De oude vrouw die ik zie wanneer ik in het kleine, vertrouwde Leuven mijn deur opengooi, is alles wat je van een oude vrouw zou verwachten: allang niet meer aantrekkelijk maar misschien wel charmant, selectief doof, moe en in het slechtste geval hulpeloos, maar ook vol geleden drama, verhalen en wijsheden die misschien niet wijs zijn, maar wel zo klinken omdat ze nu eenmaal uit een oude mond komen, en tegelijk ook hulpbehoevend en trots en in een voortdurende strijd verwikkeld met het nakende einde, waarvan we enkel weten dat het er ooit komt, want als de geschiedenis ons twee dingen heeft geleerd, dan wel dat The Hangover 2 een flauwe remake was van het originele meesterwerk en dat er aan alles ooit een einde komt.
...

De oude vrouw die ik zie wanneer ik in het kleine, vertrouwde Leuven mijn deur opengooi, is alles wat je van een oude vrouw zou verwachten: allang niet meer aantrekkelijk maar misschien wel charmant, selectief doof, moe en in het slechtste geval hulpeloos, maar ook vol geleden drama, verhalen en wijsheden die misschien niet wijs zijn, maar wel zo klinken omdat ze nu eenmaal uit een oude mond komen, en tegelijk ook hulpbehoevend en trots en in een voortdurende strijd verwikkeld met het nakende einde, waarvan we enkel weten dat het er ooit komt, want als de geschiedenis ons twee dingen heeft geleerd, dan wel dat The Hangover 2 een flauwe remake was van het originele meesterwerk en dat er aan alles ooit een einde komt. De relatie met mijn land is er een van constante spanning. Er zijn tijden waarin ik er haast geen zuurstof meer krijg en het liefst van al zou vertrekken, om enkel ter gelegenheid van bijvoorbeeld Kerstmis of de Grote Prijs Jef Scherens mijn familie op te zoeken. Toch betrap ik mezelf er in het buitenland ook op dat - ik noem maar wat - ik via een radio-app naar Touché met Jan Hautekiet luister. Wat zeer goede radio is, maar wat ook betekent dat ik mijn land, mijn gewoonten, mijn bekende namen en stemmen niet helemaal kan loslaten. En als ik dan uiteindelijk terugkeer, ben ik blij om me weer tussen andere Belgen te bevinden. Nu ja... het liefst van op een zekere afstand en nooit met meer dan acht tegelijk. Maar toch. Jammer genoeg is er een vervelende lul die de sfeer altijd komt verpesten. Hij is alomtegenwoordig, heeft over alles een voorspelbare mening, zuigt tachtig procent van het op zich al zwaar gedevalueerde mediaproduct 'nieuws' naar zich toe, en - het ergste van al - wil je voortdurend overtuigen om erbij te komen, zoals een dansgrage zatte tante op een zwalpend trouwfestijn. Die vervelende lul noemt zichzelf 'de Vlaming'. België is in het beste geval 'une belle laide'. Een land dat je pas weet te waarderen als je er de tijd voor neemt en haar vele gebreken voor lief neemt. Wat veel fanatieke Vlamingen doen, is de illusie creëren dat het woordje 'belle' te danken is aan Vlaanderen, en dat we met Wallonië van dat vervelende bijvoeglijk naamwoord 'laide' verlost zouden zijn. Een even lachwekkend als intriest idee, waarvan je jezelf toch moet afvragen of iemand dat écht gelooft. En zo ja: waarom krijgen zij geen eigen docusoap? En dat schrijf ik niet als mosselvretende, koningvrezende oerbelg. Ik ben Arno niet, en ik ga ook niet met de negen usual suspects op een podium staan om te schreeuwen dat Bart De Wever een klootzak is. Ook sluit ik me niet aan bij het intellectueel arme idee dat elke Vlaming een fascist in een hemd met korte mouwen is die niets anders doet dan zijn gras maaien en de auto wassen. Maar wat me wel elke dag meer verbaast en moedeloos maakt, is de ongeziene dommigheid waarmee de staatshervorming, die vermomd als regeringsvorming aan de gang is, gepaard gaat. Op het politieke podium, maar zeker ook ernaast. Een klassiek, maar mooi voorbeeld zijn de commentaren op onlinenieuwsartikelen die elke problematiek herleiden tot een probleem tussen Vlamingen en Walen, ook als het over de hongersnood in West-Afrika, het nieuwe seizoen van Mijn Restaurant of de sensuele stem van Yanina Wickmayer gaat. Niet enkel, maar mede daarom ben ik het kotsbeu om voor van alles en nog wat gevraagd te worden als 'Vlaamse schrijver'. Die onnozele inkrimping van het cultureel nationaal kapitaal is iets wat blijkbaar niemand schijnt te storen, maar ik weiger alvast om de pet van Vlaamse schrijver nog op te zetten. En nee, niet om een of ander emotioneel teken te geven, maar omdat het belachelijk is. Net zoals ik me geen Brabantse - excuus: Vlaams-Brabantse - schrijver laat noemen. Dan nog liever Leuvense schrijver, want Leuven is tenminste een echte plaats, met gebouwen, wegen en winkels. Onnozele winkels, maar winkels desalniettemin. Het Vlaanderen dat verscholen zit achter 'Vlaamse schrijver' is, net als een foutloos België, een waanidee. Het mag dat van velen zijn, maar niet dat van mij. Paul Baeten Gronda'België is in het beste geval 'une belle laide'.'