Tijd voor vakantie heeft Helmut Lotti niet - 'We zijn druk bezig met het voorbereiden van een Duitse tournee' - maar voor zijn koesterboek wil hij wel even tijd maken. Wel via Skype, want hij wil het boek ook echt laten zien. 'Mijn koesterboek kreeg ik destijds van mijn leraar Oscar Reynebeau, omdat ik in het tweede leerjaar zo mijn best had gedaan. Er plakt dan ook een papieren medaille in: Helmut Lotigiers, 30 juni 1977, Prijs voor Uitmuntendheid. Meneer Reynebeau heeft altijd goed voor me gezorgd. We hadden het thuis niet breed en mijn alleenstaande moeder moest altijd vroeg naar haar werk, zod...

Tijd voor vakantie heeft Helmut Lotti niet - 'We zijn druk bezig met het voorbereiden van een Duitse tournee' - maar voor zijn koesterboek wil hij wel even tijd maken. Wel via Skype, want hij wil het boek ook echt laten zien. 'Mijn koesterboek kreeg ik destijds van mijn leraar Oscar Reynebeau, omdat ik in het tweede leerjaar zo mijn best had gedaan. Er plakt dan ook een papieren medaille in: Helmut Lotigiers, 30 juni 1977, Prijs voor Uitmuntendheid. Meneer Reynebeau heeft altijd goed voor me gezorgd. We hadden het thuis niet breed en mijn alleenstaande moeder moest altijd vroeg naar haar werk, zodat ik voor school vaak bij meneer Reynebeau mocht blijven. Ik verslond er vooral Suske en Wiske, dus gaf hij me een prentenboek over Antonella die nog steeds gelooft in de Wensman - de kerstman, eigenlijk. Haar klasgenootjes lachen haar uit met haar naïviteit en omdat haar ouders arm zijn, is de kans dat ze een cadeautje krijgt nihil. Dus probeert ze, met de hulp van een ballonverkopende ijsventer, een brief naar de Wensman te sturen, in de hoop hem toch te overtuigen. Want ze wil rolschaatsen, en die zijn duur. Ik zal niet verklappen hoe haar wensen uiteindelijk vervuld worden, maar het verhaal heeft me altijd aangegrepen, ook vanwege de mooie illustraties van Gerhard Lahr. Pas een paar jaar geleden, toen ik de rouwannonce van meneer Reynebeau in de bus kreeg, begreep ik hoe scherpzinnig hij was. Blijkbaar heeft hij zich zijn hele leven ingezet om sociale armoede te bestrijden - op dat bericht stond een rits liefdadigheidsprojecten vermeld - en hij moet toen al gezien hebben in welke precaire situatie wij ons bevonden. De parallellen met de weldoener van Antonella zijn frappant: ook mijn moeder ging met soep en roomijs leuren om de eindjes aan elkaar te knopen; ook zij was zeer geliefd - nu nog word ik aangesproken door mensen die mijn moeder kenden. Zelf word ik ook vaak gevraagd voor benefieten en daarin heb ik noodgedwongen een keuze gemaakt. Er zijn zo veel noden die gelenigd moeten worden, maar als je te veel goede doelen steunt, gaat de boodschap verloren. Dus focus ik me, onder meer via mijn ambassadeurschap voor Unicef, op kinderarmoede. De cijfers blijven schrijnend, en het is een verborgen leed: mensen zullen er alles aan doen om hun armoede te verbergen. Het gaat daarbij niet alleen om eenzijdige voeding, maar ook om te dure schoolreisjes of de onmogelijkheid om lid te worden van een sportvereniging. In het liedje Armoe! dat ik maakte voor het Kinderarmoedefonds, staat letterlijk: 'Neen, ik heb die sneakers toch maar niet gekocht / neen, ik was toevallig niet meer ingelogd.' Alle zinnen in dat liedje staan voor de excuses die kinderen bedenken om hun armoede te verbergen. Het is lastig maar noodzakelijk werk: we moeten kinderen een goede basis meegeven, het zijn zij die onze wereld erven. Dus als we ze, net als Antonella, een steuntje in de rug kunnen geven, ziet de toekomst er weer net iets beter uit.' VOLGENDE WEEK RUTH JOOS door Roderik Six - foto Filip Naudts