Door de alomtegenwoordige positie van het internet in ons bestaan gaan we meer en meer lijken op betrekkelijk passieve wezens die allemaal met hetzelfde, centrale brein zijn verbonden. Denk aan scifistrips van enkele decennia geleden waarin mensen antennes hebben waar ooit de oren zaten en daarmee data ontvangen van een enorme, vaak gloeiende bol die boven de verstedelijkte wereld hangt.
...

Door de alomtegenwoordige positie van het internet in ons bestaan gaan we meer en meer lijken op betrekkelijk passieve wezens die allemaal met hetzelfde, centrale brein zijn verbonden. Denk aan scifistrips van enkele decennia geleden waarin mensen antennes hebben waar ooit de oren zaten en daarmee data ontvangen van een enorme, vaak gloeiende bol die boven de verstedelijkte wereld hangt. Kennis was duizenden jaren iets dat op vrij individuele basis en als een huis, van de funderingen tot en met de gevelversiering, laag na laag werd opgebouwd. De kern van de distributie van die kennis was vrijwel meteen de bibliotheken. De mens had redelijk snel door dat het schrift niet veel waard was als het niets kon bewaren. Over duizenden jaren evolueerden we zo van de eerste soort intellectuelen, in een deel van de wereld waar vandaag een burgeroorlog gevoerd wordt over wat au fond menselijke basiswaarden zijn, tot het idee van de universele mens met Leonardo da Vinci als vlotte posterboy. Daarna werd het allemaal nog wat ingewikkelder. In zekere zin is het internet de ultieme democratisering van dat bibliotheekidee. Want als de evolutie een handvol hoofdzaken moet nastreven, dan is de toegang tot kennis loskoppelen van het geboorterecht er daar zeker een van. Onlangs hoorde ik iemand zeggen: waarom zou je tijd verspelen door een kind ouderwetse basiswiskunde te onderwijzen, terwijl het veel nuttiger is om het te leren hoe het computers kan besturen, of tenminste een beetje kan begrijpen. Dat is op zich geen waardeloos inzicht. Er zijn natuurlijk kundes die met de tijd hun zin verliezen, bijvoorbeeld het beheersen van de jakobsstaf. Maar op geen enkel moment mogen we uit het oog verliezen dat kennis dus laag per laag moet worden opgestapeld. Je wint niet door enkele kromme stokken in de grond te slaan en dan meteen aan de derde verdieping te beginnen. We worden gemiddeld gezien almaar ouder, en de meest gehoorde conclusie is dat we dus langer zullen moeten werken. Zolang we in het bestaande systeem van pensioendenken zitten (wat nog wel even zo zal zijn) is dat natuurlijk waar. We zouden ons beter bezighouden met de vraag waarom zoveel mensen werken als een negatieve opdracht ervaren, maar dat terzijde. Want een andere conclusie kan ook zijn dat we binnen een mensenleven meer tijd hebben voor vorming. Het lijkt me niet onwaarschijnlijk dat twee of drie jaar langer verplicht onderwezen worden veel voordelen zou opleveren. De basis leren of weten hoe je de overheersende technologie moet lezen, dat zou nooit een keuze mogen zijn. Gebeurt dat wel, zoals vandaag al het geval is, dan ontwikkelen we gaandeweg een systeem van een kleine, hypergespecialiseerde elite die in de spreekwoordelijke gloeiende bol zit, en een massa mensen die enkel hebben geleerd hoe ze iets moeten downloaden. Heel de weg die we hebben afgelegd om steeds meer mensen steeds meer toegang te geven tot persoonlijke ontwikkeling, zal dan voor niks geweest zijn.P.B. GRONDAHET BEHEERSEN VAN DE JAKOBSSTAF HEEFT MET DE TIJD ZIJN ZIN VERLOREN, MAAR KENNIS MOET JE NOG STEEDS LAAG PER LAAG OPSTAPELEN.