Seabiscuit
...

Seabiscuit Vanaf 22/10 in de bioscoop. Supersterrendom is niets voor Jeff Bridges. Hij speelde weliswaar in kaskrakers als Against All Odds, Jagged Edge, The Fisher King en The Big Lebowski, maar kiest net zo lief voor een kleine, onafhankelijke film. Hij werkte met alle grote regisseurs, van Francis Ford Coppola en John Frankenheimer tot de gebroeders Coen. En met oscarnominaties voor The Last Picture Show (1972), Thunderbolt and Lightfoot (1974), Starman (1984) en The Contender (2000) is hij een vaste gast bij de uitreiking van de Academy Awards. Gezien zijn palmares is het nogal vreemd dat de acteur het nooit tot de Hollywood-eredivisie heeft geschopt. Maar de relaxte Bridges maakt er zich niet druk om. 'Ik heb een hoop goede rollen gehad, heb gewerkt met fantastische regisseurs en acteurs en word ook nog eens flink betaald voor wat ik doe. Het gebrek aan wereldroem komt misschien doordat ik veel verschillende personages heb gespeeld en niet kan worden vastgepind op één soort rol. Van psychopathische moordenaars tot romantische zachte mannen, ik heb ze allemaal gedaan. Maar ik heb wel altijd typecasting weten te vermijden.' En dus wees Bridges soms ook films af waarvan hij op voorhand wist dat het hits zouden worden, zoals The Firm en Shawshank Redemption. 'Op de een of andere manier lagen die films me niet en ik dacht dat iemand anders het beter zou doen. Een rol kiezen, lijkt wat op verliefd worden. En naarmate ik ouder word, zijn er steeds minder films die mijn aandacht trekken. Ik vind het ook alsmaar moeilijker om me helemaal voor een rol in te zetten omdat het zelden gebeurt dat ik een script lees en denk: Wow, wat een goed verhaal, wat een fantastische rol.' Seabiscuit was blijkbaar wel zo'n verhaal en het personage Charles Howard zo'n rol. De film is gebaseerd op het waargebeurde verhaal van drie pechvogels die met een racepaard genaamd Seabiscuit triomfen vieren in de jaren dertig. Toby Maguire verruilde zijn Spiderman-uniform voor cap en zweep om Red Pollar te spelen, de aan lager wal geraakte jockey die eigenlijk te groot is voor zijn beroep. Bridges speelt de bankroete autofabrikant die zijn laatste geld steekt in het ondermaatse paard en zijn onwaarschijnlijke berijder. 'Een van de verfrissende dingen aan Seabiscuit is dat het een big-budgetfilm is, maar zonder die eeuwige special effects', vindt Bridges. 'Het grote special effect hier is de menselijke emotie. En daar kan, naar mijn idee, niks tegenop.' Naturel en zonder kunstgrepen, dat is de smaak die Bridges prefereert. Dat geldt ook voor hemzelf. De acteur is niet bang om zijn onderkin te tonen, laat de rimpels in zijn voorhoofd niet wegschminken. Daarmee is hij een uitzondering in het door jeugd geobsedeerde Hollywood. De 53-jarige acteur zit goed in zijn, steeds losser hangende, vel. 'Maar soms voel ik me wel ouder dan mijn leeftijd', bekent Bridges. 'Op een goede dag voel ik me 25, op een slechte 60 of 70. Maar ervaring en zelfkennis zijn pluspunten van het ouder worden. Hoewel je op momenten dat je denkt dat je het allemaal door hebt, tegen dingen aan kan lopen die je weer terugwerpen naar het beginnelingenstadium. Dat houdt het ook interessant.'Als jongeling droomde Bridges van een bestaan als rockgitarist. Als zestienjarige verkocht hij al liedjes aan Quincy Jones. In 1969 werkte hij mee aan de soundtrack voor de Dustin Hoffman-film John and Mary. En drie jaar geleden belandde een van zijn composities op de geluidsband van The Contender. Zijn catalogus beslaat inmiddels meer dan 200 songs. Maar hij heeft lang gewacht met het bouwen van een studio in zijn Californische huis. Nu hij eindelijk die stap heeft gezet, heeft hij meteen een platenlabel opgericht, Ramp Records, en een cd getiteld Be Here Soon uitgebracht. 'Muziek was mijn eerste liefde, maar toen mijn filmcarrière begon te lopen, is het een beetje naar de achtergrond geraakt. Dit album was echt een droom. Mijn vrienden David Crosby en Michael McDonald van de Doobie Brothers spelen erop mee. En het kan me niets schelen als mensen het beschouwen als een speeltje van een ijdele acteur. Platen maken, is wat ik de rest van mijn leven wil blijven doen.' Niet dat hij past in het vakje 'monomane rocker'. Al jarenlang is Bridges een bekend gezicht in Washington D.C. waar hij lobbyt voor armoedeprojecten. De opbrengsten van zijn cd gaan dan ook naar het End Hunger Network, de non-profitorganisatie die hij 25 jaar geleden oprichtte met zijn oudere, tevens acterende broer Beau. Bridges noemt zichzelf een 'luie jongen' maar met muziek en liefdadigheid is zijn lijst met hobby's nog niet compleet. Hij schildert (een paar van zijn doeken waren te zien in Fearless) en sinds King Kong in 1976 betreedt hij geen filmset meer zonder camera om zijn nek. Na de opnamen van iedere film doet hij de cast en crew een zelf gemaakt fotodagboek cadeau. 'Mijn foto's zijn kijkjes achter de schermen - een soort homevideos', zegt hij. 'Iedere film heeft zijn eigen sfeer en gevoel. En als ik naar die foto's kijk, dan sta ik weer op die set.' De foto's van Bridges zijn vaak tentoongesteld. Zijn setfoto's van The Contender werden zelfs uitgegeven onder de titel Making The Contender. En de kans is groot dat er van Seabiscuit ook een dergelijk boek verschijnt. Er zullen zeker veel plaatjes inzitten van Toby Maguire, die tussen shoots door zichzelf volpropt met chocoladerepen. Bridges: 'Toby moest voor de rol veel gewicht verliezen, meer dan tien kilo, maar af en toe kon hij het dieet niet meer volhouden. Dan liet hij zich onbeheerst gaan als een doorgedraaide suikerjunk. Het was fascinerend. Hij lachte niet, zelfs geen glimlach. Hij zat alleen maar te malen.' Door Bruno Lester'Ik vind het alsmaar moeilijker om me helemaal voor een film in te zetten omdat ik zelden een goed script lees.'