Gruff Rhys droomt de klok rond in technicolor. De voormalige Super Furry Animal stoffeert dit zevende solowerk dan wel niet met zang in het Zoeloe of songs over Italiaanse commun...

Gruff Rhys droomt de klok rond in technicolor. De voormalige Super Furry Animal stoffeert dit zevende solowerk dan wel niet met zang in het Zoeloe of songs over Italiaanse communisten, maar wat dacht u van een conceptplaat over een vulkaan op de Chinees-Noord-Koreaanse grens? Vrees geen geologische onstaansgeschiedenis op rijm, want Rhys gebruikte de Paektusan uiteindelijk om zich een beetje te laten gaan over de fragiliteit van het aardse bestaan. Net als op Babelsberg (2018) duikt hij daarvoor onverschrokken in donzige seventiesklanken. Todd Rundgren en Elton John zijn nooit ver weg - bij het slome marsritme van Everlasting Joy zult u bij wijze van à propos graag 'B-B-B-Bennie and the Jets' willen aanheffen. Luchtige krautrockgitaren, opgeruimde refreinen, wat weemoed: good stuff van Gruff.