GEM
...

GEM STADHOUDERSLAAN 43 IN DEN HAAG, TOT 11 APRIL. WWW.GEM-ONLINE.NL Vorig jaar ging het GEM - de kunsthal vlakbij het Gemeentemuseum - van start met gespierde tekeningen van Raymond Pettibon. Ondertussen is het de beurt aan onze landgenoot Hans Op de Beeck (34) die er uitpakt met zijn grootste en meest intrigerende installatie totnogtoe. Samen met een hele vloot kunststudenten stampte hij een instapbaar wegrestaurant uit de grond, opgetrokken uit tafels, zitjes, een bar en zelfs een hoekje met telefoon en schap waar een Gouden Gids op ligt. De setting baadt volledig in het zwart, tot de vastgeschroefde asbakken en de achtergebleven drinkbekertjes toe. Door de vensters kijk je neer op een nachtelijke, verlichte snelweg die meters verderop in de diepte verdwijnt. De installatie is bij benadering levensgroot en op een artificiële manier levensecht. Ogenschijnlijk maakte Op de Beeck gewoon een kopie van een eettent die boven een autoweg hangt, maar in werkelijkheid is het een artistiek huzarenstukje dat veel sterker inwerkt dan de meeste andere betreedbare installaties. Je zou kunnen stellen dat Op de Beeck de realiteit naar het museum brengt, maar dat doet hij dan toch eigenzinniger en met meer zin voor enscenering. Het wegrestaurant is opmerkelijk onecht, waardoor er - het geheime kruidenmengsel van kunst indachtig - een suggestieve damp vrijkomt die diep doordringt. En die zorgt ervoor dat een alledaags oord intenser, donkerder en levendiger wordt dan wat het echte voorbeeld ooit had kunnen zijn. De installatie volgt op het maquetterepertoire dat Op de Beeck al een tijdje op zijn naam heeft staan. In het GEM is het aanbod beperkt, maar er staat toch een schaalmodel waar een vergelijkbare, desolate sfeer uit spreekt. Het anonieme, half verwoeste woonhuis loopt uit op een cirkelvormig vlak, waardoor het werk een sculpturale uitstraling krijgt en de troosteloze teneur naar de achtergrond verdwijnt. In beeldende termen valt er weinig aan te merken op Op de Beecks maquettevernuft. Met als gevolg dat hoe droevig de toonzetting ook is, het resultaat hoopgevend blijkt. Wat overigens vreemd is, want Op de Beeck maakt landschappen op tafelformaat die eruitzien alsof ze radioactief zijn, of aangetast door gifgas. Soms wekt hij zelfs de indruk dat hij zijn medemens per se een postnucleaire depressie wil bezorgen. Maar zelf ziet hij dat anders. Op de Beeck vindt inspiratie bij absurde situaties en taferelen - voorbijrazende auto's, vissers die eindeloos naar een dobber zitten te staren - die 'een roes opleveren waar de hedendaagse mens behoefte aan heeft, als een soort moderne meditatie'. Naast het wegrestaurant met drama-effect geeft de tentoonstelling een beperkt overzicht van wat Op de Beeck verder nog in de vingers heeft. Zo zijn de stenen lelievijvers aanwezig (vooropgesteld dat je er niet aan voorbijloopt, want ze passen naadloos bij de architectuur), naast tekeningen, video's en de nog niet zo lang geleden voltooide film My Brother's Gardens. Els Fiers Els Fiers