Hoe ben je het verhaal van de Spaanse gestolen kinderen precies op het spoor gekomen?

GERARDO SOTO Y KOELEMEIJER: In januari 2011 stond er een groot stuk in NRC over de georganiseerde babyroof tijdens de Francodictatuur. Ik had er nog nooit over gehoord, maar was meteen geïntrigeerd en ging op zoek naar zoveel mogelijk informatie. Voor de meeste Spanjaarden was die grote kinderroof jarenlang een goed bewaard geheim. Wie er tijdens het Francoregime een vermoeden over had, durfde er niet over te praten. Pasgeboren baby's werden door nonnen en dokters heel vernuftig bij hun ouders weggehaald en er ...

GERARDO SOTO Y KOELEMEIJER: In januari 2011 stond er een groot stuk in NRC over de georganiseerde babyroof tijdens de Francodictatuur. Ik had er nog nooit over gehoord, maar was meteen geïntrigeerd en ging op zoek naar zoveel mogelijk informatie. Voor de meeste Spanjaarden was die grote kinderroof jarenlang een goed bewaard geheim. Wie er tijdens het Francoregime een vermoeden over had, durfde er niet over te praten. Pasgeboren baby's werden door nonnen en dokters heel vernuftig bij hun ouders weggehaald en er werd een administratief rookgordijn opgetrokken, waardoor niemand iets kon weten. De kinderdiefstal startte om ideologische redenen, en groeide later uit tot een puur lucratieve bezigheid. Hij bleef doorgaan tot begin jaren negentig, lang na Franco's dood. Volgens berekeningen zouden er tot 300.000 kinderen ontvoerd zijn. Het grote meesterbrein was de psychiater Antonio Vallejo-Nájera, die geloofde in een marxistisch gen. Die afwijking kon je alleen 'genezen' door preventief in te grijpen: baby's uit rode gezinnen moesten ondergebracht worden bij rechtse ouders. Daar werden ze dan opgevoed tot rechtschapen, oerconservatieve, katholieke burgers. SOTO Y KOELEMEIJER: Ik vind het fijn om verhalen te verzinnen, maar dan wel op basis van bestaande feiten. Een historisch werk over de grote Spaanse babyroof zou er best wel mogen komen. Maar ik zal het niet schrijven, want dan zou ik over zeeën van tijd moeten beschikken en best niet in Nederland, maar in Spanje leven. Een historische roman schrijven is moeilijker omdat je de werkelijkheid moet vermengen met je eigen fantasie, en makkelijker omdat je de vrijheid hebt zelf een situatie uit te denken en uit te bouwen. In de keuzes die ik als romanschrijver maak, probeer ik wel altijd de historische werkelijkheid te volgen. Dat Miguel er niet in slaagt zijn echte vader en moeder op te sporen, is gebaseerd op de meeste verhalen van gestolen kinderen: slechts een kleine minderheid vindt haar echte ouders terug. SOTO Y KOELEMEIJER: Nee, mijn vader is in 1966 vanuit een boerendorp in Extremadura als gastarbeider naar Nederland gekomen. Hij leerde hier mijn moeder kennen en in 1975 ben ik geboren. Ik lijk best heel sterk op zowel mijn vader als moeder. (lacht)Een vriendin die in Madrid woont, stuurde me een berichtje op Facebook: 'Jammer dat een boek zoals het jouwe niet in Spanje wordt geschreven.' Zoveel jaren na Franco leven de Spanjaarden nog steeds in ontkenning. Dat kan niet gezond zijn. Eigenlijk zou het geen overbodige luxe zijn als De gestolen kinderen ook daar zou verschijnen. (J.S.)