In Het beest wagen de virtuoze dierentekenaar Frank Pé en Belgiës succesvolste stripscenarist Zidrou zich aan een historisch verhaal over het wonderlijkste dier uit de stripgeschiedenis: de marsupilami. In Het beest komt in 1955 een cargo m...

In Het beest wagen de virtuoze dierentekenaar Frank Pé en Belgiës succesvolste stripscenarist Zidrou zich aan een historisch verhaal over het wonderlijkste dier uit de stripgeschiedenis: de marsupilami. In Het beest komt in 1955 een cargo met wilde dieren aan in de haven van Antwerpen. Een marsupilami weet uit het ruim te ontsnappen en wordt meer dood dan levend gevonden door François, een gepest jongetje dat haast dagelijks dieren in moeilijkheden meeneemt naar huis. Voor een spreekbeurt neemt hij de marsupilami mee naar school, maar dat loopt dramatisch af. Aan het einde van dit eerste deel ziet het er zowel voor François als voor de marsupilami niet goed uit, maar zoals wel vaker is Zidrou niet zuinig met zoetigheid. Je waant je in een Disney-tekenfilm uit de jaren tachtig, dus het happy end gloort al van verre. Er zitten ook te veel gezellige knipoogjes naar de Belgische stripgeschiedenis in het boek, met onder meer glansrollen voor Jijé en Morris. Dankzij de vlotte tekeningen van Frank Pé en het vertelmetier van Zidrou leest Het beest als een trein, maar achteraf vraag je je af of het wel zo goed was voor je tanden.