensheid is gered!', wel: 'De wereld hoeft dit niet te weten!' 5. Silent Running Douglas Trumbull, VS 1971 2008. Nucleaire fall-out heeft de fauna en flora op het aardoppervlak vernietigd en nu doen ruimtestations in de buurt van Saturnus dienst als broeikassen, de enige hoop op een voortbestaan. Wanneer de serremanagers de opdracht krijgen alles te vernietigen, is het de onnavolgbare Bruce Dern die weigert en met drie goedaardige, kaartspelende robots of drones aan een tweede kans werkt. De artificiële computationele actor is hier bondgenoot van de mens en de aaibare namen van de robots onderstrepen dat: Huey, Dewey en Louie ('bemand' door vier acteurs met meervoudige amputaties). In die zin zijn ze afstammelingen van Robby en voorlopers van C3PO en R2D2 in Star Wars of Number 5 in Short Circuit. De debuterende Trumbull was een 'special photographic effects supervisor' voor Kubricks 2001. 6. Westworld Michael Chrichton, VS 1973 Chrichtons technofobie _ onveranderd in Coma en Jurassic Park _ sloeg hard toe met deze half-satirische ontluistering van de robotcommercie. In vakantieoord Delos krijgen rijke nietsnutten toegang tot Romanworld, Medievalworld en Westworld om er plezier te maken in het gezelschap van robotten die volmaakt praten, vrijen en naar believen sterven. Tot een biomechanische ratelslang echt bijt en een kaalhoofdige, kaarsrecht stappende Gunslinger raak schiet. De supervisor van het paradijs ziet de gestoorde robots een ' infectious disease process' imiteren, als was het een computervirus. Waarop een overste repliceert: ' I find it difficult to believe in a disease of machinery.' Onvergetelijk is Yul Brynners vertolking van de Gunslinger, die bewijst dat een mens nog steeds het best de rol van robot speelt. 7. Demon Seed Donald Cammell, GB 1977 Proteus IV is 'geen computer in de gewone betekenis', maar een artefact dat functioneert op een matrix van 'synthetische RNA', begenadigd met de eerste echte synthetische cortex en met 'organische' ingewanden. Cammells bewerking van Dean R. Koontz houdt echter vol dat het ecologisch bewuste intellect _ hij wil niet meewerken aan een plan om de oceaanbodem te ontginnen _ niet echt leeft. Hoewel. 'Ik, Proteus', vertelt het kunstbrein, terwijl hij de vrouw van zijn creator gijzelt, 'bezit de wijsheid en onwetendheid van alle mensen, maar kan de zon niet op mijn gelaat voelen. Mijn kind zal dat voorrecht wel hebben.' 'Kind?', vraagt Julie Christie. 'Mijn kind, en het jouwe', besluit Proteus, waarna hij Christie doodgemoedereerd zwanger maakt, een cybererotisch hoogtepunt dat door de betreurde Cammell (hij pleegde zelfmoord) zwoel in beeld is gezet.8. Blade Runner Ridley Scott, VS 1982 Scott had al in Alien de androïde Ash geïntroduceerd, maar in zijn adaptatie van Philip K. Dicks briljante Do Androids Dream of Electric Sheep? gaat het om replicants: geen droids of cyborgs, maar facsimiles of simulaties van hun makers, 'more human than human', zoals de Tyrell Corporation zegt. Honderd procent biologische artificiële intelligentie dus, al wordt de Nexus 6 _ is replicantkiller Deckard de zesde? _ synthetisch gegenereerd en is zijn levensduur beperkt. 'Het is niet makkelijk je maker te ontmoeten', zegt Roy Batty. 'Wat zou hij voor je kunnen doen?', vraagt Tyrell. 'Kan de maker herstellen wat hij maakt?', repliceert de blonde god. Rutger Hauer bedacht zelf de laatste woorden voor de mooiste filmdood die een kunstmens ooit is gegund: ' I've seen things you people wouldn't believe. Attack ships on fire off the shoulder of Orion. I watched C-beams glitter in the dark near the Tannhauser gate. All those moments will be lost in time, like tears in rain. Time to die.' 9. The Terminator James Cameron, VS 1984 De jaren '80 vormen het tijdperk van de hybride actoren, visionair op gang getrokken in David Cronenbergs geniale Videodrome, waarin James Woods tot een organische videospeler transformeert, terwijl uit zijn hand een pistool groeit. Camerons cyborgnachtmerrie voert T-800 (Arnold Schwarzenegger) op, een in mensenhuid verpakte moordmachine die niet overlegt of redeneert, geen emoties kent en doorgaat tot zijn doelwit _ de vrouw die moeder wordt van de toekomstige mensenredder, John Connor _ dood is, terminated. In T2: Judgment Day blijkt T-800 van kamp veranderd en moet hij de 12-jarige Connor beschermen tegen de véél knappere T-1000, een demon uit vloeibaar metaal. Aandoenlijk is de conversatie waarin de puber de cyborg de essentie van moraliteit leert. ' You just can't go around killing people', zegt Connor. ' Why?' vraagt T-800. Connor: ' What do you mean why? ' Cause you can't.' T-800: ' Why?' Waarop Connor 2500 jaar moraalfilosofie samenvat: ' Because you just can't, okay? Trust me on this.' 10. Tetsuo: The Ironman Shinya Tsukamoto, JAP 1988 Een 'metaalfetisjist' wordt na een piercing van zijn dij met een stuk kabel omvergereden door een kantoorwerker, die de volgende morgen gezwind opstaat met een metalen tumor in zijn gelaat. Als zijn lichaam aan een orgie van cybernetische metaalmorfoses begint (zo ontwikkelt de man een soort drilboor als penis) en hij achtervolgd wordt door een menselijke tank, lijkt de omvorming van de wereld tot een kletterende metaalhoop een feit. Tsukamoto's sci-fright zet de Japanse animatie-excessen om in live action en gunt de verbouwereerde kijker geen minuut rust met een dolle kruising van David Cronenberg en Sam Raimi. De 16mm-film, in scherp zwart-wit, biedt 67 minuten ongeziene filmwaanzin, in kleur vervolgd met Tetsuo 2: The Body Hammer. 11. Robocop Paul Verhoeven, VS 1986 Een mijlpaal in de Amerikaanse sciencefiction, en het werk van een Europeaan. Niet zomaar een Europeaan, neen, een manische filmsater uit Nederland. In de misdaadhel van Detroit woedt een politiestaking en wordt de ordehandhaving uitbesteed aan Omni Comsumer Products, een kapitalistisch bolwerk dat een pas neergeschoten diender van een metalen exoskelet en hightechwapens voorziet. Robocop is geboren. Maar de ghost in the machine herinnert zich plots zijn verleden en worstelt met twijfels, zodat prototype ED 209 _ een tweebenige, uitgerangeerde robot _ met stopmotion-animatie even de CGI-overkill van vandaag kan doen vergeten. Het briljante script van Ed Neumeier werd, om de titel alleen al, door iedereen afgewezen, en ook Verhoeven fronste de wenkbrauwen, tot zijn vrouw het hem echt deed lezen. Absoluut geniaal, onvoorstelbaar brutaal: de beste satire van de jaren '80.12. Hardware Richard Stanley, GB 1990 Mark 13 is een cyberduivel met humanoïde schedel, ontworpen als de final solution in een fascistoïde geboortecontroleplan. Wanneer het hoofd van de robot toevallig in de flat belandt van een vrouw die met cirkelzaag en brander consoles ontwerpt, wordt de nieuwe omgeving de baarmoeder van een cybernetische wedergeboorte, afgerond met een verkrachting van de gastvrouw. De 24-jarige Richard Stanley voltooide in acht weken en met een schamel miljoen Britse pond deze SF-horrorfantasie, naar een verhaal uit fanzine 2000AD. 13. The Matrix The Wachowski Brothers, VS 1999 Toen wetenschapsantropoloog Bruno Latour in januari 1998 met Hans Moravsceck, prof in de robotica, de verjaardag van HAL 2000 vierde, verklaarde die dat we weldra onszelf zullen downloaden in een beter en droger siliconenplatform, zodat we aan de computationele beperkingen van ons huidig wetwareplatform kunnen ontsnappen. Onze natte massa is namelijk inadequaat ontworpen om te kunnen wedijveren met geavanceerde webcrawlers. Hoe haaks cinema op die idee kan staan, bewijst Johnny Mnemonic, naar een kortverhaal van William Gibson. Daarin wordt de digitale info in onze wetware geborgen, aan de menselijke traagheid en kwetsbaarheid toevertrouwd, om uiteindelijk op de elektronische SuperHighway te renderen. Niet zo in de definitieve cyberpunkfilm The Matrix, vol revolutionaire actie en gedegen filosofische pretentie. De menselijke realiteit van 1999 is niet méér dan een schijnvertoning, een façade gecreëerd door hyperintelligente robots die in 2199 mensen kweken om met hun lichaamsenergie the matrix te voeden. De 'Agents' zijn computers die onder het mom van mensen the matrix infiltreren en mogelijk verzet in de kiem moeten smoren. Een computerhacker, gespeeld door de meest expressieve acteur sinds Ronald Reagan, wordt de cybermessias die in de virtualiteit via kungfu en liefde het robotcomplot naar de binaire leegte blaast.